De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

INGEZONDEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

INGEZONDEN

5 minuten leestijd

Geachte Redactie,
Instemmend met het schrijven van „Een Ouderling der Ned. Herv. Kerk", wil ik als mijn gevoelen kenbaar maken, dat alle Psalmen kunnen en moeten gezongen worden. Men mag aan Gods Woord niets toevoegen en van Gods Woord ook niets afdoen. Ook de 29 Psalmen, die aangewezen zijn als nooit gebruikt. Gezangen hebben we niet noodig. We komen dan op een hellend  vlak. En daarvoor moeten we ons wachten.
EEN GETROUW LEZER EN LID VAN DEN GEREFORM. BOND.

Onderschrift van den Hoofdredacteur.

Wij hebben nog een paar Ingezonden Stukken ontvangen over het zingen, het orgel, de Psalmen en de Gezangen, enz. Maar 't blijft, soms met ongeveer dezelfde woorden, bij vóór-en tegenstanders van het Nieuw - Testamentische lied, op hetzelfde punt staan. Ons dunkt, dat we nu weer even deze zaak moeten laten rusten tot zich weer nieuwe gezichtspunten openen.
M. V. G.

DE OUDEJAARSAVOND-COLLECTE.
In het nummer van 31 December komt een kort stukje voor onder hetzelfde opschrift als boven dit „Ingezonden" staat. Daarin wordt terecht gezegd dat het ook voor onze Gereformeerde gemeenten een schande is dat er niets wordt gedaan voor de emeriti, noch ook voor de weduwen en weezen der predikanten.
Hoeveel moeite het nu ook moge kosten over deze zaak te schrijven, wat er geschreven wordt in ons orgaan, moet dan toch duidelijk zijn — ik bedoel, dat niet maar gezegd wordt dat er iets gedaan moet worden, maar ook h óé zulks geschieden kan.
Een paar vragen : „Wat zal men nu doen op 31 December ? " „Wat zal men verder doen ? " en een verzuchting „De Heere lelde ons nog eens met de Kerk der Vaderen in rechte wegen", zeggen tegelijk veel én te weinig !
Bidt en werkt!
In plaats van het: „De kansen der Kerk zijn vele nu —", in dit verband nog onbegrijpelijker dan in welk ander verband dan ook, had ik verwacht (en dat niet eerst in het nummer van 31 December!) een opwekking om de kas voor Herv. Geref. emeriti enz., penningmeester de heer Weener te Utrecht, krachtig te steunen.
Nog altijd immers sturen ruim 20 Geref. gemeenten hun collecte op naar den Bond van Predikanten, een „algemeene", niet-kerkelijke instelling, waarvan geen enkel Bondspredikant lid is bij mijn weten. En toch — geen speciale aanbeveling van onze eigen kas in „De Waarheidsvriend".
Dit is te meer bevreemdend, omdat onder den velerlei nood, die de Herdenkingscommissie indertijd den volke op het hart wilde binden, als no. 6 genoemd werd :
„Wij denken aan de Hervormde Emeriti predikanten, weduwen en weezen, de nagelaten betrekkingen dergenen, die 't Woord der Waarheid in onze Kerk hebben uitgedragen en zich de Gereformeerde belijdenis niet hebben geschaamd".
Heeft de „Kas voor Herv. Geref. Emeriti" (penningmeester de heer Weener) een deel van de jubileumgave ontvangen ? Die verwachting is m.i. gewekt door de circulaire van de Herdenkingscommissie.
Gaarne nu de volgende vragen :
Ie. Waarom wekt „De Waarheidsvriend" niet vroegtijdig en duidelijk op om in de eerste plaats onze eigen kas te steunen, te meer, waar menige gemeente achterbleef tot hiertoe ? Of ook, hinkende op twee gedachten, de Oudejaarsavond-collecte verdeelde tusschen „Den Haag" en „Utrecht"?
2e. Kan in 't vervolg adres en gironummer van den Penningmeester onzer kas niet met vette letters worden vermeld, opdat Gereformeerde Bonders „in de verstrooiing" hun gaven particulier naar Utrecht kunnen opzenden ?
3e. Zou het niet wenschelijk zijn, dat onze Kerkvoogdijen en Diaconieën opgewekt worden dezen noodigen arbeid te steunen met vaste bijdragen en giften ineens ?
Dan eerst hebben wij iets gedaan, van wat zelfs nu nog mogelijk is en te weinig wordt getracht.
Met dank voor de opname.
Hoogachtend,
P. A. A. KLUSENER, Pred.
Wanswerd (Fr.), 4 Jan. 1932.

Onderschrift van den Hoofdredacteur.
Wij willen gaarne de goede en vriendelijke raadgevingen van den inzender-collega ter harte nemen. Overigens zijn wij gewoon op ons eigen terrein te blijven. Hoe nuttig en noodig de Zendingscollecten zijn — vooral in dezen tijd — zoo maken wij er doorgaans niet met zooveel woorden melding van — zelfs niet van de Pinkstercollecte — omdat we ons liefst houden op eigen terrein en 't meer over de Paaschdagen over de Pinkstercollecte hebben. Ook voelen we veel voor een Najaars-collecte voor het Evangelisatie-werk, als onderdeel van onze Bondsactie. De Oudejaarsavondcollecte heeft niets met onze Bondsactie uit te staan.
Wij vermoeden, dat ook de Penningmeester nu wel spoedig zal „afrekenen". Hoewel we overigens er van overtuigd zijn dat alles in de beste orde is. De Oudejaarsavondcollecte zal van de gelden van de Herdenkings Commissie, aan den Penningmeester afgedragen, wel geen cent tekort komen. Daarvoor behoeft men niet bevreesd te zijn. Dat er overigens groote barmhartigheid der Kerk mag wezen over degenen die nood kennen !
M. v. G.
AMSTERDAM, 9 Januari 1932.

WelEerwaarde Heer,
Als getrouw lezer van „De Waarheidsvriend" wilde ik het volgende opmerken.! In uw blad van 7 Januari 1932 las ik n.l. een stukje, getiteld : „Jezus en het Sociale leven". Daarin stond o.a. : „En Max Stirner, de vader van het moderne anarchisme" enz.
M.i. is dit echter niet geheel juist. Want; de leer van het anarchisme is voor het; eerst in het midden der 19de eeuw verkondigd door den Rus Bakounin (1814—1876). Deze verkondigde het z.g.n. „individualisme" en het zich niet willen onderwerpen! aan het wettig Staatsgezag, om daardoor tot regeeringloosheid of anarchie te komen. Daarom werd hij van 't Marxistisch congres uitgesloten, omdat men daar, vooral onder den invloed van Marx, zijn leer niet wilde aanvaarden, daar deze volgens de meening van het Congres te ver ging.
Nu is de Duitscher Max Stirner één der volgelingen en aanhangers van Bakounin. ; Hij schreef o.a. het boek : „Der Einzige und sein Eigentum". Eveneens is Kropotkine één der navolgers van Bakounin's leer. Hij schreef : „De strijd om het brood".
Het is derhalve minder juist Max Stirner, als de vader van het anarchisme te beschouwen (want dit was Bakounin) ; wel was hij, met Kropotkine, één der voornaamste verdedigers van de anarchistische leer.
Met de meeste hoogachting, verblijft Uw dienstwillige dienaar,
C. MULDER Jr.
Vondelkerkstraat 11, Amsterdam (W.).
Wij danken inzender voor deze rectificatie.

M. v. G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 januari 1932

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

INGEZONDEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 januari 1932

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's