FINANCIËN
Wat een kostelijke schatten sluimeren er toch in de Heilige Schrift. Het oog van den lezer moet er maar eens 'bij worden bepaald, dan komt het vanzelf op de lippen : „zoo iets vindt ge nergens ter wereld". Schatten van levenswijsheid liggen als opgestapeld. Het treft me telkens weer, wanneer ik te midden van mijn gezin of van den kansel dat Woord mag opslaan.
Zoo staat daar in een der laatste hoofdstukken van het Spreukenboek een woord, dat ons allen tezamen levensernst en levenswijsheid kan leeren, n.l. „de mieren zijn een onsterk volk, evenwel bereiden zij in den zomer hare spijze".
Wat verdient meer den naam van onsterk dan een mier ? Wanneer ge een enkeling ziet voortrennen op haar pad, zoo schenkt ge daaraan nauwelijks uw aandacht. En toch zult ge goed doen daarbij even te blijven staan, u zelven de vraag voorleggend : „kan ik ook iets uit haar doen leeren ? " Zoo ge traag zijt in heel uw doen, denkt dan eens aan den wenk van dezen zelfden gewijden schrijver : „ga tot de mieren en word wijs".
Wat een ijver en welk een volhardingskracht kunt ge hier opmerken. Als een harer ergens iets heeft gevonden, wat in de voorraadschuur kan worden ondergebracht, en dit is voor haar te groot om te versjorren, zoo wordt dadelijk van meerderen de hulp ingeroepen. Zij verstaan elkander vaak toeter dan menschen. Van dienstweigering merkt ge niet het minste. Staken is ook een woord, dat zij niet verstaan. Zij staken niet eerder dan op het moment dat de voorraad voldoende is voor het jaargetij, waarin niet meer verzameld kan worden.
Zoo doen de mieren, al zijn ze nog zoo klein, en al is hun aanzien nog zoo gering.
Kunnen wij, menschenkinderen, daarvan niet veel leeren ? Mij dunkt, dat niemand onzer zal kunnen staande houden, dat hij bij dit nietige wezen niet verre ten achter staat.
Wat 'n tijd wordt er vaak verbeuzeld van dit betrekkelijk korte leven ! Wat haalt hij weinig binnen ! Zoo vaak verschuilen wij ons achter : „kan dat niet beter door anderen worden gedaan ? " Laat maar eens een begin gemaakt worden met 'hetgeen onder ons bereik is. Op het allerkleinste behoeft niet te worden neergezien.
Is dat groot heelal, dat door Gods wondere hand is saamgesteld, niet opgebouwd uit milliarden met zich zelf vermenigvuldigde deeltjes ?
Worden de oceanen niet gevuld met stroomen, tezaamgevloeid uit de kleinste bronnen ? Is hun grootheid niet de samenleving van ontelbare regendroppelen en sneeuwvlokjes, die warrelend neervielen van den hoogen hemel ?
Noem mij iets, dat groot is, en ik zal u juist bij toet kleine bepalen. 'k Geloof niet, dat ge hier tegen iets zult kunnen inbrengen, 't Is maar net, zooals ge het ziet.
Vandaar mag nooit iets wat klein is, worden geminacht. De mogelijkheid is lang niet uitgesloten dat door de macht der Meinen veel meer tot stand komt dan wat een enkele groote voortbrengt.
Dat wij met dit zeggen iets beoogen, behoeft nauwelijks te worden opgemerkt. Dit ligt alleszins voor de hand.
Daar is een Vereenlging van liefdadigheid, welke den naam draagt „De Macht van het Kleine". Wat deze niet tezamen brengt is beschamend voor menige corporatie, die over klinkende namen heeft te 'beschikken. Ge weet het zelf wel uit uw eigen omgeving. In vele gemeenten heeft men 2-Cents-Vereenigingen, of waar halve en heele stuivers worden opgespaard ; let er eens op wat hier aan het einde van een heel jaar niet mag worden afgedragen, 't Zijn vaak heele sommen.
Zoo zijn ook de mannen, die onzen Bond de behulpzame hand hebben toegestoken, weer op 't idee gekomen om door hier en daar een busje te plaatsen de kas van onze fondsen te stijven, 'k Heb er meer dan eens bij stil gestaan, wat door dezen stillen : arbeid niet wordt tezaamgebracht. Ik denk al weer aan het nijvere volk der mieren. Dezer dagen viel mijn oog er op. 'kZag in een bekend tijdschrift een afbeelding van wat een mierensoort niet voor hoogten konden bouwen om in te wonen. Veel hooger, dan de statuur van een mensch reikt. Dat werd door dit kleine volk, dat van geen vermoeienis weet, verkregen.
