FINANCIËN
Morgen begint er weer een nieuwe maand.
We schrijven dan al wederom Augustus. Welke gedachten hierdoor worden gewekt, is zeker niet zoo heel moeilijk aan te geven.
Dat is onze vacantie-maand, zoo wordt van alle kanten me toegeroepen. Wat van de maand Juli maar voor een gedeelte geldt, kan vrijwel van heel de Augustusmaand worden gezegd : dan wordt door velen het bijltje er bij neergelegd.
De plannen, groot of klein, reeds lang van te voren opgemaakt en waarbij men zich reeds bij voorbaat verheugde, worden nu in daadwerkelijkheid omgezet.
Jammer, dat men het zoo gauw weer achter den rug heeft.
Trouwens dit geldt van alles wat men plezierig vindt. Dat is voorbij vóór men er erg in heeft. Precies omgekeerd met wat als onbehagelijk wordt aangevoeld. Dat duurt alles even lang. Het kruipt tergend langzaam voorbij. Denkt maar eens aan een nacht, waarin ge niet slapen kondet. Wat kropen de uren voorbij: Als alles gewoon gaat, vraagt ge bij het wekken : „is het nu al weer tijd ? "
Zoo gaat het met de vacanties ook. Nu, daarover spreken we misschien later nog wel eens. Ik hoop, dat ge veel genieten moogt in de komende dagen.
Doch dit was toch het eenige niet wat ik beluisterde. Er blijven toch nog genoeg menschen over, die zoo goed als nooit vacantie hebben. Zij weten daar niet van. Zoo'n enkel dagje naar de familie is vrijwel het eenige uitstapje dat men zich veroorlooft.
Misschien dat ge mij in de rede valt: Eén ding hebt ge over het hoofd gezien. En dat is de Zendingsdag op den eersten Donderdag in Augustus.
Hier gaat ons Gereformeerde volk ook graag heen. Deze Donderdag wordt door hen vrijgehouden. Naar ik meen, is hier op dit oude gebruik maar één keer eens uitzondering gemaakt. En dat was verleden jaar. Wij zullen dezen dag niet licht vergeten. Toen hebben wij onzen Penningmeester, die natuurlijk op dezen dag ook op het terrein moest wezen, opeens zien vellen. De dood liet opeens op dien breeden schouder zijn hand vallen en waaraan niemand had gedacht een moment te voren, was gebeurd. Collega Jongebreur was niet meer. Dit feit, dit droeve feit had plaats op den laatst gehouden Zendingsdag. Daarom zeiden wij ook : wij zullen dien Donderdag in Juli niet vergeten.
't Is nu weer op den ouden vastgestelden datum. Wij hopen er ook te zijn.
't Ligt n.l. wel eenigszins voor de hand om, wie den Bond een goed hart toedragen en daarvan een blijk willen geven, de gelegenheid om dit persoonlijk te doen, niet te benemen.
Gereformeerde Bond en Zendingsbond zijn als twee broeders uit één gezin. In Gereformeerde lijn wordt het zaad des Evangelies uitgestrooid op verren akker en meer van nabij. Ja, ik zie het verband zóó sterk, dat ik mij den een buiten den ander niet kan denken. Zou ik aan het heidendom al mijn arbeid geven, en wat ik rondom mij zie wegzinken niet gedenken ?
Onmogelijk. Het volk zelf voelt dit evenzoo. Zij meenen vast dat het één is. 'k Herinner mij eens het bezoek van een vader, die steun vroeg uit het Studiefonds van den Gereformeerden Bond. Hij voerde onder meer ook dit argument aan : „ik werk met „Alle den Volcke" en mijn kinderen loopen met een busje, dus ik meen alleszins recht te hebben mij tot u te wenden".
Zoo voelt het eenvoudige volk het aan. Het is in wortel en doel één. Het stoelt op het fundament van Gods onbedriegelijk Woord en het beoogt zondaren te brengen aan de voeten van Koning Jezus.
Vandaar ons gezamenlijk optrekken. We doen het ook op dezen dag. Zoo de Heere wil, hopen wij elkander te zien op 't welbekende terrein van de Rijssenburgsche bosschen.
Een goede dag worde ons daartoe door Gods hand geschonken.
Nu tenslotte nog het overzicht van de laatste week.
De giften waren de volgende : Ie. door ds. Klomp te Westbroek een gift uit de gemeente met bijschrift: uit dankbaarheid aan den Heere, voor het Leerstoelfonds ƒ 2.50
2e. door ds. Enkelaar uit Hasselt van N.N. te Hasselt voor 't Studiefonds.. „ 10.—
3e. door ds. G. Alers te Dordt, ontvangen na den dienst in de Zuiderkerk van N.N. voor 't Studiefonds.., , 1.—
4e. door diaken G. Hoogenboom te Oud-Beijerland, in de collecte gevonden 5.—
5e. door den heer J. C. Plaat te Weesp voor het Studiefonds „ 5.—
6e. door den kerkeraad der Ned. Hervormde gemeente te Wierden van een beurt van A. Nijkamp, godsdienstonderwijzer te Rijssen, voor 't Studiefonds 20.—
Tezamen ƒ 43.50
Wij zijn dankbaar voor het ons toegezondene en bevelen onze zaken krachtig bij ons Gereformeerde volk aan.
Utrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 juli 1931
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 31 juli 1931
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's