De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

RONDOM DE LEESTAFEL

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

RONDOM DE LEESTAFEL

16 minuten leestijd

CHRISTELIJK VROUWENLEVEN.
Van dit bij onze Christen-vrouwen zoo bekende maandblad verscheen zoo juist nummer 2 van den 17en jaargang.
Uit dit nummer blijkt, dat dit blad gedurende 1933 een belangrijke uitbreiding ondergaan heeft.
Christelijk Vrouwenleven past zoo geheel aan op het leven der Christen-vrouw, die een principiëele voorlichting wenscht en tevens rekening houdt met de eischen van onze tegenwoordige Maatschappij,
Onze lezeressen kunnen, wanneer zij nadere kennismaking wenschen een proefnummer aanvragen bij de uitgeefster : N, V, Uitg, - Mij, E, J, Bosch Jbzn, , Prinsengracht 493, Amsterdam,

A, R, J.A. Orgaan van de Antirevolutionaire Jongeren Actie. 1ste jaargang. No. 1, 2 en 3. Uitgave : N.V. De Graafschap. Aalten.
Kennen, vooral de jongeren onder ons, de A.R.J.A. ? 't Is te hopen. Want de A.R.J.A. is een organisatie van jong-Antirevolutionairen van de verschillende Kerkgemeenschappen : de Herv. Kerk, de Geref. Kerken, de Chr. Geref. Kerk, om de jongeren van antirevolutionairen huize bij elkaar te brengen, om saam vooral de b e-ginselen, die ons allen lief zijn, te bestudeeren. En dat hebben we juist noodig. Naast de Katholieke Jeugdbeweging, de Organisatie van Jong-Liberalen, de Chr. Hist. Jongerengroep, de A. J. C-beweging enz. is het een uitnemende zaak, dat er óók is de A.R, J, A.; waar de jongeren die gewoonlijk de eerste scholing op de Jongelingsvereeniging hebben ontvangen en dan meestal nog geen kiezer zijn, een onderdak vinden, om de studie andersoortig en in ander verband dan op de J. V. voort te zetten. Hier moet onze volle aandacht aan geschonken worden ! Want de ouderen vallen weg en de open plaatsen moeten toch weer worden aangevuld ! Laten vooral onze jonge Herv. Antirevolutionairen daaraan denken. En dan kan men niets beters doen dan daadwerkelijk zich te geven en daadwerkelijk mee te leven, dan komt er ian zelf ook een groep straks van jonge mannen, zeg van 25—35 jaren, die daadwerkelijk midden in de Anti-Revoiutionaire Staatspartij staan. Het is door de A.R.J.A. gevoeld, dat er tiusschen J.V. en Kiesvereeniging een gaping is. In dien tijd worden vele jongeren door anderen arbeid in beslag genomen : Komt de tijd, waarop ze bij het volbrengen van hun kiezersplicht zich rekenschap moeten geven van hun stem, dan voelen ze het gemis; en dan ontbreekt dikwijls de tijd en de lust, om voorlichting te zoeken. Wat ook voor de meisjes geldt, die de Meisjesvereeniging bezoeken en straks, wat ouder geworden, door de Wet tot stemmen geroepen worden.
De noodzakelijkheid van de A. R, J, A. moest meer gevoeld worden. Het komend geslacht moet bekwaam gemaakt worden „voor het beheer en de vermeerdering van het reusachtig kapitaal van menschelijk kennen en kunnen, dat het straks zal erven ; om het te leeren de fouten van het heden te vermijden en onbaatzuchtig werkzaam te zijn ten bate van Gods Koninkrijk en de levensgemeenschap". (J. Schouten). „Ten slotte nog deze reden. Het politieke terrein was voor ruim 25 jaar zooveel gemakkelijker te overzien dan thans. Wie opgevoed was bij de Heilige Schrift, wie op de J. V. de beginselen leerde, waarnaar hij op staatkundig gebied had te handelen, kon als volleerd soldaat in het A. R. leger ingedeeld worden. In de laatste 25 jaar is de politieke ontwikkeling echter in zoó snel tempo gegaan, is de positie van onze A, R. partij zóó veranderd, dat er thans heel wat meer studie noodig is dan voorheen, om een welgewapend krijgsman Gods te zijn. Voeg daanbij de moeilijkheden, die de economische omstandigheden meebrengen, en het is duidelijk, dat méér dan ooit grondige studie voor den politieken strijder gewenscht is. En, merkwaardig genoeg, juist die latere jaren brachten veelszins verminderden lust tot politieke studie, met als droevig gevolg een verminderde algemeene politieke kennis en belangstelling. Ook in die totaal gewijzigde omstandigheden zien we één Tan de klemmende redenen, waarom de A.R.J.A. onontbeerlijk is voor de toekomst."
Met deze laatste woorden van dr. S. Roosjen, leeraar in Groningen (diaken der Hervormde Kerk) kunnen we ons heel hartelijk vereenigen en wij besluiten gaarne met hetgeen hij verder zegt (in een artikel in A.R.J.A. Orgaan van de Anti-Revolutionaire-Jongeren-Actie Januari 1933) : „De A.R.J.A. wil niets anders dan te streven naar rijken bloei der A. R. partij en daartoe wenscht zij de studie der A. R. beginselen te bevorderen. Zij is overtuigd, dat die beginselen zijn naar den eisch van Gods Woord en dat daarom bestudeering dier beginselen den rechten weg wijst ook in het politieke leven. Den weg, waarop tot werkelij'kheid wordt, wat het levensdoel van elk christen, dus ook van elk A. R. moet zijn : Gods eere hoog op alle terrein des levens !"
Vermelden we nu nog dat het adres van het secretariaat van de A.R.J.A. is : dr. L. W. G. Scholten, J. W. Frisostraat 30, Utrecht.
Voor de principiëele studie op de clubs geeft de organisatie studie-schetsen uit, welke in het Orgaan verschijnen (N.V. De Graafschap. Aalten).
Wij bevelen dit nieuwe tijdschrift gaarne van harte aan !