Zou het niet te veel gevraagd zijn dat op tal van plaatsen, waar, men er niet top komt, om welke reden ook, iets groots te verrichten, zulk een klein busje aan, te vragen ? Er zijn toch telkens van die geschikte momenten om even het busje te laten rondgaan. Ik zal geen namen noemen. Wie de rubriek „Financiën" nagaat, zal 't best weten welke stad of welk dorp ik bedoel, waar aanzienlijke posten worden ingezameld. Zou dit niet enkele malen kunnen worden vermenigvuldigd ? Ik had 50 busjes — de afbeelding hebt ge gezien in De Waarheidsvriend — besteld. Hiervan zijn al heel wat verzonden, maar toch nog alle niet. Zij stonden eerst op een van mijn boekenkasten.; Ik heb ze nu in den hoek gezet, omdat zij mij vanuit de hoogte schenen te vragen : wanneer ga ik er op uit ? Wanneer mag ik u een handje helpen ?
Dit kon ik niet langer velen.
Nu kom ik diegenen vragen onder mijn lezers, die maar heel weinig kunnen doen : wilt ge deze busjes niet een handje helpen ? Zij willen zoo graag het licht eens zien en zich vullen. Schrijf mij maar even een briefkaart met uw adres, en ge hebt er zóó een. Mag het ?
Ik wacht op een teeken uwerzijds. Laat me nu eens vertellen, wat deze week door mij ontvangen is.
1. Het eerste dat ik me kreeg toegezonden, gewerd me uit Schiedam. De kerkeraad zond me als in de collecte gevonden voor onze fondsen ƒ 2.50
2. Door ds. Van Hof te Delfshaven kreeg ik van N.N. voor Leerstoel-en Studiefonds ieder ƒ 1.50. Samen „ 3.—
3. Van ds. Hakkesteegt te Kortenhoef kreeg ik den inhoud van zijn catech. bus. .„ 10.—
4. Uit eigen gemeente kreeg ik den maandelijkschen rijiksdaalder „ 2.50 5. Uit den collectezak te Zuid-Beijerland 2.50
6. Ds. van der Hee te Polsbroek zond me de collecte, aldaar gehouden voor onze fondsen, waarbij voorging ds. Van der Snoek van Veenendaal. Zij bracht op „40.—
7. Ds. Van der Zee te Vaassen zond me de collecte, door hem gehouden bij een spreekbeurt waar hij zelf voorging, te Wapenvelde, met een nagift uit Vaassen. Samen , 26.05
8. De collecte, gehouden te Nijkerk o.d. Veluwe, waarbij voorging ds. Van den Berg te Amersfoort, bracht op „ 30.— 9. Ds. Van Ameide te Groot-Ammers zond me de collecte, aldaar gehouden bij een spreekbeurt, waar ds. Vollebregt, van Hoornaar, voorging. Opbrengst „ 45.60
10. Ds. Wolthers zond me de collecte, gehouden bij een door mij zelf geleide spreekbeurt. Deze bracht op „ 64.06
'k Ben met deze gehouden collecten verblijd. Mijn 'kas is er iets door verstevigd. Wanneer de wekelijksche collecten nu eens konden worden omgezet in Zondagsche. Het zou naar twee kanten goed doen. Vooreerst werden veel meer menschen bereikt, en ook de inkomsten zouden daardoor niet weinig klimmen.
Laten de kerkeraden daartoe eens het besluit nemen.
11. Nu heb ik nog een paar posten te vermelden, waarmee ik ten zeerste ben ingenomen.
Ik kreeg dezer dagen een postwlssel van een onzer oud-alumni. Hij had zijn studie moeten onderbreken en was daarmee opgehouden. Hij stond nog heel aan het begin van de loopbaan. Nu heeft hij me toegezonden „ 60.—
Deze som komt vrijwel overeen met de toenmaals gemaakte kosten. Is dat niet prachtig. Ten zeerste dank ik hem hiervoor. Zegene de Heere hem thans in zijn mooien werkkring. Ook in dezen weg kan Gods Koninkrijk worden gediend.
12. Het sluitstuk komt uit Kampen. Wanneer ergens naar een model moet worden omgezien hoe het werk van een penningmeester moet worden ter hand genomen, laat men dan eens raad inwinnen bij vriend E. Roest, aldaar. Hij zond me als verzameld op de Zondagsschool op G. G ƒ31.80 Op jaarverg. v. d. Zond. School „ 5.25 Van fam. P , o.50 Van fam. P „ i.
Collecte, gehouden op de spreekbeurt, waarbij voorging ds. Van der Graaf, van Nijkerk „ 22.25 Contributie over 1933 „ 45.— Inhoud van busje no. 125 „ 14.20
Samen ƒ120.—
Dit is schitterend werk. 't Maakt de beide laatste weken weer goed. Ik dank al de vrienden die hieraan hebben meegewerkt. Tezaamgeteld is de som thans
ƒ 406.21
Utrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 februari 1934
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 februari 1934
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's