INGEZONDEN
Onderschrift van den Hoofdredacteur :
ONGEVRAAGD ADVIES (3).
Dat ik thans ten derden male aan U, geachte Hoofdredacteur, eenige plaatsruimte vraag, neemt U mij zeker niet kwalijk. Met des te beteren moed durf ik dit te doen, de\vijl ik weet, dat U vele jaren Voorzitter van onzen Bond zijt, en meer dan eens altijd maar weer tracht ons Gereformeerde volk te vereenigen.
Ook de lezers van „De Waarheidsvriend" verzoek ik mij lankmoediglyk te willen hooren, aangezien ik gedreven uit liefde tot onzen Bond, maar niet minder uit het gevoel van de noodzakelijkheid om iets te bereiken in het belang van onze Hervormde Kerk, het een en ander in ons blad geschreven heb. Ter zake dan.
Was mijn eerste woord tot ons Gereformeerde volk, gaf ik vorige week aan wat de wijze van actie moest zijn, , thans richt ik mij tot alle Bondsvrienden.
Met een woord evenwel, waar ik van overtuigd ben, dat het niet allen aangenaam zal zijn.
Toch ligt dit niet aan mij. Want zooals de toestand thans is, toen ik niet aansprakelijk voor, althans niet alleen. Mogen dan allen met hetgeen ik u thans heb mee te deelen, winst doen, zoodat de werkelijke toestand anders worde. Want daarom is het mij te doen. Gereformeerde menschen kunnen er toch wel tegen, een woord te hooren, dat waar is ?
Wat toch is het geval ?
Al sinds jaren belast de afdeeling Utrecht zich met de regeling van onzen Bondsdag. Hiertoe behoort ook o.m. het vormen van het stembureau. Als voorzitter van het stembureau weet ik uit den aard der zaak, hoevele afdeelingen vertegenwoordigd zijn ter Bondsdag, 't Getal noemen zal ik niet, doch 't laat veel te wenschen over.
Daarom is mijn advies aan onze Bondsvrienden : er moeten meer afdeelingen komen.
Dit advies geldt in de allereerste plaats de predikant-leden. Laat dit advies u gegeven worden door een gewoon Bondslid, wilt er gevolg aan geven, terwille van de goede zaak, die we allen willen dienen.
’t Ligt toch voor de hand, dat van u de stoot moet uitgaan.
Is het niet meer dan tijd, dat al onze Bondspredikanten zoo spoedig mogelijk zorgen, dat in hunne gemeenten een afdeeling wordt opgericht ?
Wat is de oorzaak dat dit nog steeds achterwege bleef ? Men is toch niet bang, dat onze Bond verdeeldheid brengt in de gemeente ? Dit is uitgesloten, want de Gereformieerde Bond bindt wel, doch verwoest en verstrooit niet. Juist door de afdeelingen voelt men zich tot elkander aangetrokken. Alleen organiseerend werken kan zeer vruchtbaar zijn.
Waarom dan, h.h. predikanten, is het bij u nooit gekomen tot het oprichten van een afdeeling ?
Erger nog, waarom wordt in uwe gemeente nooit iets gedaan in het belang van den Gereformeerden Bond ?
Zelf toch zeker wel lid, en waarom dan geen afdeeling, geen werving van leden, geen winnen van abonné's op De Waarheidsvriend, geen collecte voor onze fondsen, geen spreekbeurt in 't 'belang van den Gereformeerden Bond ?
Voelt ge niet, dat hier iets hapert ?
Waar blijft gij jongeren, voor wien de Bond was een hand en een voet ?
Doch wie ge ook zijt, voorzoover gij niet vrij uitgaat, ik bid u, span er u nu eens voor.
Komt het u wenschelijk voor, zelf niet vooraan te staan, (ik voor mij zou 't een eer achten, persoonlijk leiding te geven), wek dan toch anderen op, die het werk ter hand nemen. Breek dan toch in elk geval met de al jaren gevolgde gewoonte, met niets te doen. Is het niet meer dan tijd, dat gij als voorganger, ook in dit werk een voorbeeld geeft ? Laat de bediening des Woords u boven alles gaan, doch doe het eene, en laat het .andere na.
Niet minder wend ik mij tot u, gewone leden.
Ik vraag u met aandrang : is het niet meer dan tijd, dat in uw woonplaats een afdeeling wordt opgericht ? Ligt het niet op uw weg, u bij uw predikant aan te melden, zijne medewerking te vragen en gemeenschappelijk aan 't werk te gaan ? Probeert het eens, en gij zult zien, dat het zal gelukken. Zoo niet, welnu, dan helaas zonder predikant toch aan 't werk. Versta u met eenige vrienden, en richt dan toch een afdeeling op. Hier te Utrecht stellen we het zeer op prijs, dat we twee Bondspredikanten hebben, wien de belangen van den Bond zeer ter harte gaan. We bezitten in hen zeer gewaardeerde krachten, en beiden zijn ook aan onze afdeeling verbonden. als adviseurs. Evenwel ben ik er van overtuigd, dat Utrecht, indien het anders ware, toch de belangen van den Gereformeerden Bond zou dienen, zij het ook onder minder gunstige omstandigheden.