LEVENSZEKERHEID door prof. dr. A. M. Brouwer, hoogleeraar te Utrecht. Uitgave : Bosch en Keuning, Baarn.
Deze uitgave is op een bijzondere wijze in de wereld gekomen. Prof. Brouwer, kerkelijk hoogleeraar te Utrecht, heeft eenigen tijd geleden voor de radio gesproken over levenszekerheid (niet dus over levensverzekering, maar over levenszekerheid). Dr. A. F. Kuill, em. predikant te Rotterdam heeft deze radio-rede óok beluisterd en heeft toen vrijheid gekregen dit woord in druk te geven en de heeren Bosch en Keuning, hartelijk met het plan instemmend, hebben er een boekje van gemaakt, in fleurigen omslag, dat óók door de bijzondere manier van uitgave, maar zeker óók door den inhoud, veler aandacht zal trekken. Het is de bedoeling dat dit boekje in alle kiosken en aan alle stations verkrijgbaar zal zijn, om, zoo mogelijk als reislectuur voor velen tot een zegen te zijn. Hoeveler leven mist vastheid, zekerheid. Verspreide dit boekje voor velen levenszekerheid, in den geest van wat we lezen in den Romeinenbrief : „Want ik ben verzekerd : dat dood noch leven, engelen noch overheden, enz. mij zal kunnen scheiden van de liefde Gods, welke daar is in Christus Jezus onzen Heere."

