INGEZONDEN
„ETHISCHE" HEEREN IN DEN PROFETENMANTEL.
Mijnheer de Redacteur.
Woensdag 15 Maart 1.1. had er te Kralingen een verkiezing plaats voor notabelen. Den dag voor de stemming werd onder de stemgerechtigden een circulaire verspreid vanwege de Ethische Kiesvereen. „Kralingen". Blijkbaar was de laatste dag voor deze verspreiding gekozen, om niet achterhaald te worden door de waarheid.
Met zekerheid kan ondergeteekende zeggen, dat zeer vele Ethischen te Kralingen den inhoud van deze circulaire der K i e s-vereeniging niet voor hun rekening willen nemen. Met genoegen vermeldt hij dit dan hier ook uitdrukkelijk.
In het geschrift worden Geref. en Confess., die samenwerkten, aangevallen. Hun wordt verweten, dat zij naar de alleenheerschappij streven. Vervolgens geven de heeren een proeve van clair-voyance, hullen zich in den profetenmantel en gaan 't toekomstbeeld der Gemeente schilderen bij een eventueele overwinning der Ger. en Confess. En het wordt een „schrikbeeld" !
„Eerst de vrijzinnigen", zoo luidt het, „nu de ethischen en straks zien we gereformeerden en confessioneelen op de puinhoopen der Krallngsche Kerk twisten over dogmatische gewichtigheden, waarin niemand in het dagelijksch leven belang stelt, doch die men als geduchte wapenen hanteert in de schermutseling van het Kerkelijk krakeel".
Stel u even rustig voor die twistende Vrijzinnigen en Ethischen. En dan straks de Geref. en Confess, op de puinhoopen der Kr. kerk en hoor dan, wat er tenslotte gebeuren gaat.
„De vrijzinnigen in ballingschap, de ethischen verjaagd, confessioneelen nauwelijks getolereerd. Gezangen tot contrabande verklaard. Jeugddiensten als ontoelaatbaar gedoodverfd; het kille conservatisme met dorre hand het leven uitdrijvend.''
In deze woorden demonstreeren de schrijvers een mentaliteit, welke beneden alle peil is. Nogmaals wijzen wij er op, dat deze circulaire slechts het werk is van enkele „drijvers" (met name dat der onderteekenaars de heeren Lammens en Rijks), omdat wij weten, dat vele anderen te hoog staan voor een dergelijke wijze van stembusstrijd voeren.
Intusschen hebben de heeren Lammens en Rijks c.s. den profetenmantel afgelegd, om voorts eenige woorden te schrijven over de „drogredenen (der) gefedereerde ultraorthodoxe groepen (over) een fictief vrijzinnig gevaar."
Wie evenwel den toestand van Kralingen kent, weet, dat dit gevaar allesbehalve fictief is. De Ethische Kiesvereeniging heeft n.b. een accoord getroffen met de Vrijzinnigen.
Maar van „fictief" gesproken!
De heeren werden bij het schrijven dezer woorden zeker geïnspireerd door hun eigen beschrijving van het toekomstbeeld der gemeente, welke beschrijving zelve van a-z op fictie berust. Is feit niet beter dan fictie ?
Of wat dunkt u van de volgende tegenstelling, die de heeren poneeren, als zij beweren, dat het bij de a.s. verkiezingen gaat „om verdraagzaamheid of ongebreidelde machtsuitoefening"?
Kan men zulk een voorstelling van zaken anders dan met het woord „fictief" omschrijven ?
Als nu de heeren op bovenvermelde wijze hun gal hebben uitgespuwd, dan komt bij hen de reactie (wat psychologisch zeer verklaarbaar is) en waarlijk, ze worden heusch wat sentimenteel.
Dan gaan ze spreken van „zonen van hetzelfde huis, (die) als broeders (moeten) samenwonen."
Ze worden zelfs zeer dierbaar en spreken van „onze geliefde Krallngsche Gemeente."
Verwondering kan het dan ook niet wekken, dat de ontroering de heeren Lammens en Rijks c.s. zoo sterk aangrijpt, dat deze predikers van vrede en liefde en verdraagzaamheid in extase geraken, om met oratorischen zwier uit te roepen : „Te midden eener wereld van vijandschap zij de Christelijke Kerk het lichtend voorbeeld eener samenleving, waar de Liefde heerscht."
Als de zaak, waar 't om gaat, niet te ernstig was, zoudt ge bijna lachen om zoo'n zin aan het eind van zulk een circulaire!
Maar in ernst.
Schreven deze heeren uit onkunde en moet dus bij hen geconstateerd worden een gemis aan zelfs de elementairste kennis van het doel der Confessioneele en Gereformeerde beweging ?
Of in? schreven zij tegen beter weten. Laten we het eerste geval veronderstellen. Dan moesten de heeren Lammens en Rijks CS. toch eens een abonnementje op „De Waarheidsvriend" nemen.
Zeker zou er dan eenig licht komen in de duisternis, waarin zij thans rondwaren.
Wij maken ons sterk, dat zij na een maand met minder angst de toekomst zouden tegengaan, minder fictie en meer werkelijkheid (= waarheid) zouden geven, zoodat zelfs deze heeren in staat zouden zijn, om bij een volgende verkiezing een „fatsoenlijke" verkiezingscirculaire op te stellen ; waarin de Waarheid betracht wordt in liefde.
Met dank voor de plaatsing.
Uw dw. v. d. D
Zegveld, Maart 1933.
De voorstellen, die door de afd. Zegveld zijn Ingediend, zijn in De Waarheidsvriend van 16 Mrt. niet juist weergegeven. Dat is jammer, omdat nu allicht verkeerde gevolgtrekkingen konden gemaakt worden. Het voorstel was niet de studenten te verplichten tot geheele terugbetaling der genoten gelden, maar een zeker percentage. Dat is natuurlijk oen groot verschil. De grootte van dat percentage wilde onze afdeeling gaarne overlaten aan het oordeel van Bondsvergadering of Hoofdbestuur. Met Bondsgroeten,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 maart 1933
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 maart 1933
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's