STAAT EN MAATSCHAPPIJ
DE UITSLAG.
De eerste indruk, welke de uitslag van de Kamerverkiezingen maakt, is, dat de stembus winst heeft gebracht voor de anti-revolutionaire partij en voor de partijen van uiterst links.
Wij verheugen er ons over, dat het stemmencijfer, dat de antirevolutionairen behaalden, van 391.832 op 499.888 stemmen Idem, waardoor zij twee nieuwe zetels in de Tweede Kamer zullen bezetten.
De Heere zij daarvoor gedankt.
Echter naast de blijdschap, die ons vervult betreuren wij het ernstig, dat de verkiezingen ook eene verschuiving bracht naar de uiterste linker-groepen, waarvan het gevolg is, dat de communisten hunne twee zetels in het parlement verdubbeld zien en ook de lijstentrekker van de revolutionaire socialistische partij zich den toegang tot de Tweede Kamer heeft ontsloten.
Niet minder dus dan vijf man, behoorende tot den uitersten linkervleugel der Kamer, zullen met de twee en twintig sociaaldemocraten voortaan het revolutionaire element in de volksvertegenwoordiging uitmaken.
Dit resultaat der stembus wekt ongetwijfeld groote bezorgdheid en zal in velerlei opzicht een rustigen gang van zaken op het Binnenhof bemoeilijken.
Is, wat wij hierboven neerschreven, de algemeene indruk van den uitslag der verkiezingen, intusschen, wanneer wij dien uitslag wat van meer nabij bezien, vallen nog andere dingen op te merken.
Zoo zouden wij kunnen wijzen op den teruggang van het aantal zetels der Roomsch-Katholieken met twee en die van de Christelijk-Historischen met één, aan welk laatste feit de komst van den Bond voor Nationaal Herstel wel niet vreemd zal zijn en door welken teruggang de z.g. vroegere rechterzijde van drie en vijftig Kamerleden is teruggeloopen op twee en vijftig Kamerleden.
Wij zouden verder de aandacht kunnen vestigen op den gestadigen teruggang van het getal liberale stemmen en hoe ook ditmaal de Vrijzinnig-Democraten een veer hebben moeten laten.
Er is echter één element in den uitslag der verkiezingen, dat de bijzondere belangstelling vraagt; dit element is de steeds verder gaande versplintering in de partijgroepeeringen in de Staten-Generaal. Waren er in de tegenwoordige Kamer elf partijen, in de nieuwe Kamer zullen er veertien binnentreden. Dit kwaad, dat zich steeds sterker openbaart, maakt op den duur het parlementaire stelsel kapot. Wat het buitenland ten deze te zien geeft, moet voor ons een baken in zee zijn.
Terecht merkt „De Standaard" op, dat hoe grooter de versplintering van het parlement is, hoe krachteloozer de volksvertegenwoordiging wordt, en hoe krachteloozer die volksvertegenwoordiging is, hoe moeilijker het worden zal om de diep insnijdende kwesties van dezen tijd tot oplossing te brengen. Terwijl juist door het niet-oplossen van de groote vragen : herstel van de autoriteit der Overheid, herstel, zooveel mogelijk, van ons economisch leven en bestrijding der werkloosheid, de versplintering van het parlement wederom grooter wordt, de onmacht ten slotte toeneemt en aldus de weg naar een regeeringsvorm wordt gebaand, die bij onzen volksaard niet zou passen.
Men staat er verbaasd van, dat honderd duizenden kiezers het groote kwaad der versplintering niet inzien en begrijpen, dientengevolge aan allerlei kleine partijtjes hunne stem geven en het zoodoende onmogelijk maken, dat een krachtig bewind optreedt.
Deze kiezers zijn de schuldigen, wanneer wij met extra-parlementaire Kabinetten moeten blijven voortsukkelen, waarbij dan nog het fraaist is, dat het juist deze menschen zijn, die steeds den mond vol hebben met klachten over ondermijning van het gezag, niet voldoende regeeringszorg voor noodlijdende bedrijven, het ontbreken van krachtige maatregelen ter bestrijding van de werkloosheid en wat al niet meer.
Aan het kwaad zal niet eerder een einde komen, alvorens het te laat is.
Inderdaad levert de uitslag der verkiezingen nieuwe stof op om zich over het geringe verantwoordelijkheidsbesef der kiezers te verwonderen. De vraag wordt urgenter (spoedeischend) om te overwegen of de Wetgever niet maatregelen moet nemen om het groote kwaad der versplintering tegen te gaan.|
WAT NU?
Dit is de vraag, die zich na de verkiezingen als vanzelf opwerpt en veler aandacht bezighoudt.
Het Kabinet Ruys diende zijn ontslag in, de Koningin heeft dat ontslag aanvaard, het Kabinet zal dus zoo aanstonds door een ander vervangen worden.
De vraag is nu, in welke richting de formatie van het nieuwe Kabinet zal plaats hebben en welke signatuur dit Kabinet zal dragen.
Het zal, na alles wat over dit onderwerp in den laatsten tijd is gezegd en geschreven geworden, wel niet meer noodig zijn om aan te toonen, dat het met het oog op den zeer moeilijken tijd, dien wij beleven, beslist noodzakelijk is, dat tot het constitutioneel-parlementaire stelsel wordt teruggekeerd, dus dat er een parlementair Kabinet komt, dat op eene meerderheid in de Tweede Kamer rust.
In hoeverre dit mogelijk zal zijn, zal zoo aanstonds moeten blijken, wanneer de Kabinetsformateur zich met de hem door de Koningin verstrekte opdracht gaat bezighouden.
Bij de formatie zal, wil het Kabinet in de breede lagen der bevolking vertrouwen wekken, rekening moeten worden gehouden met het feit, dat het nationaal gevoel bij deze stembus sterker heeft gesproken, dan bij eenige gelegenheid te voren.
Dat het Kabinet een Christelijke signatuur zal moeten dragen, staat ongetwijfela vast, in het bijzonder nu de groote meerderheid met de Christelijke volksaspiraties wenschen gerekend te zien.
Van deze dingen uitgaande, zal een Christelijk parlementair Kabinet, dat mei het nationaal gevoel der bevolking rekening houdt, moeten optreden en de leiding van zaken in handen krijgen.
Dat dit Kabinet bewust en met doortastendheid op zijn doel zal moeten afgaan, spreekt van zelf.
Een zwak Kabinet kan in de moeilijke tijdsomstandigheden, waarin wij leven, van geen nut zijn.
Een sterk bewind is beslist noodzakelijk. En stuit de arbeid van zulk een bewind af, op den onwil van eene meerderheid van het parlement, dan moet zelfs het middel der Kamerontbinding niet geschuwd worden.
Het moet voor alles gaan om ons land voor den geestelijken en stoffelijken ondergang, met Gods hulp, te behoeden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 mei 1933
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 4 mei 1933
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's