DE VRIEND DES HUIZES, maandschrift voor het Chr. huisgezin onder hoofdredactie van dr. H. Kluin, directeur van de Weesinrichting te Neerbosch.
Voor ons ligt het Januari No., met een „van maand tot maand" door den hoofdredacteur ; Een geïllustreerd artikel: „Hoe Scheveningen groeide" ; „De verschreeuwde stem", dat bij het visschersleven aansluit. „Het mysterie" van Phé Wijnbeek; „Over den Splügenpas in den winter" door G. Vening (met mooie illustraties). Een gedicht „De daadlooze" van Jan Visser. „Uit het wonderland der wetenschap" door J. F. de Roo. „Tot het einde" door H. Enema (een mooi verhaal). „De Sandwich Eilanden" door J. S. Oostra. „Verdwaald in het Oerwoud"; „Het Berouw" enz. Ten slotte „Lectuur voor de Jeugd" onder redactie van C. van Ophemert.
Wij willen dit rijk geïllustreerde, uitnemend geredigeerde en keurig verzorgde tijdschrift door Neerbosch' boekhandel uitgegeven gaarne nog eens hartelijk aanbevelen. Zij het veler huisvriend !

DE GODSDIENST IN ZIJN VER SCHIJNINGSVORMEN door prof. dr. H. Th. Obbink, hoogleeraar aan de Rijksuniversiteit te Utrecht. Uitgave: J. B. Wolters. Groningen—Den Haag—Batavia. 1933.
Indertijd zijn bij dezelfde Uitg. Mij. vier deelen verschenen samen vormend een Bijbelsch-Kerkelyk Woordenboek, waarin betreffende O. en N. T., Godsdienst en Kerk een onnoemelijk aantal artikelen voorkomen bewerkt door de professoren Bohl, van Veldhuizen, Obbink en Aalders (Groningen), met verwerking van onnoemelijk veel wetenschap. Predikanten, maar vooral studenten, waarschijnlijk en ook onderwijzers en andere ontwikkelde gemeenteleden zullen zeker van dat Bijbelsch-Kerkelijk Woordenboek hebben geprofiteerd. Maar tegenwoordig is het „uitverkocht" (hoewel natuurlijk hier en daar nog wel te krijgen). Prof. Obbink die het 4de deel getiteld : „Godsdienstwetenschap" bewerkt heeft, geeft nu een ander boek over hetzelfde onderwerp. Hij schrijft: Een nieuwe druk van het 4e deel leek noch den uitgever noch den schrijver gewenscht. Toch is er vooral voor studenten, dringend behoefte aan 'n werk, dat ongeveer dezelfde stof behandelt, doch dan in systematischen vorm. Aan deze behoefte wil dit boek tegemoet komen". Zoo heeft de geleerde schrijver allereerst zijn studenten op 't oog (die hem zeker daarvoor dankbaar zullen zijn). „Het moet allereerst dienen als inleiding op mijn lessen over de algemeene Godsdienstgeschiedenis". Maar de professor (die op 't titelblad niets van zijn hoogleeraarschap laat blijken) zegt: „Mocht het ook in breederen kring (ontwikkelde geameenteleden) belangstelling ontmoeten, dan zou ik mij daarover slechts kunnen verheugen". Wij hebben een sterk vermoeden, dat zeer zeker de kring van „lezers" grooter zal zijn dan de kring van theol. studenten is. Want het onderwerp is aan de orde van den dag en velen zullen zich gaarne bezighouden met het naslaan van de hoofdstukken die dit boek bevatten.
Het boek is pas uitgekomen, 't ligt dan ook nog maar nauwelijks op onze schrijftafel. Maar we hadden gelegenheid om tal van hoofdstukken in te zien en voor 't grootste gedeelte met volle aandacht te lezen. En wij kunnen niet anders zeggen, dan dat dit boek onze belangstelling overwaard is. Laat ons een aantal onderwerpen mogen noemen die behandeld worden. Godsdienst en kultuur. Godsdienst en zede. Natuurvolken, „Heilig", Taboe, Fetisjisme, Animisme, Naturisme, Heilige steenen, boomen, dieren enz. Stam-en Staatsverband, Voorouders, zonde en dood, de Godsvoorstelling, Godenbeelden, Monotheïsme, Fatum, Kosmogonieën, Wereldeinde, Opstanding en onsterfelijkheid, Doodenrijk, Hemel en hel, Verlossingsvoorstellingen enz. enz.
Men ziet een rijke verscheidenheid van onderwerpen in betrekking tot „de Godsdienst in zijn verschijningsvormen".
Het boek is prachtig uitgegeven en is rijk en ruim voorzien van mooie illustraties. Woord en beeld, tekst en plaat is in alle opzichten „af". Wij bevelen dit boek dat „is bestemd voor studenten en voor ontwikkelde gemeenteleden" (zoo staat extra vermeld op den omslag) gaarne hartelijk aan.