Zoo ook op plaatsen, waar geen Bondspredikant is, of zich afzijdig houdt, ik wil u, mede-bondsleden, adviseeren : richt een afdeeling op. Ga organisch werken, in 't belang van onzen Bond. Met een staat van dienst als ik tot mijn groote voldoening heb, begrijpt gij zeker wei, dat ik wel eenige ervaring heb in ons Bondsleven. Ik verzeker u, in 9 van de 10 gevallen zal het u best meevallen, indien ge de zaak verstandig aanpakt, ook wat de medewerking van uw predikant aangaat.
Bij gelegenheid van ons 25-jarig bestaan trof ik een predikant aan in mijn ressort, welke lid was van de S.G.P. Evenwel met kalme redeneering kwam het toch hiertoe, dat Z.Ew. teekende voor een , niet onbelangrijk bedrag. Een der Bondsvrienden verzocht ik in die gemeente in 't belang van onzen Bond te willen werken, 't Gevolg ? Onze commissie was tevreden met het gunstige resultaat.
In één der vele gemeenten kon ik noch predikant, noch bondslid vinden om ons ter wille te zijn. Een bondslid uit een naburige gemeente werd door mij aangezocht dit te willen doen. 't Gevolg ? Bevredigend resultaat.
En daarom vrienden, aan 't werk.
Met uw predikant, heel graag, want 't is ons aller zaak.
Moet het zonder, bitter jammer, toch aan 't werk.
Is het niet in treurig, dat we reeds jaren wachten op tal van Gereformeerde plaatsen ?
Op plaatsen waar jaren lang, een, soms twee Bondsdominé's staan ? ja
Verandering te brengen in de doodsche stilte, is het doel van mijn epistels.
Ten slotte, wie is er, die met mij instemt, ten Ie, dat de leiding door het gansche land moet uitgaan van het Hoofdbestuur ?
Ten 2e, dat zoo spoedig mogelijk provinciaal worde gewerkt ?
Ten 3e, wie zendt mij eenig toewijs van instemming, hetwelk ik (zal overleggen aan het Hoofdbestuur ?
Ten 4e, wie is bereid in zijne woonplaats een afdeeling op te richten ?
Ik zal uitzien naar eenig bericht, aan mijn adres : Zacharias Jansenstraat 1.
Persoonlijk ben ik bereid, daar hulp te verleenen, waar het wordt gevraagd.
De Heere gorde ons allen aan met lust en kracht, en zegene ons werk zoo, dat de cijfers der modennen er bij in 't niet raken.
P. BRINKERS.
Voorzitter van de Afd. Utrecht.
Onderschrift van den Hoofdredacteur :
Met zéér groote belangstelling en algeheele instemming hebben wij van „het Plan-Brinkers" kennis genomen en wij twijfelen niet, of zéér velen zullen met ons gevoelen, vooral in deze bange, moeilijke tijden, dat het heerlijk zou zijn, indien er door velen allerwegen eens flink werd „aangepakt". Waar een wil is, daar is een weg. En die ook maar iets voelt van den nood van Kerk en Volk zal het moeten erkennen er kan en er moet door ons krachtig worden aangepakt, om nog te behouden wat er te behouden is en om, waar eenigszins mogelijk, onze actie te verdiepen en te verbreeden, opdat er door heel ons en te verbreeden, opdat er door heel ons doel en streven, saam gaan vereenigen.
Zijn er niet een paar actieve personen, die oog en hart voor organisatie hebben en met liefde voor onzen Gereformeerden Bond, met z'n velerlei arbeid, vervuld zijn, die zich met den heer Brinkers in. verbinding willen stellen ? In alle Provincies is wel iets, soms veel, te doen. In tal van dorpen en ook in de grootere plaatsen is vast en zeker véél meer te bereiken, dan we tot nu toe hebben verkregen. En daarom hopen we, dat velen voor het Plan-Brink; eens zullen warm loopen. Ons dunkt, dat t.o.v. in de afdeeling Vlaardingen dadelijk „contact" is verkregen en zoo zullen er wel meer zijn, onder de ouderen en de jongeren, die voelen, dat we elkaar moeten helpen en bijstaan, in 't belang van onzen Gereformeerden Bond.
Wij zien met belangstelling uit naar de resultaten ! Laat men den heer Brinkers nu niet ontmoedigen, maar zooveel als mogelijk is helpen en bijstaan !
Wij twijfelen niet, of al de leden van het Hoofdbestuur kunnen zich hartelijk Vereenigen, met hetgeen onze Utrechtsche vriend geschreven heeft.
M. VAN GRIEKEN.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 juli 1933
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 juli 1933
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's