FINANCIËN
Daar zitten zooveel verschillende kanten aan de rubriek „Financiën", dat men vaak een weinig in verlegenheid verkeert welk puntmomentelijk de meeste aandacht voor zich opvordert.
Laat me maar dadelijk bekennen, dat ik me den gang van zaken van deze week heel anders had voorgesteld dan hij is geloopen.
De vorige week was ik buitengewoon tevreden met wat ingekomen was. Stel u voor, meer dan tweehonderd gulden, en dan in dezen vacantietijd, waarin elke penningmeester klaagt over slechte inkomsten. Dit zijn de magerste weken mee van het heele jaar. En dan zulk een uitkomst. Was de eindsom prachtig, wat ook niet onopgemerkt mag voorbijgaan, dat dit resultaat werd verkregen door het meeleven van onze menschen in verschillende streken van ons land.
Dat juist zegt niet weinig. De posten waren tezaamgebracht uit alle mogelijke provinciën, 't Is u wellicht reeds lang opgevallen, dat het langzamerhand gewoonte is geworden om bij het afscheid-preeken-en bij het intrede-doen in onze gemeenten te collecteeren voor het Studiefonds en den Leerstoel van den Bond.
Wat ligt nu ook meer voor de hand dan dit ? 't Kan haast niet anders. Immers wanneer wordt het meer gevoeld een eigen herder en leeraar te hebben, dan in deze oogenblikken ? Er komt iets in uit, dat spreekt van dank voor het voorrecht een Dienaar des Woords gehad te hebben, die dit in afhankelijkheid van den Heer e mocht bedienen. Terwijl bij de intrede het hart warm klopt en deze blijdschap wil toonen ook met-ter-daad door mee te helpen bouwen aan de Kerk, welke ons lief is ; door het steun bieden aan studenten en gymnasiasten, welke zich voorbereiden voor het predikambt. Ik voel het zóó, dat er iets hapert wanneer deze gelegenheid zoo maar voorbij gaat zonder aan deze fondsen in het bizonder te gedenken. En dat ik in dit voelen niet alleen sta, blijkt ten duidelijkste uit deze rubriek. Langzamerhand komt het zóó te staan, dat het uitzonderingen worden waar het niet gebeurt. Van de dominees, die mede door steun van den Bond gestudeerd hebben, is dit vanzelfsprekend, dat van hen mede de vraag uitgaat tot den kerkeraad om te mogen collecteeren, doch dat ook zij niet achterblijven, die dit nie6 hebben gehad, stemt tot dubbelen dank.
't Ligt voor de hand, dat de gemeenten zelve in dezen ook meeleven. Wanneer hier geen geschikte klankbodem werd gevonden, bleef alles vanzelf achterwege.
Wanneer ik denk aan verschillende plaatsen, waar ik meerdere malen zelf 't Woord bediende, en dat met zooveel genoegen, dan viel de Langstraat er niet buiten en Rijssen stond niet achteraan. Wat was daar een ruimte voor het Woord. Hoe voelde ik me hier als in het midden van mijn volk. Zie, daarom doet het my zoo goed uit deze plaatsen de meest ondubbelzinnige blijken te ontvangen van meeleven met de zaak van ons Gereformeerde volk.
Toen ik verleden week vanuit 's-Grevelduin-Capelle die prachtige collecte ontving, voelde ik reeds bij intuïtie, dat er in Rijssen ook zeker in deze richting zou worden gewerkt. Trouwens op den Zendingsdag werd mij ook al iets van dezen aard in het oor gefluisterd.
En nu het resultaat.
Was het verleden week prachtig, de inkomsten van deze week klimmen er nog boven uit. 'kZal het maar dadelijk zeggen. Deze bedroegen dit keer
f 253.23.