JOODSCHE STEMMEN OVER CHRISTUS EN CHRISTENDOM door ds. J. Rottenberg Th.B, Uitgave J, M, Bredée's Uitg. Mij. Rotterdam.
Dit is een merkwaardig boek. Om twee oorzaken. De schrijver is een geboren Jood, maar Christen geworden en nu missionairpredikant onder Israël. En de inhoud van dit boek bestaande uit een groot aantal bewijsplaatsen aan Joodsche geleerden en Joodsche schrijvers ontleend, is een bewijs, dat er onder de Joden een heel eigenaardige mentaliteit gevonden wordt, waaruit de conclusie kan en mag worden getrokken, dat men zich ook daar niet zonder meer van Christus en Christendom afmaakt. Misschien is de gevolgtrekking van ds. Rottenberg ietwat al te optimistisch — hoewel hij een man van rijke ervaring op dit terrein is en waarlijk genoeg „bij" Is, om zaakkundig over deze dingen te kunnen oordeelen. Maar in elk geval is dit boek een heerlijk getuigenis, dat onder het Jodendom de geesten gevangen gehouden worden door Hem, die den eenigen Naam onder den hemel draagt om zalig te worden. Wij hebben bladzij na bladzij gelezen van dit boek en wij hebben verbaasd gestaan. Wij wisten deze dingen geenszins. En we kunnen zoo goed begrijpen, dat dr. J. H. Gunning, op zijn hoogen leeftijd, in het woord ter „Inleiding" schrijft: „Met diepe ontroering heb ik dit geschrift gelezen" en de schrijver heeft een goed en schoon werk verricht „met het schrijven van dit aandoenlijk getuigenis zijns harten. Hoe trilt iedere snaar van deze Israelietische ziel van liefde voor zijn volk ! Met hoeveel teederheid en voorzichtigheid leest hij uit zijn rijke kennis bijeen wat die beminden om der vaderen wü kan nopen de oogen te openen voor de heerlijkheid van hun gekruisten en zoo lang verworpen grooten Stamgenoot". „Welk een verkwikking was het voor mij mt dit geschrift het ontwaken van Israël uit zijn eeuwenoude sluimering en verdooving te vernemen".
Ja, men moet dit boek eens rustig lezen. Israël en de Joden-zending verdient onze volle aandacht. Wel gelooven ook wij, dat er in deze een orde is door God, in Zijn vrijmacht gesteld en ook in het Woord geopenbaard. Eerst nu de heidenen en de heiden-missie. Maar dat mag geen oorzaak zijn voor ons, christenen, om aan de diep ongelukkige kinderen Abrahams het Evangelie te onthouden of ons van het werk der Joden-zending niets — zegge niets —aan te trekken. Waar alle geesten zich losmaken, om tegen Christus ten strijde te trekken, waarbij de kinderen Israels helaas ! niet zelden in de voorste rijen staan, daar moet het Christendom, daar moet de Kerk opwaken om het woord des Evangelies te prediken.
Ook onder 't Israël van heden leeft de vraag : wie is Jezus van Nazareth ? Ook oorlogen, revolutie, vulcanische uitbarstingen, aardbevingen hebben die vraag niet kunnen smoren. Allerlei wetenschappelijke en wijsgeerige systemen zijn opgekomen en hebben den aard en de richting van het menschelijk denken beïnvloed en gewijzigd. Uitvindingen en ontdekkingen op allerlei terrein diepe en machtige veranderingen gebracht in de economische, politieke en sociale structuur der wereld. Doch hóóg boven dit alles, in onveranderlijke heerlijkheid verschijnt altijd weer de verheven en heilige figuur van Jezus van Nazareth en opnieuw vraagt men : Wie is deze ?
Ds. Rottenberg, zelf een zoon uit Israël, maar die heeft leeren knielen aan den voet van het kruis, is nu vervuld met liefde en ijver voor zijn volk, om hun den rijkdom van het Evangelie te boodschappen op allerlei manier, langs velerlei weg en door tal van middelen. En hij heeft nu de Joodsche litteratuur nagezocht en gaat vertellen van I. Joodsche stemmen over het Nieuwe Testament; II. Joodsche stemmen over de historiciteit van Jezus; III. Joodsche stemmen over Jezus van Nazareth ; IV. Joodsche stemmen over de kruisiging. Om dan in het Vde of laatste hoofdstuk , De stem van eigen ziel" (en dus óók een Joodsche stem !) een aandoenlijk verhaal te geven van zijn eigen bekeering tot den Messias.
wy bevelen dit boek gaarne, met alles wat in ons is, aan. Er valt veel uit te leeren en het kan, Tan grooten invloed .zijn op onze houding tegenover het volk van Israël en het werk der Joden-zending. De Schrijver heeft een goed werk verricht met het samenstellen van dit boek en de Uitgever Bredeé te Rotterdam heeft voor een keurige uitvoering gezorgd. Gods Geest vergezelle dit mooie boek.

