KERK, SCHOOL, VEREENIGING
NEDERLANDSE HERVORMDE KERK
Beroepen te Maartensdijk B. Batelaan te Barneveld — te Rouveen J. J. van de Pol te Oene (van 1916—1918 te Rouveen) — te Woudsend H. S. van Rijs te Vianen — te Drogeham (toez.) L. Knier te Birdaard — te Veendam (vac.-C. C. de Kloet) W. F. Dikboom te Zuidlaren — tè Waddinxveen W. J. van Lokhorst te Hilversum — te Oud-Alblas J. R. Cuperus, te Mastenbroek (Ov.).
Aangenomen naar Heenvliet (toez.) A. M. van de Laar Krafft, predikant bij de Vrije Jeugdkerk te Rotterdam.
Bedankt voor 's-Grevelduin-Capelle E. E. de Looze te Renswoude —voor Den Ham J. C. Terlouw te Suawoude — voor Oudemirdum J. P. E. C. Eerhard te Workum — voor IJsselstein en Vreeswijk (toez.) E. E. de Looze te Renswoude — voor Nieuwe-Tonge D. J. van de Graaf te Ede (G.) — voor Lage Vuursche J. Enkelaar te Leerdam — voor Ossendrecht G. J. A. Offerhaus te Eernewoude — voor Hillegom J. C. Neeleman te Pernis — voor Urk cand.H. A. Jellema te Woubrugge.
GEREFORMEERDE KERKEN.
Drietal te Westerenden cand. C. G. Bos te Uithuizen, cand. G. Brinkman te Winschoten en cand. K. Reinders te Leens.
Tweetal te Zuidland J. C. Hagen te Sprang en cand. P. Robbers, hulppred. te Wieringen.
Beroepen te Ee (bij Dokkum) Th. Boersma te Hijlaard — te Zuidland J. C. Hagen te Sprang—te Venlo-Roermond E. G. van Teijlingen te Oostwold (Oldambt) — te Westeremden cand. G. Brinkman te Winschoten.
Aangenomen naar Lutterade cand. A. W. T. Nijenhuis, hulppred. te Middelburg.
Bediankt voor Wormer H. M. Ploeger te Culemtoorg — voor Gorinchem P. D. Kuiper te Sassenheim.
CHRISTELIJKE GEREFORMEERDE KERK
Tweetal te Delft en te Aalten cand. L. Kraan te Apeldoorn en cand.M. W. Nieuwenhuijze te Vlissingen.
Beroepen te Papendrecht L. S. den Boer te Leerdam — te Kornhorn cand. M. W. Nieuwenhuijze te Vlissingen — te Delft cand. M. W. Nieuwenhuijze te Vlissingen — te Hillegom cand. L. Kraan te Apeldoorn — te Schiedam cand. M. W. Nieuwenhuyze te Vlissingen.
Bedankt voor 's-Gravenzande J. tamminga te Harderwijk.
GEREFORMEERDE GEMEENTEN.
Beroepen te Giessendam M. Hofman te Krabbendijke.
Aangenomen naar Den Haag cand. P. Honkoop te Rotterdam.
Bedankt voor lerseke, Middelharnis, Aagtekerke, Genemuiden, Meliskerke, Werkendam, Terneuzen, Dordrecht, Westzaan, Bruinisse, 's-Gravenpolder, Tholen, Leiden, en Opheusden cand. P. Honkoop te Rotterdam — voor Lisse M. Heikoop te Utrecht.
Afscheid, Bevestiging, Intrede. Ds. P. Bongers, Ned. Hervormd predikant te Kamerik (bij Woerden), wien emeritaat is verleend, hoopt Zondag 24 September a.s. zijn afscheid te nemen. Ds. B. gaat zich te Utrecht vestigen.
Candidaten-overvloed. Het getal der candidaten tot den H. Dienst in de Gereformeerde Kerken, die beroepbaar gesteld zijn en proponeeren mogen, doch tot op dit oogeniblik nog geen beroep ontvingen, is thans gestegen tot 71 (een-en-zeventig).
Giften en Legaten. Te Amsterdam ontving, naar de „Standaard" meldt, de Gereformeerde Kerk uit de nalatenschap van wijlen A. Hein, die deze kerk tientallen jaren als ouderling heeft gediend twee legaten van f 1000.—„een voor de Kerk en een voor de Diaconie.
— Te Ottoland heeft de Gereformeerde Kerk van wijlen den heer J. Harthoorn aldaar een legaat van f 4000.— ontvangen, te verdeelen tusschen Kerk en Diaconie.
