FINANCIËN
't Is al enkele jaren geleden, dat ik bij mijn bezoeken in de wijk kwam in een zaak, waar blijkbaar niet veel te doen was.De man, die me ontving, noodigde me binnen. Een klein gezin, man, vrouw en twee kinderen, trof ik aan. Van buiten gekomen, ongeveer een half jaar geleden, waren zij nog niet in de omgeving thuis.
'k Vroeg — om toch een begin te hebben met ons gesprek — of zij over den gang van zaken nogal tevreden kónden zijn.
En nu kunt ge niet begrijpen, welke uitwerking deze vraag had. De man zag naar de vrouw, en omgekeerd, met dit gevolg, dat de laatste zonder iets te zeggen de kamer verliet om na enkele oogenblikken door haar man gevolgd te worden, 'k Had een der allergevoeligste plekjes aangeraakt.
Stel u voor, daar zat ik met twee kleine kinderen, die me verbouwereerd aankeken.
Wat had die vreemde man vader en moeder gedaan ?
Ja wat, wat zou door hen zijn uitgevoerd ?
't Duurde vrij langen tijd voor er een van beiden weer voor het voetlicht kwam. En nu volgde een verhaal waaruit nu ten duidelijkste bleek, hoe deze menschen te moede waren geweest bij' mijn vraag omtrent den stand van hunne zaak.
Och, Dominé, zoo luidde de bekentenis, wanneer de bel gaat schrikken wij beiden op. Er is letterlijk niets te doen. Wij zijn bezig onze laatste penningen te verteren.
Als het zoo doorgaat, worden wij straatarm. En dat er verandering in zal komen, betwijfelen wij ten sterkste. Wij moeten hier uit. 'Wanneer de mogelijkheid eens bestond van de huur te worden ontslagen, was dit voor ons een uitredding.
Dit keer werd ons bezoek niet lang gemaakt,terwijl de belofte onzerzijds werd gedaan spoedig onze komst te hervatten.
Dienzelfden dag nog werd de eigenaar van het pand bewogen de huurders te ontslaan van hun verplichting in dezen.
Welk een blijdschap werd gevonden bij zulk een resultaat. Zie, tot dit gezin had ik een ruimen ingang verkregen. Het natuurlijke staat niet los van het geestelijke. De kinderen van dit gezin telde ik later natuurlijk onder mijn trouwste catechisanten, terwijl ik de ouders beiden blijvend aan mij had verbonden.
Dit verhaal doe ik met een zekere bedoeling, om n.l. te illustreeren wat voor uitwerking het heeft als zaken slecht gaan.
Als de bel overgaat, schrikken wij beiden op, zei de man.
Zoo zou het ook ons kunnen gaan bij ons werk. De mogelijkheid is verre van denkbeeldig dat in deze dagen onze bel zoo goed als nooit overging. Dat wil zeggen, dat de post ons, wat de zaken van den Bond aangaat, alle dagen voorbijging. Dat dit anders is, stemt ons tot gedurige vreugde.
Daar gaat letterlijk nooit een keer de post ons huis voorbij. De bus zit soms haast verstopt. Ik heb dan ook mijn maatregelen moeten treffen. De Administratie van De Waarheidsvriend zal dan ook naar Maassluis, Markt 9, worden verlegd. Hier heeft men meerdere handen tot zijn beschikking, dan hier in de Frans Halsstraat.
Wat de penningen betreft, hebben we alle reden tot tevredenheid, of moet naar een ander woord worden omgezien, wij ontvangen dagelijks stof tot blijdschap, en dank aan God.
Enkele weken achter elkander bedroegen de inkomsten de niet onbelangrijke eindsom van 300 gulden. Eén keer kwam het voor, dat een kleine sluitpost het zooeven genoemd honderdtal moest volmaken. Deze werd door een gewillige hand er dan ook aan toegevoegd.
Na dezen werd weer een ander tempo aangegeven. Verleden week was het meer dan het dubbele : zeshonderd gulden in één week. Ik vreesde dat dit maar voor één keer zijn.zou, al was de hoop niet uitgesloten op een verderen voortgang in ditzelfde spoor.
