De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

MEDITATIE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

MEDITATIE

6 minuten leestijd

Een iegelijk dan, die deze mijne woorden hoort en dezelve doet, dien zal ik vergelijken bij een voorzichtig man. En een iegelijk, die deze mijne woorden hoort en dezelve niet doet, die zal bij een dwazen man vergeleken worden. Mattheüs 5 vers 24 en 26.

ROTS OF ZAND.
Onvergelijkelijk schoon is de beroemde Bergrede. Hoe liefelijk heeft deze prediking geklonken in de ooren van de schare, die door de Farizeërs veracht werd.
Armen van geest werden zalig gesproken. Hun werd een Koninkrijk toegezegd.
De woorden van de Bergrede tintelen van geest en leven; verschillen hemelsbreed met de splinterige kwesties, telkens door de Schriftgeleerden opgeworpen.
Aan het slot Zijner rede spreekt de Heere Jezus de gelijkenis van de twee bouwheeren uit.
Het is niet voldoende Jezus' woord te hooren. Zijne leering moet beleefd, moet in praktijk gebracht worden. Niet die zegt: „Heere, Heere, maar die den wil des Vaders doet, zal zich den ingang tot het Koninkrijk der hemelen verwerven.
Daarom wordt met ernst in de gelijkenis gewezen, hoe wij wel en hoe wij niet het huis der zaligheid moeten bouwen.
Daar is overeenkomst tusschen de beide bouwers. Beiden begeeren zij een woning ; beiden gevoelen zij zich niet veilig op het open veld. Zoowel het kind Gods als de oppervlakkige toehoorder zoeken rust en veiligheid ; wenschen zaligheid.
Beiden komen zij daar met den bovenbouw. De bezichtiger dezer gebouwde woningen ziet geen verschil.
Was niet Judas evengoed Apostel als de anderen ? Gingen de dwaze maagden niet evengoed den bruidegom tegemoet als de wijzen ?
Wie kan constateeren of de jubelzang van verlossing uit een onverbroken gemoed of uit een verbrijzelde ziel opwelt ?
Het onderscheid bestaat volgens de gelijkenis niet in den bovenbouw, maar in den onderbouw.
Het verschil wordt openbaar in het leggen van het fundament. De gebouwen werden gefundeerd op de berghelling, rotsgrond, vaak met zand bedekt. De een groef net zoo lang tot hij 't fundament kon leggen op de rots ; de ander ging haastiger te werk en groef niet eerst het zand op de rots weg. De een was nog bezig in de diepte, terwyl de ander reeds met den bovenbouw gereed was.
Verstaat gij dit beeld ? Het zand, al wat van den mensch is, moet als grond voor het huis onzer zaligheid worden weggegraven. Alles wat niet van God is moeten wij kwijt als grond onzer verwachting. Uwe maatschappelijke deugden, zoovele en zoo groot, kunnen niet gebruikt worden. Uw gebeden en tranen, zoo innig en dierbaar, kunnen u geen voldoende zielsrust schenken. Al uwe bevindingen moet gij als grond voor uw zieleheil kwijt. Pijnlijk, als al uw steunsels als zandgrond worden weggegraven. Gij werdt zoo vroom, en God ontdekte u aan uw verloren staat. Gij waart zoo rijk in uwe zielswerkzaamheden en God kwam u uwe schrikkelijke armoede te toonen. Maar aldus leerdet gij verstaan dat het Godsleven, noodig voor uwe ziel, in de diepte verscholen ligt.
Gelukkig, als gij in dezen weg maar dichter in aanraking kwaamt met de rots Chrisbouwer op de rots zetelde, ja, als t ware daarmede vereenigd was, alzoo zinkt Gods kind op den Christus neder om met Hem geheel vereenigd te
worden.
Zijn vrijspraak dekt uw schuld ; Zijn heiligheid verzoent uw onheiligheid. Gelijk de klimop zijn wortel vezelen hecht aan den machtigen eik, alzoo klemt gij u vast met de vezelen des geloofs aan den Heere Jezus Christus.
De vereeniging is volkomen ; gij zijt niet meer u zelven, maar Christus.
