De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FINANCIËN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FINANCIËN

8 minuten leestijd

Het aantal studeerende jonge menschen is in alle landen, in de laatste jaren voornamelijk, geweldig toegenomen. Daar dit verschijnsel heel de wereld over zich laat aanwijzen, dringt dit vanzelf tot een onderzoek, 'k Geloof dat dit raadsel niet zoo heel moeilijk zal blijken om 't op te lossen.
Voorheen was het aantal studeerende menschen — en nu denken we hierbij in de eerste plaats aan wie het Hooger Onderwijs trachten te volgen — betrekkelijk gering, 't Was de elite, die studeerde, 't Was een algemeen geldende regel, dat de beter gesitueerden, de rijkeren zoogenaamd, en wie met meer dan met gewone gaven was gesierd van de met minder aardsche goederen gezegenden, hiervoor in aanmerking kwamen.
Dat is nu zoo niet meer. De golfslag van onze eeuw heeft deze hooge stelling onderwoeld en ge kunt gerust zeggen, dat zij niet zoo gemakkelijk zal zijn te herstellen.
Als oorzaak in het algemeen kan worden aangewezen, dat 't onderwijs van de massa, van het heele volk in al zijn geledingen, niet weinig is opgevoerd. Analphabeten — dat zijn menschen, die niet lezen noch schrijven kunnen en die in onze kindsche jaren nog al eens werden aangetroffen — vindt ge nu niet meer. Bij de Wet is het onderwijs zelfs verplichtend gesteld. Niemand houdt ongestraft van de schoolbanken zijn kind nog thuis. Zoo komt het verschijnsel zich vanzelf aandienen, dat verschil tusschen rijk en arm zich tot de juiste proporties in dezen ziet herleid. Ook zonen van het gewone volk bleken vaak over capaciteiten te beschikken te hebben, die uitreikten boven het gewone niveau.
Waar dat feit moeilijk te loochenen viel, drong zich vanzelf de vraag naar voren : Zou de weg niet gevonden kunnen worden voor hen, die niet of over meer beperkte middelen te beschikken hebben, voor de studie in het algemeen ?
Aan het Middelbaar Onderwijs werd het eerst de aandacht gewijd. De toeloop naar dit punt bleek spoedig zoó geweldig, dat in. korte jaren een heel nieuwe stand van ge leerden zich aandiende. Zoó groot werd zelfs de toevloed, dat naar uitbreiding van terrein moest worden omgezien. En te gemakkelijker werd de baan uitgebreid, toen de mogelijkheid werd geschapen om op deze wijze de banken van de Hoogeschool te beklimmen. Eindexamen Hoogere Burgerschool en die van het Gymnasium naderden elkander hoe langer hoe meer in de practijk. En zoo is het een feit geworden, dat thans de stroom van studeerende jonge menschen schier onoverzichtelijk werd. ledere faculteit deunt van de menschen. ledere — zeiden we. Wellicht moet hierbij een kleine correctie worden aangebracht. Bij de opleiding voor het predikambt gold dit tot heden — en nu denk ik aan die aan de Rijks-Universiteiten — nog niet. Deze stond achteraan. Of dit zoo blijven zal, geloof ik niet. Tenminste als wij zien wat aan de scholen van de Geref. Kerken en de Chr. Geref. Kerk gevonden wordt, laat zich de gedachte moeilijk naar achteren dringen, of ook bij ons is in de naaste toekomst wel eenige uitbreiding te wachten. Wij hopen het om meer dan eene reden. De evangelisatiearbeid van de zooeven genoemde Kerken sluit zich zoo geheel aan bij het aantal beschikbare krachten, waarover de opleiding te beschikken kreeg. De kleinste Evangelisatie krijgt op deze wijze een eigen prediker, een man, die ambtelijk zijn werk kan doen. Hierin schuilt geen kleine kracht Of onze menschen hiervoor een open oog hebben gehad, betwijfel ik ten zeerste. In elk geval wordt de arbeid, welke door ons wordt verricht, daardoor nog moeilijker. De versnippering van ons Gereformeerd volksleven wordt hierdoor niet weinig vergroot. Wanneer ge bedenkt, dat tal van onze gemeenten vaak jaar en dag zonder een geregelde bediening van het Woord blijven, omdat men bij het beroepingswerk zich tal van obstakels in den weg zag gelegd en — wat ook niet mag worden vergeten — dat het aantal Candidaten van beslist Gereformeerde richting zoo uiterst gering was, dat vele vacante gemeenten tien keer en vaker tevergeefs en beroep uitbrachten, voor de ledige plaats werd vervuld. Dat hierin geen klein gevaar schuilt, vooral in de huidige omstandigheden, behoeft nauwelijks te worden opgemerkt. Vandaar dat wij telkens en lederen keer weer bij ons Gereformeerde volk aandringen op meerderen en krachtigen steun. Het is waar, de tijdsomstandigheden zijn moeilijk, de aanvragen om hier de behulpzame hand te bieden, of daar bij te springen, zijn zoó menigvuldig, dat ge u telkens de vraag voorlegt, waar het eerst de gave moet worden neergelegd. Toch kan moeilijk de stelling worden aangevochten : helpt ons aan Bedienaren des Woords, die ons volk weer voorgaan op de al-oude beproefde paden.