Driejarige Kweekscholen. Ingebrachte bezwaren. De besturen der Bijzondere Kweekscholen „Chr. Normaalschool" te Zetten ; „de Groen van Prinsterer-Kweekschool" te Doetinchem en „Chr. Normaalschool op den Klokkenberg" te Nijmegen, hebben zich als de drie eenige Prot. Chr. Kweekscholen, waaraan internaten verbonden zijn, met een gemeenschappelijk adres tot den Minister van Onderwijs gewend, waarin zij, naar aanleiding van den jongsten brief van den Minister van Onderwijs inzake de Kweekscholen, te kennen geven, van meening te zijn dat het voor deze Kweekscholen zeer bezwaarlijk zal zijn, met ingang van 1 September a.s. den 4-jarigen cursus om te zetten in een 3-jarigen en wel om de volgende redenen :
1. Verscheidene leerlingen der eerste klasse konden niet bevorderd worden ; het zou zeer bezwaarlijk zijn deze leerlingen op zoo korten termijn van de school te verwijderen.
2. De ouders der leerlingen, die tot de eerste klasse zijn toegelaten, hebben reeds geruimen tijd gerekend op de plaatsing van hun kinderen in die klassen.
3. Bij omzetting van de 4-3arige Kweekschool in een 3-jarige zouden verscheidene leeraren ontslagen moeten worden zonder dat het mogelijk zou zijn de contractueel overeengekomen ontslagtermijn bij opheffing der betrekking na te komen.
4. Het niet-toelaten van leerlingen tot de eerste klasse der kweekschool zou de mogelijkheid van het exploiteeren der internaten, aan de kweekscholen verbonden, op zeer ernstige wijze schaden.
Prejdikantsvacatures in de Ned. Hervormde Kerk. „Doet. Werk", orgaan der Chr. Phil. Inrichtingen te Doetinchem, brengt van de hand van ds. C. A. Snoep, te Kantens de half jaarlijksche opgave der vacante plaatsen in de Ned. Hervormde Kerk op 1 Juli j.l.
Daaruit blijkt, dat op dien datum vacant waren 328 predikantsplaatsen; dit getal bedroeg op 1 Januari 1933 334, op 1 Juli 1932 330 plaatsen.
In de onderscheiden provincies bedraagt het aantal vacatures : Gelderland 44, Zuid-Holland 54, Noord-Holland 51, Zeeland 21, Utrecht 13, Friesland 59, Overijssel 14, Groningen 46, Noord-Bratoant 10, Limburg 3, Drenthe 13.
Er zijn 12 candidaten tot den Heiligen Dienst nog beroepbaar.
Reorganisatie-Kweekscholen. Pas volgend jaar, naar het „Handelsblad" verneemt, ligt het in de bedoeling, dat de reorganisatie in de opleiding voor onderwijzer en onderwijzeres pas met ingang van den cursus, die in het najaar van 1934 begint, zal ingaan.
Het zal echter mogelijk zijn, dat reeds thans enkele Kweekscholen in den lande haar eerste klas afschaffen ; voor die gaat de verandering dan reeds tegen September van dit jaar in.
De nieuwe Schoolbouw-bepalingen. Uitvloeisel van het wetsvoorstel-Marchant. De Kerkeraad der Ned. Hervormde Gemeente te Daarle, gemeente Hellendoom, had aan het Gemeentebestuur verzocht medewerking te verleenen tot stichting van een bijzondere lagere school te Daarle. Bij nader ingekomen schrijven deelde de Kerkeraad mede, dat voorloopig genoegen wordt genomen met één lokaal der o.l. school aldaar. De Inspecteur van het L. O. kan zich hiermede vereenigen.
B. en W. stellen den Raad voor het verzoek in te willigen.
De A.R.J.A. Het vierde jaarverslag. Verschenen is het vierde jaarverslag van de Anti-Rev. Jongeren Actie, van de hand van den secretaris, dr. L. W. G. Scholten te Utrecht.