LAAT ONS DEZE BELIJDENIS VASTHOUDEN, een twaalftal Jeugdpreeken door dr. F. J. Krop. Uitgave : Stemerding en Co. Rotterdam.
Wij houden niet van de jeugdkerk, zooals die tegenwoordig wordt aangebeden door velen. De jeugddiensten voor „dames en heeren" van 16 tot 30 jaar (verbeeldt u zulken onzin !) kunnen ons niet bekoren, We vinden ze zelfs gevaarlijk, voor de „jongelui", maar niet minder voor de „jeugdpredikanten". Met vele mode-artikelen heeft de jeugddienst gemeen, dat velen „aanbidden", anderen „verachten", waarbij de tusschenweg misschien 't veiligst is en waarbij de toekomst zal leeren, dat mode-artikelen hun tijd hebben. Ze verdwijnen vroeg of laat wel weer. En wij zullen er geen traan voor laten, wy houden niet van die opschroeverij van de intellectueele jeugd, wier wapen de cigaret en de vulpen is. wy hebben liever dat men mee opgaat naar Gods huis, waar gewone dominees het Woord bedienen, om mee te arbeiden aan den opbouw der gemeente, jongen en ouden te zamen. — By de jeugddiensten en bij de jeugdpredikanten behoort onlosmakelijk het stellen en het oplossen van „problemen". Daar zit de lucht vol van. En dan moet men natuurüjk — anders past men niet by de jeugd — de problemen „van alle kanten" benaderen en „tot op den bodem" behandelen en „tot aller genoegen" oplossen. Anders kan „de jeugd" niet by een dominee kerken. Dominees die niet met hun tyd meeleven, verdienen dat „men" niet naar hen omziet en „de jeugd" zal wel het voorbeeld geven. Dan zyn de jeugddiensten een uitkomst! Voor „de jeugd" (pardon voor „de dames en heeren") en voor de jeugdpredikers is het ook een mooi succes. Met muziek en zang gestoffeerd loopt alles prachtig. En het geestelijk-en het kerkelijk leven neemt reusachtig toe. De resultaten zyn schitterend. En daarom zal men dan ook probeeren om de jeugddiensten officieel kerkelijk te wettigen en zal het spoedig aan elken kerkeraad officieel worden opgedragen, dat de Kerkeraad er voor te zorgen heeft, dat er jeugddiensten komen. Op de a.s. Classicale Vergaderingen zal het een punt van overweging uitmaken. Men is blykbaar nog nooit op de gedachte gekomen, om officieel kerke­lijk uit te spreken, dat de gedoopte jeugd onderwezen moet worden op de Christelyke School, op de School met den Bybel. Daar is men nooit aan toe gekomen vanwege Synode of Classis. Maar nu zullen we wél officieel de jeugddienst krygen, om officieel kerkelijk het opkomend geslacht van 16—30 jaar afzonderlijk geestelyk en kerkelijk te gaan behandelen !
We leven in een wonderlijke wereld......
