De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

STUDIEFONDS EN PREDIKANTEN OPLEIDING.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

STUDIEFONDS EN PREDIKANTEN OPLEIDING.

4 minuten leestijd

Het is een voorrecht, dat er dit jaar weer een aantal candidaten zijn toegelaten tot den Heiligen Dienst. Hoe onze gemeenten op die candidaten afvliegen, hebben u de courantenberichten al meegedeeld. Het is geen bijzonderheid als één zoo'n candidaat een tiental beroepen tegelijk krijgt. Hij kan er echter maar één aannemen en de andere gemeenten worden teleurgesteld. Jammer, dat er niet een honderdtal candidaten van onze richting klaar waren. Dan konden tal van gemeenten worden voorzien en ook vele andere gemeenten, die nu een Confessioneel predikant beroepen, zouden zeker een van onze mannen beroepen. Nu is er weinig kans op.
De opleiding van jonge menschen moet dus steeds in het oog worden gehouden. Daarbij stuit men vaak op groote moeilijkheden. Ondanks de beste informaties blijkt het, dat men wel eens in sommigen wordt teleurgesteld. Er zijn er, die steun van den Bond ontvingen, doch later van richting veranderden, zonder zich om hun financieele verplichtingen tegenover onzen Bond te bekommeren.
Het zal wel niet mogelijk zijn om ook in de toekomst aan al die teleurstellingen te ontkomen.
We wilden echter nog op wat anders wijzen. Het Bondsbestuur wordt overladen met brieven om steun. Er zijn vele jongemenschen, dien het tengevolge van de malaise niet zoo best gaat en nu maar eens idee opvatten om predikant te worden.
De goeden niet te na gesproken, mag ieder jongmensch, die tot zulk een verzoek overgaat, zich wel ernstig onderzoeken of hij zich tot dit werk geroepen gevoelt. Indien dit alles toch zonder gebedsworstelingen zou gepaard gaan, ziet het er toch immers maar donker uit met zulk een jongmensch.
Wie het opzienersambt begeert, begeert een voortreffelijk ambt. Maar stel u nu eens voor, dat men eigenlijk ; zelfs in den studietijd geen lust heeft tot de eeuwige dingen, wat moet er dan van worden als men straks geroepen wordt om aan ziekbedden met ernst te vermanen of te vertroosten ? Wat zal er dan van het huisbezoek terecht komen ? Zonder die waarachtige begeerte, zou ik haast zeggen, is er geen treuriger arbeid in te denken.
Welaan, jonge menschen, die er over denkt om u voor te bereiden tot dit heilig ambt: „op de knieën in de binnenkamer tot zelfonderzoek en den Heere om de leiding Zijns Geestes gevraagd".
Zetten we het geestelijke voorop, 't stoffelijke mag geenszins worden uitgeschakeld. De Bond kan maar niet ieder aannemen. Er zijn er velen van degenen, die zich aanmelden, van wie helaas moet worden gezegd, dat ze er niet de capaciteiten voor bezitten. De gymnasiale studie, om te beginnen, valt niet mee. Velen brengen het niet verder dan tweede of derde klas. Dit valt te bejammeren. Doch er is niets aan te doen. Die proefnemingen kosten echter den Bond veel geld. En dan toch zonder resultaat. Daarom is het Bondsbestuur hoe langer hoe meer op dit standpunt gaan staan, dat hij, die ondersteund zal worden, ten minste blijk heeft te geven, dat hij de eerste of tweede klas , van een lyceum of gymnasium met vrucht heeft kunnen volgen.
We kunnen er niet aan denken om te beginnen om iemand weer te brengen op het peil van ontwikkeling van een leerling op de lagere school uit de 7e klas.
Wie op rijperen leeftijd nog wil beginnen, moet eerst beginnen om met alle hem ten dienste staande middelen zich maar eens te bekwamen voor Ie of 2e klas van lyceum of gymnasium.
Pas dan is de candidaat zoo ver, dat er met hem over te praten is. Ik zeg : over te praten. Gezien de ervaringen, zullen we toch hoe langer hoe meer ernstig hebben toe te zien bij het toekennen van steun. We komen ook te staan voor het feit, dat de gaven verminderen en dat dientengevolge in de toekomst ook de ondersteuningen verlaagd moeten worden.
Het Bondsbestuur is verblijd met de restitutie van elk bedrag van de zijde van hen, die in studententij'd van het Studiefonds hebben genoten.
We eindigen met den wensch, dat de Heere de harten van ons volk moge blijven neigen, opdat de gaven, ondanks de malaise, ook bij den nieuwen Penningmeester rijkelijk mogen toevloeien.
Uw gave voor het Studiefonds is geld op interest. Ge krijgt er uwe bedienaren des Woords voor terug.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 juli 1931

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

STUDIEFONDS EN PREDIKANTEN OPLEIDING.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 juli 1931

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's