De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

HET PROBLEEM DER WERKLOOSHEID.

5 minuten leestijd

De mededeeling, die dezer dagen in de dagbladen verscheen betreffende de stijging van het getal werkloozen tot boven de 400.000 personen, heeft opnieuw de aandacht gevestigd op het vraagstuk der werkloosheid
Van welke overheerschende beteekenis dit vraagstuk voor ons land is, blijkt niet alleen uit den ontstellenden omvang, dien de werkloosheid aanneemt en de geestelijke en zedelijke schade, die zij ons volk berokkent, maar komt nog veel meer uit in haar permanent karakter en uit het beangstigende feit, waarop wij een paar weken geleden in ons blad wezen, dat tengevolge van de werkloosheid de geldmiddelen van Rijk en Gemeenten geheel worden ontwricht en uitgeput.
Op dit oogenblik zijn toch reeds meer dan 250 Gemeenten niet meer bij machte om eigen huishouding te 'besturen. Zij zouden, wanneer het Rijk niet bijsprong, zelfs gedwongen zijn, hun betalingen te staken.
Het kan dan ook met groote zekerheid gezegd worden, dat, zoo er niet binnenkort een gunstige wending in den toestand komt, de tijd spoedig zal aanbreken, dat de Rijks-en Gemeentelijke overheid niet meer in staat zullen zijn de moeilijkheden, die uit de werkloosheid voortvloeien, te beheerschen.
Tengevolge van den druk, dien de crisis op het bedrijfsleven uitoefent, is er haast geen bedrijf meer aan te wijzen, dat niet gedwongen wordt om zijn artjeidsveld in te krimpen, wat weer aanleiding geeft, dat het leger der werkloozen met nieuwe groepen werkloozen wordt vermeerderd.
Om een indruk te krijgen, van wat zich b.v. op het terrein van de nijverheid voordoet met betrekking tot den achteruitgang van het zakenleven, waardoor inkrimping van personeel noodzakelijk wordt, levert het scheepswerf bedrijf daarvoor een duidelijk beeld. Terwijl in dat bedrijf in het jaar 1929 nog ruim 42000 man werkzaam waren, zijn op dit oogenblik bij den scheepsbouw nog slechts 12000 arbeiders in dienst De oorzaak van dezen achteruitgang - en in 't zelfde geval verkeeren meerdere bedrijven - is natuurlijk in de allereerste plaats te zoeken in de algemeene malaise, als gevolg van de crisis, die nog steeds blijft aanhouden, maar ook vinden zij haar grond in de geweldige concurrentie, die onze goederen op de wereldmarkt wordt aangedaan
Het voorbeeld van het scheepswerfbedrijf is hier wel bijzonder leerzaam
Uit een onderzoek, dat onlangs is gehouden geworden, is toch gebleken, dat vele buitenlandsche orders, die voorheen aan onze scheepswerven toevielen, thans ons land voortbijgaan en elders, waar men goedkooper terecht kan, worden geplaatst. De concurrentie stelt ook aan den buitenlandschen reeder den eisch om, ten einde de goederen zoo goedkoop mogelijk te kunnen vervoeren, lage prijzen voor den laanbouw van nieuwe schepen te bedingen.
Nijverheid, handel en verkeerswezen zullen daarom, tenzij de buitenlandsche grenzen volledig mochten worden afgesloten of de uitvoer geheel verloren mocht gaan, de gelegenheid moeten krijgen om tegen sterk verlaagde prijzen op de buitenlandsche orders in te schrijven, dan wel hun goederen af te zetten.
De bedrijfskosten moeten naar omlaag. De uitgaven voor levensonderhoud moeten naar beneden om tot het lagere stabliisatievlak te geraken, waarop voortaan de bevolking zal moeten leven.
Wordt in die richting niet gestuurd, zoodat Nederland op de wereldmarkt de goederen niet tegen aannemelijke prijzen kan aanbieden, dan is het met onze export gedaan en gaat ons volk met wisse zekerheid den chaos tegemoet.
Nu is het intusschen, om tot lagere uitgaven van het levensonderhoud te geraken, waardoor de loonen kunnen dalen en de bedrijfsonkosten kunnen zakken, noodig, dat de levensmiddelen goedkooper worden. Echter gaat op dit oogenblik het indexcijfer van de kosten van levensonderhoud weer naar boven. Dit vindt zijn reden o.m. in den steun, die de land-en tuinbouw benevens de veehouderij geniet. Hoe grooter die steim in het bestaande stelsel van hulpverleening, hoe grooter de druk wordt op de levensmiddelen.
En nu is dit de groote moeilijkheid, waarin zich ons volk (bevindt, dat eenerzijds de boeren, willen zij hun bedrijf staande 'kunnen houden, op krachtige financieele overheidshulp zijn aangewezen, waardoor de kosten van het levensonderhoud duurder worden, en anderzijds de geweldige werkloosheid, die ons land teistert, die de geestelijke en financieele krachten van ons volk verteert en de nijverheid, den handel en de scheepvaart moet dwingen de loonen te verlagen, wil concurrentie met het buitenland mogelijk blijven.
Dit is de vicieuse cirkelgang, waarin wij ons bevinden.
Over de maatregelen, die kunnen dienen om de moeilijkheden te bestrijden, de volgende week.

GODSDIENSTVRIJHEID.
In woord en geschrift verzekeren de voormannen van de Nationaal Socialistische Beweging het, dat wanneer de nationaal socialisten de regeering in handen zullen hebben, er in Nederland volledige godsdienst-en gewetensvrijheid zal zijn
Deze verzekering gaf onlangs de heer T. W. Smit Jr., toen hij in een openbare vergadering het programma van de beweging ontwikkelde, en in dien zelfden toon schrijft ook het orgaan van de Mussert-beweging in het nummer van 3 Februari, waarin het heet: „Wanneer het nationaal socialisme in ons Vaderland met zijn talrijke verschillende religleuse gezindheden dan ook de 'geestelijke eenheid der natie wil gronden om socialen vrede en samenwerking te scheppen, dan moet de religie als zoodanig volkomen vrij gelaten worden. ledere gezindheid moet volledig en onvoorwaardelijk erkend en geëerbiedigd worden".
Wat is nu van de bewering juist: dat in den nationaal-socialistischen Staat volledige godsdienst-en gewetensvrijheid zal zijn ?
Men kan dit wel zeggen en schrijven, maar wanneer men de toelichting op het programma van den N.S.B. naslaat, schrijft de heer Ir. Mussert iets heel anders. In deze toelichting vindt men deze zinsnede : „Zoo moet ook de eisch van godsdienst-en gewetensvrijheid wijken voor den eisch, dat de eenheid en de onafhankelijlheid van de natie en de goede zeden onaangetast moeten blijven.
Zoo handelt men in Duitschland, en zoo zal het ook toegaan, wanneer in Nederland de dictator Mussert de zaken in handen heeft „Godsdienst en gewetensvrijheid moeten wijken om de eenheid en de onafhankelijikheid van de natie te verzekeren".
Wat in Duitschland plaats heeft, moet voor ons volk een baken in zee zijn.
Het absolitisme kent geen geestelijke vrijheid. Christendom en nationaal-socialisme zijn antipoden (tegenvoeters). Zij verhouden zich als water en vuur.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 februari 1934

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 februari 1934

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's