We ontleenen daaraan dat het aantal aangesloten clubs sedert de vorige jaarvergadering steeg van 107 op 149. De secretaris constateert dat het wantrouwen dat z.i. geheel ten onrechte in sommige streken ten opzichte van de A.R.J.A. heeft geheerscht geheel is overwonnen. Het bestuur besloot een geschrift het licht te doen zien van de hand van den heer S. Roosjen, vice-voorzitter van de A.R.J.A. waarin aan de hand van feitelijke gegevens een inzicht in de werking der clubs gegeven wordt. Dank zij de medewerking van verschillende districts commissarissen werden op tal van plaatsen propaganda-samenkomsten gehouden. De algemeene structuur der clubs is sedert verleden jaar niet merkbaar gewijzigd. Sommige aaneengelegen clubs organiseerden streekvergaderingen. In aansluiting daaraan heeft het bestuur een ontwerp ter hand genomen van indeeling van de clubs in gouwverband. Met de A. R. partij werd het contact bewaard, door de door het Centraal Comité aangewezen leden die in het bestuur van de A.R.J.A. zitting kregen. Vanwege het Centraal Comité kreeg de A.R.J.A. subsidie, terwijl de verhouding tot de Kuyperstichting uitnemend bleef. Ook van deze stichting krijgt de A.R.J.A. een subsidie, terwijl tevens van haar uitgaven aantallen ter verspreiding onder de A.R. J.A.-leden werden ontvangen. De verhouding van de clubs tot de A. R. partij-instanties is ook plaatselijk geheel in orde. De samenstelling van het college van raadsleden bleef onveranderd. Op de jongste te Utrecht gehouden toogdag waren 40 clubs vertegenwoordigd. Voor het eerst gaf de A.R.J.A. ook een orgaan uit, dat elke maand verschijnt. Ook zagen eenige schetsen het licht. Het orgaan staat onder redactie van den voorzitter, dr. Joh. Scheurer te Amersfoort, terwijl de schetsen door verschillende personen geschreven werden.
De secretaris, die thans als bestuurslid moet aftreden en niet herkiesbaar is, besluit zijn jaarverslag met een terugblik naar de geschiedenis van dit instituut. Begonnen in een oprichtingsvergadering te Utrecht met 10 personen is de A.R.J.A. wei zeer gegroeid. Ze moge in toenemende mate bijdragen tot den bloei van de A. R. partij en tot de uitbreiding van het Koninkrijk Gods ook op het terrein der politiek.
De rijke groeve. Ziehier het begin van een preek tot bevestiging van lidmaten te Vluchtheuvel, Zetten; zooals De Bode het geeft:
In een der steden van Italië was een kerk gebouwd, die verbazing wekte door den rijkdom en de pracht van het verwerkte marmer. De inwoners verheugden zich, maar niet zonder vreeze, want zij vroegen zich af : Wie zal de kosten van het onderhoud kunnen dragen ? Wij zijn klein van kracht, zal het gebouw niet te spoedig zijn glans verliezen en in verval geraken ?
Maar de bouwheer ontnam hun de vreeze en beloofde, dat hij voor alles zorgen zou. Hij vermaakte aan de kerk de kostbare marmergroeve, waaruit hij zijn materiaal genomen had en zeide : deze groeve is zoo rijk, dat gij daaruit altijd weer zult kunnen nemen wat gij tbhoeft.
Gij begrijpt, nieuwe lidmaten, waarom Ik u dit verhaal.
Wij zijn geroepen om met u te spreken over Uwe belyldenis. Daarin staat voor u een vast gebouw van Gods gunstbewijzen. Schoon en herlijk is alles, wat daartoe behoort. Maar juist daarom klemt de vraag : Wat zult gij er mededoen, en zal het in uw leven niet spoedig tot een ruïne worden ?
Velen, wier stem ook misschien tot u is doorgedrongen, halen de schouders op. en zeggen, dat belijdenis doen een zaak is voorbestemd tot mislukking. En zeker, wanneer wij over niets de beschikking hadden dan over onze menschelijke kleinheid, zou er van den schoonen bouw, waarvoor wij heden staan, niet veel terecht komen. Dan werd het schijn zonder wezen, uiterlijk vertoon, zonder innerlijke waarde, en dat is in de wereld genoeg.
Maan zoo behoeft het niet te zijn. Want Hij, Die u tot de ure van uwe belijdenls roept, is de rijke God, Die in de volheid van Zijne genade geeft, wat gij van noode hebt, en Die mildelijk geeft zonder te verwijten. Gedragen door Zijn heilsbeloften, is het niet overmoedig om den naam van den driemaal Heilige te belijden en in den glans van Zijn licht kan de Gemeente zich verheugen, wanneer zij in haar midden ziet een schare van jonge menschen, die gereed staat hare belijdenis uit te spreken.