Maar we zouden het hebben over het boek van dr. Krop. Over de jeugdpreeken door hem gehouden in jeugddiensten in de Zuiderkerk te Rotterdam. Deze preeken voor jonge menschen staan in het teeken van „de belydenis", om deze belijdenis „vast te houden". En dat verblijdt ons. Of alle jeugdpreeken In dit teeken staan weten we niet. Maar dat deze dit kenmerk dragen, doet ons genoegen. En door de 12 predicaties waait, wat dat betreft, een frissche wind.
De eerste preek (Hebr. 4:14) is een „bevestigingspreek", handelt over den eenigen Hoogepriester en de Kerk, die dien éénigen Naam belydt. Een breede liturgie wordt als aanhangsel by deze preek gegeven. De tweede preek handelt over Mattih. 27 : 39-43 en lAic. 23 : 34 (de liturgie gaat vooraf). Het derde onderwerp is „Paulus, Getuige van Christus" (Hand. 22 : 14, 15). De Moorman is het onderwerp van de 4de preek: Met blijdschap zyn weg reizen". Over „schyn en wezen" of „werkelykheid en schyn" wordt in de 5de preek gehandeld (Gouden en zilveren Schilden (2 Kron. 12), gewaarschuwd wordt voor verschillende „koperen schilden" waarmee men in de wereld paradeert (schyn van rykdom, schijn van geleerdheid, schynliefde, schynvriendschap, schynvroomheid enz.) Voor de Kerk zal het aankomen op de ware belydenis en de beleving daarvan door hare leden. De 6de preek heeft tot motto „Voor en tegen" Matth. 12 : 30, Luc. 9 : 50, Over heüige onverdraagzaamheid en goddelyke verdraagzaamheid wordt hier gehandeld. Het onderwerp van de 7de preek is: Jezus Christus en de maatschappelyke stroomingen (partyen) onzer dagen", tekst: uc, 12 : 14 : „Mensch ! wie heeft my tot een rechter of scheidsman over ulieden gesteld ? " Dan volgt nog : „Verkoop alles wat gy hebt" Mare. 16 : 21; „Waar is het offer in uw leven 7" Mare. 12 : 41—44 (het penningske van de arme weduwe) ; „Gy zult niet begeeren" (het 10de gebod). De 11de preek gaat over : „Christus — de Vredevorst", naar aanleiding van prof. Heering's boek : De zondeval van het Christendom, om dan te spreken over vredesbeweging, anti-militairisme enz. De laatste preek gaat over : Dansen (Mare. 6 : 22a), waaraan een breede correspondentie over dat onderwerp toegevoegd wordt. Hieruit blykt wel, dat het dansen van den tegenwoordigen tijd zóó gemeen en zóó slecht is, dat er veel meer algemeen een scherpe actie tegen het dansen moest worden ingezet. Voor hoevelen is de danszaal tot een vloek en een zee van allerlei ellende geworden.
Deze bundel preeken is door het Uitgeversibedryf Stemerding en Co. te Rotterdam netjes uitgegeven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 februari 1933

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

RONDOM DE LEESTAFEL

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 februari 1933

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's