Waar wij dagelijks met den nood van ons volk in aanraking komen en het telkens weer op de meest pijnlijke wijze gewaar worden, kunt ge 't u volkomen begrijpen, dat we met nimmer verflauwenden aandrang blijven aandringen op krachtigen steun. Ge moet u maar eens verplaatsen in onze stee. Daar melden zich in deze dagen jonge menschen, die wachten op steun, en ge moet zeggen : ik durf vanwege de situatie van onze middelen u geen hulp toe te zeggen. Ons wachten is dus op helpende handen, 'k Weet, dat God alleen de harten kan bewegen, zoodat de beurzen vanzelf opengaan. Daarom, steunt ons met uw gebeden, met uw mede-leven en mede-zorgen. We leggen het den Allerhoogste voor.
Wat er inkwam in deze twee weken, volgt.
1. Het eerste kwam uit Leiden. Onze vriend J. van Klaveren, aldaar, zond ons den inhoud van zijn busje. Het bedroeg niet minder dan ƒ 17.50
Zulke busjes doen een nuttig werk. Wij willen gaarne de gelegenheid openstellen om hier en daar nog meer busjes te plaatsen. Wie er een hebben wil, geve zijn naam maar op.
2. Vanuit Putten en Huizen werd ons de contributie afgedragen „ 28.65 We zeggen den Putterschen vrienden dank en houden ons aanbevolen.
3. Mej. L. te Middelharnis zond ons tot stijving van onze kas „ 1.— 'k Ben voor het begeleidend schrijven zeer gevoelig. Mijn vriendelijken dank.
4. Door den heer Verboom uit Nieuwerkerk a.d. IJsel van N.N. f 0.50 en van N.N. f 1.—. Tezamen „ 1.50
5. Het busje van den heer Slagboom, van Maarssen, bleek niet minder te bevatten dan „45.55
Ook onzen dank voor deze bijdrage.
6. Op de Ringvergadering van de Ned. Herv. Jongel. Vereen, op G.G. van Capelle en omstreken, werd voor onze fondsen gecollecteerd. Ook voor dit blijk van medeleven van onze jeugdige vrienden zijn we hoogst erkentelijk. Wij danken hen ten zeerste. De opbrengst was „ 5.60
7. De heer de L. te Den Bommel zond ons zijn contributie. „ 3.—
8. Vanuit Alkmaar werd ons toegezonden door een onzer vrienden, die zich N.N. noemt, „ 2.50 Wij gedenken onze vrienden in den gebede en leggen hun zaak, ook onze zaak, den Heere voor.
9. Uit de catechisatiebus van Dirksland zond ons de Pastor loei „ 5.— Wij hopen, dat dit voorbeeld door meerdere collega's gevolgd moge worden. Onzen hartelijken dank.
10. Hazerswoude, vanouds een onzer Gereformeerde gemeenten, is nog steeds onverflauwd in zijn liefde voor onzen arbeid. De heer M. Noordam telde ons niet minder dan „50.-voor. De contributie werd aangevuld door verschillende giften van N. N.'s f 2.50 plus f 1.50 plus f 1.— plus f 1.— plus f 0.50. Wij zijn hoogst erkentelijk voor dit alles en betuigen bij dezen onzen oprechten dank.
11. Uit eigen gemeente komen telkens de gaven binnen. Broeder Brinkers gaf ons onder letter E twee oude guldens, daarbij stelde hij me nog 3 gld. van N.N. ter hand. Broeder Weener onder letter S. 2 gld. Iemand, die onbekend wenscht te blijven, doch warm meeleeft, gaf ons 10 gld. Hij vertelde me dat hij bij de Paaschcollecte was overgeslagen.
Later kwam hij nog met 5 gld. voor de fondsen. Deze kwam met 5 gld. voor mijn wijk uit de collecte. Verder bij het uitgaan van de Nic. kerk Zondagavond, drukte mij een onbekende vriend f 2.50 in de hand. 'kVind dit zoo heerlijk, omdat ik daarin aanvoel een warm meeleven met onzen arbeid, 't Was tezamengeteld „ 24.50
12. Ds. de Geus, uit De Bilt, zond me f2.50 met bijschrift „uit dankbaarheid". „ 2.50
13. Uit 's Gravenmoer kreeg ik van N. N. „ 1.—
14. Uit Maarssen gaf me 'n vriend een tientje. „ 10.— 'k Was er mee verblijd
15. Ds. Dop te Hierden zond me 10 gld. met bijschrift : „een gave voor ontvangen zegen". „ 10.— Wij zijn altijd hoogst gevoelig voor het meeleven van onze jonge vrienden. De Heere geve hem veel zegen op zijn arbeid.
16. Mej. B. P. te Sneek zond me een postwissel van „ 10.— Ook dit blijk van meeleven uit het hooge Noorden stemt ons blijde.
17. Te Maassluis hield ds. Ottevanger, van Ridderkerk, een spreekbeurt. De collecte bracht op „ 36.25 Wij hopen, dat de collecten in onze gemeenten onzen arbeid in den komenden winter zullen helpen verlichten. Mogen we de broeders deze zaak op het hart binden ? Wij hebben aller steun al te zeer noodig.
18. Van de Afdeeling te Alphen kregen we een mooie bijdrage. De contributie bedroeg 43 gld. De spreekbeurt, aldaar gehouden, waarbij ds. Vroegindeweij, van Wilnis, voorging, bracht op 28 gld., terwijl het busje no. 110 bijdroeg f7.81. Tezamen niet minder dan „ 78.93
19. Het sluitstuk werd ditmaal gevormd door de contributie van de Afdeeling Den Haag. Deze bedroeg de prachtsom van „ 117.— Den Haagschen vrienden zij onze arbeid aanbevolen. Wij mogen onzen dank insluiten. Tezamengeteld komen we tot een mooi bedrag, n.l.
f 450.48
Utrecht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 oktober 1933

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's

FINANCIËN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 26 oktober 1933

De Waarheidsvriend | 4 Pagina's