JEZUS EN DIE GEKRUIST
Jezus en Die gekruist. Een dwaasheid voor den Griek, ^Den Jood een ergernis. Jezus en Die gekruist. Voor 't onherboren hart Van geen beteekenis.
Zoo kwam Hij dus uit louter liefde tot de Zijnen, Tot hen, voor wie Hij gansch vrijwillig alles gaf. En zij, zij hebben Hem, Gods Zoon, niet aangenomen, Doch hielpen door hun zenden. Hem mede naar 't graf. Maar, God zij dank. Hij stond weer op. Het werk van 't Lam Was onweerstaanbaar, ook voor hen, voor wie Hij kwam.
Ook zij sloten hun hart. Voor Jezus' liefdestem. Verkozen eigen paan En zochten 't buiten Hem. In Zijn Knechtsgestalte, Zag 't oog geen heerlijkheid. Van eigen kracht en deugd, Werd alle heil verbeid. Zoo was 't eertijds. En toen. Gods kind weet door gena Te spreken van „eertijds", Maar ook van een „daarna". „Daarna" bracht 's Heeren Geest Het schuldverslagen hart. Tot Hem, op Golgotha, Voorheen zoo vaak getart. In Hem ziet nu het oog Enkel begeerlijkheid, Die door Zijn kruisdood hen Verlost' uit dienstbaarheid.
Nu wacht Gods kind 't heil van Hem allèèn. Eigen kracht en eigen deugd verdween. Door Zijn gena gaat het van kruis tot kroon Van 't strijdperk hier, naar boven tot Gods troon.
Den Haag, Juli 1932.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juli 1932
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 juli 1932
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's