En ziet, nu zijn wij al weer geklommen.
En ziet, nu zijn wij al weer geklommen. 't Is nog meer dan de vorige week. Van alle kanten komen de gaven ons toevloeien. Van plaatsen, van waar we nooit iets hadden vernomen, gewerden ons postwissels of girobiljetten. Is dit niet opmerkelijk in onzen tijd ? Wanneer in dagen van veel geld verdienen iets wordt afgeschoven voor dingen als de onze, springt dit lang zoo niet in het oog. Dan zijn het weeldegaven.
Maar nu zien wij daarin iets meer, iets anders. Wij zien er Gods hand in. Gods bemoeienissen met ons.
Verleden Zaterdag-avond werd ik een oogenblik van mijn werk geroepen : er was een juffrouw, die ik even te woord moest staan. Zij overhandigde mij een briefje, dat ik dadelijk open moest maken.
En wat denkt ge dat ik daarin vond?
Een nieuw briefje van 100 gulden, 't Was de eerste maal dat ik zoo een zag. En toen ik vroeg, van wien dit kwam, luidde het antwoord : dit is de uitgesproken wensch van een die heen is gegaan. Hij had gehoopt het nog zelf te mogen doen, gelijk hij reeds één keer gedaan had voor enkele jaren, maar zwakte verhinderde zulks. En zie, nu was dit de uitvoering van een van zijn laatste wenschen : voor het Studiefonds.
Voor mij, zoo had hij gezegd : is het niet meer noodig. Ik hoop het te zien en te ontvangen. Maar het nageslacht kan er niet buiten. De Waarheid Gods moet blijvend worden verkondigd.
Wat aan dit alles zulk een bekoorlijk schijnsel geeft is het zorgvuldig waken voor eenige bekendheid in deze. Ik heb nooit den naam van den gever kunnen ontdekken en weet deze nog niet.
Geen ijdele roem, geen valsche eer van menschen, geen werken om er de zaligheid mee te verdienen. God is het zoo waardig om door het onze verheerlijkt te worden.
Van Hem is immers alle ding. Ons stempel mag er op staan. Hij is en blijft de eigenaar. Hem behoort het toe.
Was dit een gift, waarbij ik even stil stond en sta, er zijn er meerdere waarover ik graag nog even iets zou willen zeggen.
Een ouderpaar zag zich van den Heere 'n mijlpaal aangewezen, waarop stond „Tot hiertoe heeft ons de Heere geholpen". Men noemt dit een koperen feest. 121/2 jaar waren zij getrouwd, maar bij koper hebben zij het niet gelaten, voor elk jaar gaven zij een zilveren gulden. Wij. gelooven, dat hiervan uit een klank wordt uitgedragen, welke wijd doorklinkt. Er zijn er meerderen, die stilzwijgend zijn doorgegaan, zonder God er in te kennen. Zoo bestaat de mogelijkheid, dat meerdere gaven volgen
Ik heb meer voor dezen keer.
Verleden week heb ik de busjes weer geledigd en geteld uit enkele plaatsen, waar onze verzamelaars geregeld hun arbeid verrichten. Hoeveel dank dezen vrienden toekomt, weet ik niet. 't Is een van de mooiste uitvindingen, welke onze voortrekkers ons hebben nagelaten. Hoeveel deze busjes al hebben opgebracht, is bij lange na niet te begrooten. Uit Schoonhoven kwam telkens de verrassende tijding : alweer is de honderd vol. Wanneer ik het busje vanuit Zegveld eens nareken, dan ben ik zeker dat de opbrengst daarvan in de honderden loopt. Uit Hazerswoude, Slikkerveer, enz., ik noem maar een enkele, zonder de anderen, die zich evenveel moeite gaven om te verzamelen, te vergeten.
Doch zie, nu héb ik een vriendelijk, doch dringend verzoek. Tusschen de dingen welke ik onder mijn berusting heb, is ook een cahier met de nummers der busjes, welke in den loop der jaren zijn uitgegeven. Niet weinigen zijn in ruste, tenminste zij lieten in afzienbaren tijd niets van zich hooren. In onze dagen hooren wij telkens uitdrukkingen als deze: .„Die is zonder". D.w.z. zonder werk. Dit slaat op menschen, maar hier moet het ook worden gezegd van „onze busjes".