Hoe vindt ge zulks ? Is het niet om er klein onder te worden ? Voor mij stond het zoo zeker als iets, dat het overzicht van deze week niet anders dan de meest blijde tonen zou bevatten. en toch bleek het, dat er ruimte moest worden gelaten aan tegenovergestelde gevoelens. De sluitpost is met een rouwrand omtrokken.
Als de machtige sprake des doods zich laat hooren, zwijgt elke jubel van onzen kant.
Laat ons thans overzicht geven van wat er inkwam.
Het begon met een postwissel uit Meppel. Ie: Meerdere vrienden hadden daar hun giften bij elkander gebracht.
Van W. gaf ƒ1.— ; de wed. W. ƒ1.— en evenzoo ook een gulden van L. Deze giften waren voor het Studiefonds. Van Sch. kwam ƒ 1.— voor den Evangelisatiearbeid. Samen alzoo..ƒ 4.—
2e. Door ds. Van Willigen, thans te Rijssen, werd mij de collecte toegezonden van zijn bevestiging en intrede aldaar. Deze bedroeg de kolossale som van ƒ 139.90
Onze oprechte dank in dezen.
3e. Door ds. v. d. Graaf te Nijkerk gecollecteerd aldaar op 9 Aug ƒ 10.—
4e. Door ds. Heijer te Vlaardingen gevonden in de collecte aldaar op 9 Aug., waar ik zelf voorging; van N.
N. ƒ 2.50 ; nog eens van N.N. ƒ 2.50. Mij persoonlijk ter hand gesteld door N.N. ƒ 1.— en door mej. de Gr. ƒ 1.75. Samen f 7.75
5e. Door ds. Holland te Putten, hem ter hand gesteld op den Zendingsdag
te Zwolle, door V ƒ 2.50 6e. Tenslotte door ds. Rappard te Dinteloord eigenhandig mij toegezonden de laatst door hem gehouden collecte, gehouden voor het Studiefonds te Hasselt. Deze bedroeg de aanzienlijke som van ƒ 90.08
Met een vriendelijk onderschrift zond hij een enkelen dag vóór zijn plotseling heengaan mij deze collecte.
Zie, daar is droefheid in mijn ziel en mijn hart is. bewogen. Ik telde hem voor luttel jaren nog onder mijn catechisanten. Met meerdere studenten toefde hij vaak op mijn studeerkamer. Zijn loopbaan werd door mij altijd met veel sympathie gevolgd, 't Was een jongeman om veel van te houden. Geliefd om zijn persoon, geliefd niet minder om de prediking van het volle, rijke Evangelie van een rijken Christus voor een armen zondaar.
Geheel onverwacht is hij weggenomen. 'sHeeren hand heeft het gedaan. Heel in stilte is hij ontslapen. Dat wij Gode leeren zwijgen. Wat de dichter zingt, blijkt waar te zijn :
Gods doen is enkel majesteit, Aanbiddelijke heerlijkheid En Zijn gerechtigheid onendig.
Majesteitelijk is heel Zijn werk. Hij doet het alleen. Geve de Heere hierin rust te vinden : wie achter de gerechtigheid van den rijken Borg mag schuilen is veilig en geborgen. Diens gerechtigheid duurt tot in eeuwigheid.
Doe de Heere dit aan de Zijnen verstaan, inzonderheid in deze dagen. Dat Hij haar, die achterbleef, met de zijnen, trooste en bijsta, opdat zij niet bezwijken.
Deze bekentenis laat zich verstaan ; onze persoonlijke droefheid kunnen wij niet verbergen, wanneer wij melding maken van wat hij den laatsten zondag nog heeft mogen doen voor onzen Bond. Wat wij zooeven reeds opmerkten, blijkt al weer bewaarheid : wij denken dat onze wegen zóó zullen zijn en aan 't einde is het heel anders.
Dit staat vast, als God Zelf ons voorgaat, is het einde zeker eeuwige blijdschap en vreugde.
Utrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 augustus 1931
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 augustus 1931
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's