De dwaze bouwer vestigt zijne woning op het zand. Sommigen bouwen op hunne juiste Godsbeschouwing. Door overlevering en opvoeding meenen zij de waarheid te kunnen verstaan en te kunnen bespreken. Wat een grond maken zij van hunne rechtzinnigheid. Wat een hoogmoed kleeft hen aan als zij de onwetende schare, die de wet niet kent, opmerken. En toch, eene rechtzinnige beschouwing is slechts zandgrond. De zuiverheid der leer waarborgt nog geen toekomende zaligheid. Christus moet onze grond zijn.
Anderen hebben een sterk gevoelsleven. Zij hebben indrukken en ontroeringen onder de scherpe prediking van het goddelijk oordeel. Zij meenen met eene belofte Gods of met een in hun ziel komend versje voor God te kunnen bestaan. En zij verstaan niet, dat zij het huis hunner zaligheid willen vestigen op het drijfzand van hun gevoelsleven. Alleen Christus in zijn waar gevoelen
moet onze grond zijn.
Weer anderen meenen in de vervulling van hunne kerkelijke en godsdienstige plichten grond te vinden om God te kunnen ontmoeten.
Rots of zand ! Ziedaar de machtige tegenstelling in den bouw van het huis der zaligheid. Loopt niet luchthartig over deze zaak heen ! Betracht hoogen ernst in het behandelen van het heil uwer ziel. Immers het huis dat gebouwd is wordt beproefd. In de gelijkenis lezen wij dat de slagregen nederviel, dat de waterstroomen zijn gekomen, dat de winden hebben gewaaid en zich tegen deze gebouwde huizen hebben verzet.
Een ieders werk zal beproefd worden. God komt de tegenspoeden des levens te gebruiken om ons op de proef te stellen. God heeft de bestrijdingen des satans ingevlochten in Zijn raad om een ieders werk te keuren. God komt met Zijn proef in de ure des doods, als alles wat vast scheen, wankel wordt in ons oog. God komt den onderbouw in den oordeelsdag te onderzoeken. Dan zal de laatste stormwind waaien en de laatste piasregen neerkomen.
Gelukkig, wiens huis dan staande blijft!
Waarop zult gij u in die beproevingsure beroepen ? Op de rots Christus, wiens werk alléén standvastig is ? Of op uw werk, dat als het zand zal wegspoelen ? Dringe deze gedachte tot de dagelijksche bede :
Beproef m' en zie of mijn gemoed Iets kwaads, iets onbehoorlijks voedt En doe mij toch met vaste schreden Den weg ter zaligheid betreden.
Rots of zand.
Wonderlijk, in alle beproevingen zal de rotswoning stand houden. Wel geschud wordt het huis der zaligheid, maar niet nedergeworpen. Het klemt zich in dezen hachelijken nood vast aan de rots, waarop het rust.
Gods kinderen worden in de kracht Gods bewaard door het geloof tot de zaligheid. Hóe ook geschokt en geschud, gij zult, bekommerde ziel, behouden worden. De Rots Christus is met u en gij zijt met Hem verenigd. Voor eeuwig met elkaar verbonden !
De zandwoning verzinkt. Soms reeds in 't leven, als het oppervlakkig geloof wordt ingewisseld voor de liefde tot de wereld.
Hoevelen bleken reeds vóór hun dood ijdele en lichtvaardige bouwers te zijn! maar in den oordeelsdag zal de armoede an den onderbouw zeker openbaar worden.
De prediking des Evangelies is zoo ernstig, Iederen Zondag wordt de Gemeente opgeroepen om Gods Woord te beluisteren. Zie toe, hoe gij hoort! Bloote hoorders des Woords beërven het Koninkrijk Gods niet. Gods Woord moet ons brengen tot waarachtige bekeering. Al wat zandgrond is, moet worden weggegraven. Niets van ons mag overblijven.
Alleen Christus zal de grond onzer verwachting zijn.
Beluistert gij op rechte wijze het Evangelie ?
Welke bouwer is uw beeld ?

Rotterdam.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 februari 1932

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

MEDITATIE

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 februari 1932

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's