De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FINANCIËN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FINANCIËN

8 minuten leestijd

In onzen Bond doen zich dezelfde verschijnselen voor als in een gewoon gezin. Daar zijn van die vaste tijden, dat men geplaatst wordt voor bizondere uitgaven. Daar valt nu eenmaal niets aan te veranderen. B.v. als het gezin wordt vermeerderd, zijn er van te voren al heel wat maatregelen getroffen, die, het moge veel zijn of weinig, toch het budget reeds hebben doen stijgen. Doch als de groote gebeurtenis zelve daar is, komt het pas aan. Dan snijdt het mes van twee kanten. Dan glijdt het geld zoo maar door de vingers. Doch wat het wonderlijke is : met een gezicht, waarvan elke trek weergeeft blijdschap en vreugde, worden de uitgaven gedaan, 't Is alsof een geheime bron is aangeboord. Zoó sterk spreekt deze levenstrek, dat de volksmond zegt, dat elke jonggeborene zijn honderden medebrengt.
Voor onzen Bond is deze tijd ook weer aangebroken. Aan den oproep is door meerderen gehoor gegeven, 't Is al een heele lijst, en als de voorteekenen ons niet bedriegen, zal deze nog wel iets langer worden. Tenminste ik heb zoo enkele namen in de courant gelezen, die nu al genoemd zijn als onze aanstaande studiosen. Wij hebben natuurlijk, evenals in een gezin, verschil van uitgaven. Het eene kind kost veel meer dan het andere. Al moet elke gedachte aan voorliefde, als al te zot dadelijk worden afgewezen, toch geeft het eene kind ons veel meer zorg dan het andere en vordert het eene veel hooger uitgave dan het andere. Dat hangt af van de jaren en van wat er werkelijk noodig is. Wij hebben ook jonge menschen, die heel wat behoeven. Wat langer ze op de schoolbanken zitten, wat meer ze vragen. Een jongen, die nog op het gymnasium gaat en bij zijn ouders thuis is, waar de steun niet meer vordert dan boeken en schoolgeld, beteekent voor ons weinig. Dat loopt wel, ook al moet aan het einde van den gymnasiumtijd gezegd worden : hé, dat beloopt nog een heel sommetje. Maar als dezelfde jonge menschen worden ingeschreven op de rol der studenten aan de Universiteit, worden er andere noten gekraakt. Dan moet de studietoelage enkele malen verhoogd worden. Dan loopt het in de papieren. Wanneer dan alles tezamen wordt geteld, trekt er een vore in het voorhoofd van den Penningmeester. En de vraag komt op : zou dat niet op den langen duur gewijzigd moeten worden ? Zou dat niet spaak loopen ?
Wat in een gewoon huisgezin gebeurt, ziet ge ook hier gebeuren. Menschen, die geen kinderen hebben, zeggen : „het kan nooit. Dat gezin houdt het niet. Die man kan het nooit bolwerken".
Laat de man, dien het geldt, het niet hooren, want uit zijn lichtend oog zou een scherp woord kunnen worden afgelezen, n.l. zou dit kind niet welkom zijn ? Zou er wel een mond zijn en geen voedsel ?
Vriend, de Gever van het leven zal ook voor levensonderhoud waken.
Zoo denken wij er nu ook precies over. Niet licht benauwt ons de gedachte dat er geen steun gegeven zou kunnen worden aan onze jongens, genoegzaam om hun studie te volbrengen. Er is geld genoeg op de wereld. Er wordt ook geld genoeg uitgegeven. Alleen is het de vraag, of men het over heeft voor de vorming van predikers van het Woord des Heeren.
Nu, daarop luidt het meest .besliste antwoord : „Meer nog, dan tot dusverre gevraagd werd".
Er zijn kringen, waarvan ge eenvoudig beduusd staat, wat zij niet doen en wat zij niet zouden willen doen. Altijd staan ze klaar. Ge ziet dat bij de Zending, ge merkt dit bij ons vereenigingsleven. Zou het dan wel anders kunnen bij wat we noemen : de opbouw van Gods Koninkrijk in onze onmiddellijke nabijheid ? Wie aan het uitdragen van Gods Woord, hier in eigen plaats, in eigen gemeente meewerkt, legt en verstevigt het fundament, waarop het heele Godsgebouw wordt opgetrokken. Eigenlijk zou het niet aanwezig zijn van deze actie de vraag kunnen wakker roepen: maar vriend, wat zijt ge nu bezig in het leven te roepen ? Het meest natuurlijke beginsel wordt hier uit het oog verloren. Begin bij wat u vlak voor den voet wordt gelegd. Ons Gereformeerd beginsel is wel zóó krachtig en zijn stuwkracht zóó groot, dat elk gevoel van bangheid en vreeze ons op zijn zachtst gesproken, misplaatst schijnt. Ook al zijn de tijden verre van gunstig. Ook al zullen menige corporaties het zwaar hebben te verantwoorden. Wat de Geref. Bond zich van Godswege op de handen zag gezet, mag met vol vertrouwen opzien naar des Hoogsten bijstand. Hij laat nooit varen de werken Zijner handen. Het beginsel, waarvan wij uitgaan, is toch niet anders dan het Woord uitplanten, het zaad uitstrooien, het aan den Heere zelf overlatend wat Hij er mee doen zal. Wij doen dit, ons zoo nauw mogelijk houdend aan het Woord des Heeren. Dienaren vormen, wier begeeren het zijn mag om in opdracht en in afhankelijkheid van Hem te staan in het goddelijke ambt.
