UIT DE PERS
DE OPGRAVINGEN IN HET OOSTEN.
In „Stemmen des tijds" (Juli '32) publiceert prof. dr. F. M. Th. Böhl „Mesopotamische reisbrieven van wijlen dr. J. Th. de Visser".
Zooals men weten kan was dr. de Visser predikant, redenaar, staatsman, minister - maar ook archeoloog, die op 23-jarigen leeftijd promoveerde op een Oud-Testamentisch onderwerp (Daemonologie) en daarna als jong predikant van gemeenten als Leusden, Almelo, Rotterdam, Amsterdam de werkkracht vond om een Hebreeuwsche Archaeologie saam te stellen van niet minder dan 543 blz., die nog heden, na veertig jaar, om haar rijk en veelzijdig materiaal met eere mag worden vermeld. Tot zijn mooiste herinneringen behoorde reis naar Palestina in 1895 ondernomen. Zoo lag het voor de hand dat dr. de Visser ook veel belangstelling toonde voor 't werk der opgravingen in Palestina en ook het voorzitterschap van het „Comité voor opgravingen in Palestina" op zich heeft willen nemen na het overlijden van prof. Jhr. Six.
Dit alles is ook oorzaak geworden dat er tusschen prof. Böhl en dr. de Visser relaties werden aangeknoopt. En nu prof. Böhl (Maart j.l.) weer in het Oosten vertoefde schreef hij brieven aan dr. de Visser „die hem niet bereikt hebben", maar nu voor een deel worden gepubliceerd door den schrijver.
In den eersten brief, gedateerd Baghdad 24 Maart 1932, vertelt prof. Böhl van zijn luchtreis, die hem. Donderdagochtend uit Amsterdam vertrekkend. Dinsdagavond in Ur der Chaldeën deed ziin ! Men vloog over het forum, de Akropolis, de pyramide van Gizeh, het tempelplein te Jeruzalem, het Noordelijk gedeelte van de Doode Zee, met de vlakte van Jericho enz. „Het meest indrukwekkend was tenslotte de vlucht over de oneindige vlakte der Syrisch-Arabische woestijn, meestal op een hoogte van 1800 M., ook wel op de respectabele hoogte van 3800 M."
Met den trein ging het in tien uur, naar Ur, waar de bekende opgraver mr. Woolley werkt.
„Wat van deze opgravingen verteld wordt is niet overdreven". Ook andere belangrijke plaatsen, vermaard in de Babylonische geschiedenis, maar thans midden in de woestijn en moeilijk te bereiken: Teil el Obeid en vooral het beroemde Ezidu, worden nu bewerkt.
De ruïnen van Babylon werden bezocht, de traditioneele „Toren van Babel", waar de god van de onderwereld (Nergal, zie 2 Kon. 17) vereerd werd.
Twee puinheuvels in de omstreken van Baghdad werden bezocht „waar we aanschouwelijk onderwijs ontvingen in de oudste Sumerische beschaving, wat aanvullend was voor 't geen we reeds in Ur gezien en gehoord hadden".
„De plaats op den Tell-Chafadji werd 2800 voor Christus verwoest en was sindsdien niet meer bewoond ; 40 cm. onder het woestijnzand vindt men voorwerpen van vóór 2800 voor Christus. Ik kende tot nu toe drie vorsten van deze stad, in de afgeloopen campagne heeft men de namen en opschriften van 23 andere — tot nu toe onbekende — gevonden, en de fundamen ten van een grooten tempel, voorts van particuliere huizen van 2300 voor Christus (vijf of zes eeuwen vóór het tijdperk der Aartsvaders). Deze huizen zijn voorzien van badkamers en toiletten".
„Een kleine collectie van vaatwerk uit Ur, uit de verschillende tijdvakken, is beschikbaar gesteld voor het Leidsche museum".
„In dit land is gebrek aan Assyriologe.» „Moge later eens de tijd komen voor een Nederlandsche opgraving in Mesopotamië.
„Wat wij voor het Museum nog noodig hebben, zijn één of twee werkelijk goede stukken (standbeelden of reliefs)) die als middenstukken van het nieuw in te richten zaaltje kunnen dienen en de aandacht van het publiek trekken".
Later „vertoefden wij lang op de uitgestrekte puinhoopen der oudste Assyrische hoofdstad Assur, met den tempel van den hoofdgod van het land, in de nabijheid waarvan o.a. de graftombe gevonden werd van koning Sanherib, wiens lijk blijkbaar hierheen werd overgebracht, nadat hij in 681 voor Christus door zijn eigen zoons vermoord was".
(Zie o.a. „Ur der Chaldeën" vertaald door dr. W. H. Obbink, Utrecht 1931).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juni 1933
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 juni 1933
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's