De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

5 minuten leestijd

BEZUINIGINGEN BIJ ONDERWIJS.
Het was te verwachten, dat, wanneer de Minister van Onderwijs zijne voornemens zou kenbaar maken, ten aanzien van de in de eerstkomende jaren bij zijn Departement te volgen gedragslijn, dit bij degenen die bij elke bezuiniging op het gebied van het onderwijs al gauw den mond vol hebben over verwaarloozing van jeugdbelangen, aanleiding zou geven om het beleid van den Minister af te keuren en het vertrouwen in dien bewindsman op te zeggen.
En inderdaad is het ook zoo toegegaan. Nauwelijks is de Memorie van Antwoord op het Voorloopig Verslag nopens de Onderwijs-begrooting verschenen, of men spreekt van een allerellendigsten indruk, dien de inhoud van de Memorie maakt, en roept het uit, dat het alles straffe bezuiniging is, wat de klok slaat.
Zij die intusschen zoo spreken, ja, zelfs verder gaan en gewagen van een afbraakpolitiek van den Minister van Onderwijs, schijnen niet te begrijpen dat als op alle onderdeelen van regeeringszorg moet worden bezuinigd, omdat de buitengewoon moeilijke tijdsomstandigheden dat eischen, de uitgaven ten behoeve van het onderwijs niet ongemoeid kunnen blijven.
Drie grieven worden nu tegen het beleid van mr. Terpstra aangevoerd.
In de eerste plaats de mededeeling van den Minister in de Memorie van Antwoord, dat het kostenbezwaar hem noopt af te zien van de verdere behandeling van het ontwerp eener cursuswet voor de jeugd, die den leerplichtigen leeftijd te boven is. Dit ontwerp, dat op het oog heeft het belang der ontwikkeling van de leerplichtvrije jeugd, die niet een school van voortgezet onderwijs (middelbaar onderwijs, nijverheidsonderwijs enz.) bezoekt, was door Minister Terpstra omgewerkt, met het gevolg dat een gewijzigd ontwerp op 21 October 1930 werd ingediend. Uit financieele overwegingen moet de behandeling van dit gewijzigde ontwerp thans tijdelijk blijven rusten.
In de tweede plaats het onvervuld laten van den wensch tot uitbreiding van den leerplicht met een achtste jaar. De voorstanders van deze uitbreiding achten de invoering van den 8-jarigen leerplicht, afgezien nog van het feit, dat het arbeiderskind een schooltijd van 8 jaar voor zijne ontwikkeling behoeft, noodig op grond van de omstandigheid, dat daardoor de overladen arbeidsmarkt van de jongsten wordt ontlast. Tevens zou de uitbreiding van den leerplicht moeten dienen om de school bij den arbeidsleeftijd, welke de wet op 14 jaar stelt, te doen aansluiten.
Zooals wij voor deze zaak staan, hopen wij, dat de Minister, ook al zullen de financiën des Rijks dit later weer toelaten, ziine medewerking: tot .uitbreiding van den leerplicht niet zal verleenèn. Komen er te zijner tijd gelden vrij ten behoeve van het onderwijs, dan zal allereerst moeten worden gedacht aan de duizenden schipperskinderen die op dit oogenblik nog geheel of gedeeltelijk van onderwijs zijn verstoken.
En in de derde plaats de voorstellen tot het grooter maken van de schoolklassen. De wijziging van de Lager Onderwijswet 1920, waarbij de uniforme 45-en 26-leerlingenschalen, respectievelijk voor het lager-en het uitgebreid lager onderwijs, worden ingevoerd, is — zooals gezegd wordt — niet alleen een denkbeeld, dat in strijd is met de pacificatie, maar ook bedoeld als een poging om de deugdelijkheid van het onderwijs voor goed in te krimpen.
Tegen deze verslechtering van het onderwijs moet het volk zich hardnekkig verzetten en het worden opgeroepen tot het voeren van een directe en indirecte actie.
Met het oog op deze drie grieven tegen het beleid van den Minister van Onderwijs, zal het mr. Terpstra niet gemakkelijk worden gemaakt bij de verdediging van zijne begrooting.
Echter kan deze bewindsman er gerust op gaan, dat hoe fel de strijd ook zijn zal, de groote meerderheid van parlement en volk achter hem staan, omdat zij weten dat, hoe ongaarne ook, de buitengewoon moeilijke tijdsomstandigheden er toe nopen ook bij het Departement van Onderwijs de zuinigheid te betrachten.

DURE SCHOOLTJES.
In verband met hetgeen wij hierboven over de bezuinigingsmaatregelen van den Minister van Onderwijs schreven, maakt „Vooruit", het dagblad van de Soc. Democratische Arbeiders Partij, de schampere opmerking : dat „vanwege de pacificatie, minder godsdienstige dure schooltjes van allerlei richting niet mogelijk is".
Men staat van zulk een opmerking verbaasd.
Want, wanneer men de statistieken van het onderwijs naslaat, dan vindt men de kleine dure schooltjes niet bij het bijzonder onderwijs, maar wel bij het openbaar onderwijs.
Dit blijkt in de eerste plaats bij het nagaan van de gemiddelde schoolgrootte. Het gemiddeld aantal leerlingen per school bedraagt bij het openbaar onderwijs 136, bij het Protestantsch Christelijk onderwijs 163 en bij het Roomsch Katholiek onderwijs 196 kinderen. En wat het aantal scholen met minder dan 40 leerlingen betreft, in totaal 428, vindt men 't overgroote deel, n.l. 345, onder de openbare scholen. Van de 579 scholen met 41—60 leerlingen behooren er 349 en van de eveneens 579 scholen met 61—80 leerlingen 300 tot het openbaar onderwijs.
Deze cijfers worden voor de openbare scholen nog ongunstiger, wanneer in aanmerking wordt genomen dat 40% der leerlingen nog slechts tot het openbaar onderwijs en 60% der leerlingen tot het bijzonder onderwijs worden gerekend.
Wat blijft er dan over van de opmerking „van de godsdienstige dure schooltjes" ?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 december 1931

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 december 1931

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's