In dit teeken staat heel onze arbeid. Daarom werd in den eersten beginne ook al onze aandacht gespannen gehouden door het verwezenlijken van de gedachte van een eigen leerstoel, van een eigen Professor. Onze aanstaande predikers der Waarheid moeten genoegzaam onderlegd zijn in de beginselen naar dat Woord, naar onze heerlijke belijdenis.
Wonderlijk heeft de Heere tot nu met ons gehandeld. Hoe groot de moeilijkheden ook waren en hoevele de tegenslagen, wij kwamen altijd nog weer voort en verder op den ingeslagen weg. Zoodat wij zondig zouden handelen, als wij ook nu bij de aanstaande uitbreiding van het gezin van den Gereformeerden Bond, doordat wij aan meerdere jonge menschen onzen steun zullen toezeggen, ook maar de minste vreeze zouden koesteren voor de toekomst.
Dezelfde God, Die geholpen heeft, helpt verder. Wij twijfelen niet, of Hij zal ook het harte van ons volk nog wel bewegen om mee te helpen dragen onze zorgen en moeiten. Laat dit steeds scherper en dieper in ons staan ingegrift: het gaat om de eere Gods en het heil van zondaren. De opbouw van de Kerk van Christus geschiedt enkel door Zijn Woord en Geest. Doch daarbij worden gebruikt menschenkinderen. Make Hij ons gewillig, steeds meer.
Deze week ontving ik van tal van plaatsen weer nieuwe blijken van medeleven.
Zoo kwam in van den jongen pastor te
1. Kortenhoef, uit zy'n catechisatiebus ƒ 10.—
'k Was daarmee verblijd.
2. Door ds. Van Wijngaarden te Veenendaal kreeg ik een gift van N. N. met bijschrift „uit dankbaarheid". Hij had deze gift gevonden in zijn brievenbus.
Ook deze was welkom. Ik weet er van : zulke brievenbussen zijn nog zoo ongeschikt niet. Laat er nog maar eens iets inglijden, vrienden. ƒ 5.—
3. Door ds. Mulder te Voorthuizen van een dankbaar echtpaar ƒ 2.—
't Zal natuurlijk wel wennen, doch eerst zal er nog wel eens een verkeerd adres worden opgegeven : ds. Mulder te 'k Hoop, dat de vrienden te Voorthuizen spoedig weer een eigen dominee mogen hebben. Misschien willen ze dan ook onzen Bond nog wel gedenken.
4. Vanuit Friesland kwam ons de inhoud van busje 249 toe. Dit stond bij den heer Th. A. Faber te Ooster-Nijkerk. Dit busje bracht op in drie maanden tijds de prachtige som van ƒ 13.—
Dit spreekt voor zichzelf. Wij danken de vrienden daarvoor zeer en houden ons aanbevolen.
5. Het busje van mejuffr. D. te Utrecht is voor enkele weken geledigd en had toen een niet onbelangrijk bedrag opgebracht. Nu was het al weer ruim 7 gld. Prachtig, hoor ƒ 7.11
6. Door ds. Pott te Kralingen : van mej. de V. ƒ 1.— ; van H. L. ƒ 2.50 voor het Studiefonds. Samen ƒ 3.50
7. Door ds. Van Dorp te Den Haag: ƒ1.— van N.N. voor de fondsen en ƒ1.— van N.N. voor den Gereformeerden Bond. ƒ 2.—
8. Door ds. Abbringh van Wilsum uit den collectezak van IJsselmuiden op Zondag 12 Juni ƒ 10.—
9. Door den heer v. d. Ploeg te Utrecht van N.N. te A. ƒ 10.— 10. Van N.N. te Oosterbeek ontving ik 10 gld., te verdeelen : ƒ 2.50 voor het Leerstoelfonds, ƒ2.50 voor het Studiefonds, ƒ2.50 voor den Geref. Zendingsbond en ƒ 2.50 voor 't Evangelisatiewerk. ƒ 10.-
11. Van N.N. te Lage Zwaluwe ƒ 8.-
12. Door den heer E. Roest te Kampen de opbrengst van zijn busje no. 125. Wanneer naar een vruchtbare streek gewezen mag worden, is het naar dit oord. De Kamper vrienden leven met ons mee. Wij met hen. Onze hartelijke dank. Gode in alles bevolen.
De inhoud van het busje was ditmaal ƒ 30.—
13. Door ds. Van Hof te Delfshaven van N.N. voor het Studiefonds ƒ5.-
14. En ten slotte een kostelijk sluitstuk uit Vlaardingen.
Hier werd een kerkcollecte gehouden voor onze fondsen. Opbrengst was schitterend, met twee nagiften bedroeg deze ƒ 158.23
Mogen meerdere gemeenten, waar zulks toegezegd werd, dit heerlijk voorbeeld volgen.
Tezamen geteld is dit de som van l 273.84.
Onze oprechte dank.
Utrecht.
Ds. J. GOSLINGA,

POSTZ., CAPS. EN ZILVERPAPIER.
Ontvangen van : Ie. Mej. v. d. Heide, Rotterdam, een doos postzegels ;
2e. Mej. S. Bosma, Tietjerk, postz., caps. zilverpapier en 83 halve centen, van Jan Dupon;
3e. de kinderen de Kleij, Leerdam, postz., en zilverpapier ;
4e. Mej. J. de Vries, Gouda, postz., caps. en zilverpapier.
Met hartelijken dank en aanbeveling.
Mejuffr. J. DEN HARTOG.
Krommedijk 60, Dordrecht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juni 1932

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

FINANCIËN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juni 1932

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's