De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FINANCIËN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FINANCIËN

7 minuten leestijd

Uit den aard der zaak is deze tijd, die zoo vlak aan de Paaschdagen voorafgaat, voor mij als Penningmeester, behoorende tot de meest stille. Natuurlijk worden er dan geene collectes meer voor onze fondsen gehouden. Immers met Paschen zelf wordt er in al onze gemeenten voor dit doel bij haar aangeklopt. De uitgever van onze Waarheidsvriend, die voor ons drukwerk, dat aan de Kerkeraden verzonden wordt en aan de Besturen der onderscheidene afdeelingen, tevens zorg draagt, schreef me, dat al heel wat circulaires bij hem waren aange^vraagd. Toch geloof ik, dat hij op nog meerdere aanvraag had gerekend. In elk geval is er maar één wenk uwerzijds voor noodig, als ge er mee werken wilt tenminste, en ge krijgt net zooveel als ge begeert.
Ik hoop maar niet, dat hier eenige verslapping intreedt. Wij zijn door de bizondere zorg des Heeren in het afgeloopen jaar niet ongezegend gebleven, maar bedenkt, dat het batig saldo er niet geweest zou zijn, als er niet een drietal legaten waren ingekomen.
Zulke posten komen maar hoogst zelden voor. Hierop kan natuurlijk, bij een gezond beheer, niet worden gerekend. Wij hebben zoo onze vaste inkomsten. Deze kunnen wel eens iets schommelen, 't Eene jaar is het iets hooger, 't andere wat lager, maar een zekere vaste lijn is er toch wel in te ontdekken. B.v. die van de contributies, en die van de rente van ons kapitaal; hiervan kan worden gezegd : „daarop moogt ge rekenen". Maar nu al het andere. De Paaschcollecte vormt voor onze fondsen wel een der meest voorname bronnen. Als hierin eenige vaste regel bestond, n.l. dat overal, waar de gereformeerde prediking begeerd wordt, ook voor onze fondsen gelden werden ingezameld, of door een collecte in de kerk, óf door een rondgang door de gemeente bij de vrienden, ik vermeen dat niet alleen de gang van ons werk niet onderbroken zou worden, maar dat aan versteviging, ja zelfs aan uitbreiding zou kunnen worden gedacht. Dit laatste is beslist noodig. 'k Zou u kunnen voorleggen staten van die corporaties, die hetzelfde doel beoogen, n.l. door steun te verleenen aan studeerende jonge menschen, die alle krachten inspannen en hun invloed nog steeds zoeken uit té breiden, die alles liever zien, dan dat vermeerdering van gereformeerde predikers zou kunnen worden, geconstateerd. Wij mogen in geen enkel opzicht verslappen. De tijden, die wij beleven, zijn te ernstig. Vandaar ook, dat wij met allen aandrang blijven aankloppen. Laat de Paaschcollecte ook dit jaar minstens die van het vorig jaar evenaren.
Op mijn lijstje staan nog wel enkele plaatsnamen, waar men tot nu niet heeft meegedaan met onze actie.
Dit mag niet langer zoo blijven.
Voor alles wordt geld gevraagd. En voor veel worden nog schatten geofferd. Zou op het kerkelijk erf niet met uiterste krachtsinspanning mogen worden gehandeld. De treurige toestand in vele deelen van ons vaderland is voor een groot deel gevolg van de wijze, waarop het Evangelie van de kansels wordt uitgedragen. Wij mogen niet tevreden zijn voor van deze plaats het heldere licht van Gods Woord weer flonkert.
'k Hoop, dat de handen der vrienden in deze dagen bizonder worden gesterkt en dat het gebed opstijge om Gods bizondere genade in dezen.
Ge zult het dunkt ons verstaan, dat onzerzijds met eenige vreeze de komende tijden worden tegemoet gezien, wanneer we vergelijken, wat de de gewone wintercollectes in deze maanden voor achteruitgang lieten zien, zoo maken we ons wel eenigszins bezorgd.
Toch kan de uitkomst wel weer beschamend voor ons zijn. Een enkel lichtpuntje mocht ik, in de laatste dagen, al opmerken. Een oude vriendin schreef me, met bevende hand : „daar ik vermoed, dat de vrienden hier niet zullen kunnen bereiken, wat zij anders konden verkrijgen, stuur ik maar een bijdrage". Dit is zoo teekenend.
- Wanneer een ander het niet meer kan, zoo doe ik het.
Zulke voorbeelden vragen om vermenigvuldiging.
Mag ik al onze vrienden op het hart binden : „laat geen enkel wettig middel ongebruikt, en zoek naar wegen om de zaken, die wij dienen, zoo krachtig te steunen als u mogelijk is".
In stille afwachting zien wij uit. Thans leggen wij u voor het lijstje van inkomsten gedurende de laatste week.
1. In eigen gemeente wordt meer dan een enkel blijk van meeleven getoond. Telkens komen er giften in uit onze naaste omgeving. Dit stemt tot erkentelijkheid. Van mej. N. N. f 2.50, van N. N., gecollecteerd in de Domkerk f2.50, van N. N., gecollecteerd in de Janskerk f 1.—, samen ƒ 6.—
Tevens kwamen een tweetal vrienden hun busje bij mij leegmaken, de f am. D. f7.40, mej. C. V. f7.~, samen ƒ 14.40
2. Door ds. Remme van Amsterdam werd me ook de inhoud van twee busjes toegezonden, van den heer Sch. f4.76, van mej. d. Gr. f6.60, samen ƒ11.36
3. De heer C. Bardelmeijer van Zegveld zond me ook de maandelij ksche inhoud van zijn busje, zijnde ƒ 2.85
4. De heer J. v. Klaveren te Leiden zond nu ook de inhoud van zijn busje. Deze bedroeg niet minder dan ƒ 13.50 Ge ziet hoe vruchtbaar zulke busjes zijn. Op den duur is deze opbrengst beteekenend. Wij zijn met deze wijze van bijdragen zeer verblijd.
5. Door ds. van Ginkel te Nieuwpoort, een nagift op de collecte van f 1.—, en een gift uit de collectezak van f2.50, samen ƒ 3.50
6. Door ds. Plantinga te Harmelen uit de catechisatiebus aldaar ƒ 5.—
7. Door den Kerkeraad van Randwijk werd ons gezonden een collecte, gehouden bij een spreekbeurt aldaar, waarbij voorging ds. Montfrans te Barneveld. Deze bracht op ƒ 26.64
8. Door ds. de Looze van Renswoude ontving ik een tweetal giften, van de wed. O. f 0.50, en van A. v. M. f 1.—, samen f 1-50
9. Ten slotte van mevr. T. te V. ƒ 25.—
Met deze gift was ik zeer ingenomen, en wel om het warme hart, dat hieruit spreekt.
De gezamenlijke opbrengst was f 109.75.
Zooals ik reeds zeide, is deze week een weinig minder in opbrengst dan de andere. Wij zijn evenwel dankbaar en hopen op wat komt.
Geve de Heere ons allen een rijk gezegend Paaschfeest.
Utrecht.
Ds. J. GOSLINGA