Stuur nu deze werklooze busjes eens naar mij toe, of wat nog beter is : zet ze eens aan het werk en zend mij straks den inhoud. Mag ik op veler steun en medewerking rekenen ?
Thans zet ik er een punt achter, opdat ge zult zien hoe onze fondsen in deze week onder Godes gunst weer rijkelijk werden bedacht.
1. De contributie van leden van den Geref. Bond te Eindhoven ƒ 5.— Te Zeist, Ie gedeelte Te Utrecht Te Alkmaar ƒ 89.13 ƒ 169.05 ƒ 10.50 Door den heer Middelhoven te Veenendaal ƒ4.27 plus ƒ 27.30 plus ƒ 28.30 plus ƒ 38.80 is ƒ 98.67 2. Door den heer Biksterman te Amsterdam ƒ 3. Door ds. Van Wijngaarden te Veenendaal :
2 giften van ieder een rijksdaalder en 1 gift van 5 gld. ƒ 4. Van den heer P, J. de Graaf te Utrecht, voor het Studiefonds ƒ 5. Op de Bijbellezing van 5 Nov. te Utrecht voor het Studiefonds ƒ 6. Gecollecteerd te Maassluis bij een spreekbeurt, waar voorging ds. Pop te Monster, met nagift plus 5 gulden voor de Bondskas ƒ 7. Van een echtpaar te Hooghalen, dat 12'/2 jaar getrouwd was, een dank offer van ƒ 8. Uit het busje van de fam. Ditmarsch te Utrecht ƒ 2.50 1.-10.-58.-12.50 5.71
9. Aan huis bezorgd als een wensch van een overledene, door de wed. H. K. te M. ƒ 100.—
10. Door ds. Van der Wal te Wageningen, gevonden in de collecte op Dankdag, voor het Studiefonds ƒ 1.—
11. Door ds. Van Willigen te Rijssen gevonden in de collecte op Dankdag ƒ2.50 plus ƒ7.50 uit de catechisatiebus. ƒ Een prachtige wenk aan vele collega's. 10.-~
12. Collecte, gehouden te Alphen a. d. Rijn bij een lezing van ds. Kruishoop te Bodegraven ƒ 23.05
13. Door den heer J. M. van Meer te Harderwijk 4 gld. als abonnementsgeld van de wed. L. V. en 6 gld. voor de opleiding ƒ 10.-~
|Van meerdere plaatsen, als Den Haag en Rotterdam, Delft en Huizen, hoop ik volgende week te verantwoorden. Thans bedraagt de eindsom f 611.11.
De Heere heeft het meer dan wel gemaakt. Zijn Naam zij geprezen.
Utrecht.
Ds. J. GOSLINGA.
POSTZEGELS, CAPS. EN ZILVERPAPIER.
Ontvangen van :
le.-Mej. P. A. E. Moerman, Delft, postz., caps, en zilverpapier, verzameld door de kinderen der Chr. Fröbelschool.
2e. De kinderen De Hoog, Kampen, postzegels en zilverpapier.
3e. Mej. J. de Geer, Leiden, een groote partij zilverpapier.
4e. N.N. te Bodegraven, postzegels, theelood en 200 halve centen.
5e. Pieter en Anna van Beek, Vlissingen, postz., caps, en zilverpapier,
6e. ben heer H. van Manen, Den Haag, een groote partij zilverpapier en theelood.
7e. Jo en Lena van 't Hof, Gouda, postz., caps, en zilverpapier.
8e. Een onbekende gever een pakje met 120 halve stuivers en postz. en zilverp. 't Begint toch al wat beter te worden, maar toch moet het nog beter worden, willen we tot een goed einde komen. Als ik tenminste denk aan andere jaren wat ik allemaal ontving, dan verwacht ik nog heel wat.
Intusschen hartelijk dank voor hetgeen ik reeds ontvangen mocht.
Met vriendelijke aanbeveling. groeten en hartelijke
Mej. J. DEN HARTOG.
Krommedijk 60, Dordrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 november 1931
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 november 1931
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's