Evangelische Maatschappij. Het is dit jaar 80 jaar geleden, dat de Evangelische Maatschappij werd opgericht. Ze ontstond uit de April-beweging in 1853, als reactie op de indeeling van Nederland in bisdommen en de toespraak van den paus bij die gelegenheid gehouden. De Protestantsche bevolking kwam ten in hevig verzet. De. Evangelische Maatschappij draagt dit verzet voort.
De Hervormde Kerk te Tilburg, Zomerstraat 17. Bij besluit van Lodewijk Napoleon d.d. 4 Mei 1809 werd de Groote Kerk te Tilburg (op het Heike) aan de Roomschen „teruggegeven". Aan de Hervormden, weinigen in getal, werd f8000.— voor den bouw van een nieuwe kerk toegestaan. Eerst in 1822 is men met den bouw begonnen ; 4 Mei 1823 is de kerk in gebruik genomen. Kansel en orgel, benevens enkele fraai uitgesneden banken zijn nog afkomstig uit de oude kerk. Jammer dat het oude Evangelie gemist wordt.
Wat leeren ons de opgravingen in Mesopotamië ? Over dit onderwerp sprak dr. A. van Selms uit Hansweert op de Conferentie van Inwendige Zending als volgt:
De geschiedenis van de opgravingswetenschap wordt bepaald door den „hartstocht voor de werkelijkheid", die zich in de romantiek in den vorm van jacht naar het museumstuk, in het tijdperk van het realisme in den vorm van nauwkeurige detailstudie openbaarde, en zich tot doel stelt, de abstracte schema's der geschiedenis te vullen met concrete aanschouwelijkheid. De methoden der opgravers hebben in verband daarmede een heele evolutie doorloopen. De huidige, met de „nieuwe zakelijkheid" samenhangende, werkwijze werd door spreker nader uiteengezet.
Bij de bespreking van de resultaten wees spreker op het zoowel wetenschappelijk als uit religieus oogpunt onwenschelijke van de in populaire lectuur vaak aan te treffen bewering, als zouden de opgravingen „de Bijbelwaarheid slag op slag bevestigen". Zoo eenvoudig zijn de uitkomsten van dit onderzoek werkelijk niet, en het geloof in Gods Woord zal zich niet door potscherfjes laten versterken of verzwakken.
Vervolgens overgaande naar de uitkomsten en problemen, die de opgravingen in Mesopotatoië ons verschaft hebben behandelde spreker eerst iets van de zeer moeilijke rassenkwestie, en in het bijzonder de vraag, of de aan de Semietische cultuur voorafgaande Sumerische een schepping van de Sumeriërs zelf is, of dat het volk, welks bont-beschilderd vaatwerk de laatste jaren aan het licht is gekomen, tot een ander ras gerekend moet worden. De pracht der beschaving der Sumeriërs werd aan de hand van de resultaten van de opgraving van Ur, die der Semieten aan eenige vondsten uit Batoel getoond. Zoodoende valt het volle licht op de cultuurbouwende kracht der religie ; maar de critiek der religie op een cultuur die af en in zich zelf besloten is, werd vertegenwoordigd door den uittocht van Abraham met zijn gemeente, die de pracht der cultuur verliet om God in de woestijn te dienen.
Eeuwen later herhaalt alles zich : toen Israil zelf doel begon te krijgen aan de Voor-Aziatische cultuur, hieven Rechabieten, Nazireërs en Profeten het oude nomadenideaal, niet bij zijn critiek op de cultuur, weer hoog. Ook in het christendom zien we voortdurend de tweevoudige werking der religie; cultuurscheppend en cultuurbrekend. De hoogste vorm werd gezocht en wanneer hij gevonden schijnt gebroken. Vandaar de moeheid en troosteloosheid der geschiederis, want de wetenschap kan deze dingen nooit anders dan vAn den mensch uit zijn. Het geloof, dat van den anderen kant komt, beleeft juist in de cultuurbreuk zijn hoogste triumfen en ziet uit naar de escialologie.
De lezing werd geïllustreerd met lichtbeelden uit de verzameling van iprof. Böhl en uit sprekers eigen collectie.
Christelijke actie in Zwitserland. Tegenover de godloozenteweging, die in Zwitserland sterke kwartitien betrokken heeft, hebben alle Zwitsersehe Christelijke Kerken en vereenigingen thans samen een afweer-cremite gesticht, dat de opdracht heeft den Christelijken strijd tegen het communisme te centraliseeren en krachtig te voeren, voornamelijk in de pers en door geschriften.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 augustus 1933
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 augustus 1933
De Waarheidsvriend | 4 Pagina's