VREUGDFONTEIN.
Daar welt in mij een vreugdfontein, wier water dag aan dag mij meer verkwikt dan eed'le wijn, hoe schoon die paar'len mag.
Een sterke, wonderzoete vreugd vloeit ongezien mij toe. Een blijdschap, die mij diep verheugt, en zelf weet ik niet hoe.
Ze ontspringt uit aller bronnen Bron, Die, al wat ademt, voedt. Ze straalt uit aller zonnen Zon, en doet mij louter goed.
Zij maakt mijn leven tot een lied, vervroolijkt hart en zin. Hoe minder lust mij de aarde biedt, hoe meer ik haar gewin.
Daar welt in mij een heilfontein, mij lavend dag aan dag. Mij vreugd bereidend nog in pijn, geen sterflijk oog haar zag. Zij vloeit uit God en keert tot God zij is mijn drank en spijs. Zij biedt op aard mij reinst genot, verkort de lange reis.
Zij is me in krankheid medicijn, in voorspoed rijke weeld', en heeft in felle zielepijn mijn wond zoo zoet geheeld, o Wond're drank, o hemelwijn, mij toebereid door Hem die kroop in 't stof van angst en pijn, en riep met droeve stem
o Smartenhof, o folterkruis, o Nacht bij klare dag, och, dat bij gouden-harpgeruisch, 'k eens Jezus loven mag.
Mijn Heiland, eens zal ik U zien, zooals Gij waarlijk zijt. Dan zal de laatste nevel vliên van voor Uw Majesteit. Dan straalt Uw heerlijk Godsgelaat mij onomsluierd tegen. Terwijl ik ongestoord mij baad in louter hemelzegen.
Hij heeft, opdat ik drinken zou, die hemelwijn ontbeerd, en mij, in onbezweken trouw 't afkeerig hart bekeerd, o Vreugdebron, o heilfontein. Die u ontspringen deed, verging voor mij in wee en pijn, verdragend hoon en leed.
Ja Heer, Uw vleesch is waarlijk spijs, en drank Uw heilig bloed. Heil! wie zich op de korte reis des levens daarmee voedt. Zijn Zon zal nimmer ondergaan, en, in zijn laatste stond, zal Jezus-Zelve bij hem staan, en sterft hij aan Zijn mond.
o Liefde, Die het al vermocht, o Liefde, peilloos diep. Die waakte, toen 'k — aan 't kwaad verkocht -
den slaap der zonde sliep ; Gij waart er vóór mijn eerst begin, ééns waakt Ge over mijn stof Gij zijt Dezelfde, eeuw uit eeuw in. Heel d' aard zingt eens Uw lof.

W. W. BOUWHUIS.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 april 1933

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

FINANCIËN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 13 april 1933

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's