De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

JONKER VAN STERRENBURGH

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

JONKER VAN STERRENBURGH

Een verhaal uit het Friesche volksleven

6 minuten leestijd

Met toestemming van den Uitgever J. H. Kok te Kampen
Vooral de eerste tijden was er op de week markten, in de herbergen en cafe's, waar de boeren bij elkaar kwamen bitteren, geen ander onderwerp voor gesprek dan dit. Eigenlijk was het een beleediging voor heel den boerenstand, dat zoo'n man als Klaas Lolkes tot dezen verheven werd. Sommigen gingen zelfs zoó ver, vooral als het tegen 't scheiden van de markt liep en er dus al een paar brandewijntjes in waren, om bij kris en kras te zweren niets met hem te maken te willen hebben. Feitelijk moest men zoo'n man van de markt kunnen weren. Terwijl het vanzelf sprak, dat hij niet op de vergaderingen gevraagd werd, waar de belangen van den landbouw en de veeteelt besproken werden. Men zou er zichzelf mee blameeren.
Zoo langzamerhand veranderde de stemming evenwel. Klaas Lolkes ging stil zijn gang, alsof hij niets zag en hoorde van de hatelijke bejegeningen zijner collega's. Bovendien was hij geen man van de herberg, zoodat veel van de bitterpraatjes voor hem verborgen bleven. Als de andere boeren nog in de stad zaten te zwetsen, was hij al weer te Kleiterp, en toen niettegenstaande al de tegenwerking alles glad van stapel liep, en de Jonker zelf blijkbaar zeer ingenomen was met het beheer van zijn nieuwe bezitting, verstomden de haat en jaloerschheld langzamerhand vanzelf en kwamen er zoo nu en dan al boeren, die eens een praatje met Klaas Lolkes maakten of niet ongenegen waren met hem te handelen. Men moest tenslotte ook om zichzelf denken, want de eigenaar van „de Eendenkooi" had een langen arm.
Er was echter nog meer wat Jonker van Sterrenburgh vooral in de laatste tijden tot een populair man maakte. Zoo had de nieuwe spoorlijn, onlangs geopend, waardoor Kleiterp uit zijn isolement was verlost en elken dag een keer of wat de stoomfluit gilde om aan te kondigen, dat er gelegenheid bestond om naar alle kanten de wereld in te gaan, het hare daartoe bijgedragen. In den eersten tijd waren velen met dit nieuwe vervoermiddel niet erg ingenomen. De paarden werden zoo schichtig en de koeien vlogen zoo wild rond, toen de eerste treinen met donderend geraas door de landen dreunden, en het stationnetje binnenreden. Maar daartegenover stond het groote gemak in het reizen, en dat nog niet alleen, maar vooral ook het meerdere voordeel dat door den opbloeienden handel werd aangebracht. Wat ging 't vervoer der verschillende landbouwproducten nu vlugger van stapel en wat kreeg men meer geld voor zijn waar, niet het minst, omdat de concurrentie tusschen de verkoopers al grooter werd.

Welnu, dat alles was voor het grootste deel aan Jonker van Sterrenburgh te danken, die de eerste was geweest om met alle kracht te werken, teneinde het zoó ver te krijgen, ondanks den tegenstand, dien hij ondervonden had. Het was dan ook bij de opening van de lijn wel uitgekomen, dat de verschillende autoriteiten zijn energie op prijs stelden. Toen de eerste trein met versierde locomotief binnenstoomde, had de burgemeester der gemeente, in tegenwoordigheid van vele genoodigden, een speech gehouden, waarbij hij aan Jonker van Sterrenburgh openlijk hulde had gebracht, die niets onbeproefd liet om zijn gemeente tot steeds grooter bloei te brengen, en van wien men in de toekomst dan ook nog veel verwachten kan. „Leve de Jonker !" is toen geroepen geworden en de Kleiterpers, die van verre in een kring hadden staan luisteren, hadden dien uitroep met een luid „hoera !" beantwoord.
En deze verwachting zou niet beschaamd worden. Want er stonden nog meer punten op het werkprogram van den energieken jonkman, wien het was alsof hij, na den geestelijken ommekeer in zijn leven, nieuwe lust en kracht ontving. Het is opvallend, welk een verandering Kleiterp in de laatste jaren heeft ondergaan. Vlak achter het station, daar, waar de dorpsvaart het breedste is en zich in tweeën scheidt, om voor de scheepvaart de verbindingsweg tusschen verschillende gemeenten te zijn, staat een nieuw complex gebouwen, met één groot hoofdgebouw, waarboven in kapitale letters „Export-slagerij" reeds van verre leesbaar is. En wanneer wij tijd hadden deze inrichting, die overal van groote reinheid en zindelijkheid getuigt, van nabij te zien, dan zouden we tevens ook oude kennissen ontmoeten, want aan het hoofd van deze modelinrichting staat Jouke, die er vlak naast in een keurig net huisje met Anneke een gelukkig leven leidt. Of hier wat omgaat ? Och, komt u even een kijkje nemen in het koelhuis of in de pakkamer, of — indien u de tijd daartoe ontbreken mocht, omdat u met de eerste gelegenheid Kleiterp verlaten moet, let dan even op het transport, dat hier vanaf het station plaats heeft, waar, naar alle deelen des lands, tot naar de eilanden toe, de vleeschvoorziening geschiedt, die aan tal van handen werk geeft.
En indien u mocht willen weten hoe dit alles in zoo betrekkelijk korten tijd tot stand gekomen is, wip dan even binnen om het Anneke te vragen, die, terwijl zij een vroolijk liedje zingt, het machinerad laat snorren om een hagelwitte kiel voor haar man te maken. Ongetwijfeld zal zij u vriendelijk ontvangen en met een vroolijk lachje vertellen, hoe dit alles het werk van den Jonker is, of eigenlijk, als zij het juist zal weergeven, van Jap. Want deze heeft, al sinds zij verkeering met Klaas Lolkes kreeg, met wien zij zoo gelukkig is, zich duizendmaal afgevraagd hoe zij Anneke, die haar en haar man tot elkaar bracht, eens eeri tegendienst bewijzen kon. Tot op zekeren dag die gelegenheid kwam ; toen Jonker van Sterrenburgh op „de Eendenkooi" voor het eerst met Jouke kennis maakte en van hem den indruk kreeg, dat hij wel gaarne zijn zaken wilde uitbreiden, maar het hem aan de middelen ontbrak. Richt een exportslagerij op, had de Jonker toen tegen hem gezegd ; wij wonen hier midden tusschen 't vee, en nu Kleiterp aan het spoorwegnet komt te liggen, moet hier worden aangepakt, of andere gemeenten gaan ons voor. Maar dat was spoediger gezegd dan gedaan, 'k Zou het graag willen, mijnheer, maar daar is kapitaal voor noodig, was het antwoord van Jouke geweest, wiens oogen reeds bij het denkbeeld alleen waren begonnen te schitteren, maar toen was hij vertrokken, omdat er immers toch niets van komen kon. Doch daarop had de Jonker met Klaas Lolkes en Jap het gesprek verder voortgezet en nadere informaties omtrent Jouke genomen. Vooral Jap is toen onuitputtelijk geweest in den lof over deze twee, waarvan het gevolg was, dat Jonker van Sterrenburgh op 'n goeden dag onverwacht de slagerij van Jouke kwam binnen loopen om ook eens met Anneke kennis te maken, van wie oude Marijke hem meermalen had verteld.

(Wordt vervolgd).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 augustus 1933

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

JONKER VAN STERRENBURGH

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 augustus 1933

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's