De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

VRAGENBUS

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VRAGENBUS

4 minuten leestijd

Vraag : Waarom moest men met Paschen ongezuurd brood eten bij Israël ?
Antwoord : Het zuurdeeg doet het meel rijzen en geeft daardoor aan het brood die luchtigheid, waardoor het genietbaar en smakelijk wordt. Daarom is ook het Koninkrijk der hemelen een zuurdeesem gelijk, omdat het de ellende, de geestelijke inzinking, de smakeloosheid van ons leven opheft. (Als zulk een zuurdeesem diende zich ook de leer der Farizeën en Sadduceën aan. Als het volk hun levensbeschouwing maar wilde over nemen, zoo beweerden ze, dan zou het leven eerst recht leven worden. Maar daartegen waarschuwt Jezus telkens de Zijnen).
Doch om tot de vraag terug te keeren : het zuurdeesem geeft dus luchtigheid en smakelijkheid aan het brood. Daarom moest het Pascha met ongezuurd, ongedeesemd brood gegeten worden, want het moest een brood der ellende zijn ; een brood der smarte ; daarom ongezuurd, onsmakelijk, met bittere saus.

Vraag : Is het geoorloofd op Zondag sigaren, cigaretten, snoeperij of iets dergelijks te koopen door middel van een automaat ?
Antwoord : Wij houden niet van die vragen : mag dit, mag dat, enz. ? We moeten geen lijstje maken van dingen, die wèl op Zondag mogen en die niet op Zondag geoorloofd zijn. We moeten ons liever houden aan het groote beginsel : geregeld opgaan naar Gods huis, de booze werken vlieden, Gods Geest in ons laten werken, bezig zijn in de dingen van Gods Koninkrijk, met elkander in huiselijken kring genieten van de heerlijkheid met elkaar een rustdag te hebben !
Lees de uitlegging van onzen Heidelb. Catechismus maar eens, om te zien hoe onze Gereformeerde Vaderen over den Zondag, de Zondagsrust en de Zondagsheiliging dachten. Niets van die benepen vragen : mag dit, en mag dat, enz. ?
Maar om nu op de vraag terug te komen : het koopen van sigaren enz. op Zondag is totaal overbodig. Dat is overtreding van het Sabbathsgebod. En het is een dooddoener om te zeggen : de winkelier behoeft geen werk te doen. Voor den winkelier is het handel drijven, waarvoor de Zondag niet is. Voor den kooper is het werk, dat op Zondag niet past. We moeten ons op zulke wegen niet begeven. Werken van noodzakelijkheid als : eten klaar maken, vee verzorgen enz., moeten geschieden. Werken van barmhartigheid : in ziekenkamer, ziekenhuizen, enz., moeten geschieden. Werken in den dienst des Heeren : zorgen in het kerkgebouw, dat de samenkomst der gemeente behoorlijk kan plaats hebben, ook met licht en warmte, moeten geschieden. Maar laten onze jonge menschen — want in betrekking tot hen zal vermoedelijk de vraag wel gesteld zijn — wat het koopen van sigaren, cigaretten, snoeperij enz. op den dag des Heeren betreft, niet aan de wereld gelijk worden. En laat men niet trachten z'n consciëntie te sussen met drogredenen als : voor een automaat behoeft niet gewerkt te worden enz. Dat „koopen en verkoopen" is overtreding van 't Sabbathsgebod en is geenszins goed te praten.
Intusschen moeten we onze kracht — vooral ook met het oog op onze jonge menschen — niet zoeken in het vermenigvuldigen der geboden en het stellen van regel op regel. Laat onze eenige wijsheid niet zijn te zeggen : „raak niet en smaak niet en roer niet aan". Laten we trachten dieper te graven en hooger te klimmen, opdat onze jonge menschen voelen, wat onze roeping is als Christen, wat onze rijkdom, onze kracht, onze blijdschap is op den dag des Heeren, in den huiselijken kring en daarbuiten. Dan leeren we ons ook des te gemakkelijker voegen naar den wil des Heeren, om te wandelen in Zijne wegen. Dan gaat onze godsdienst alles omspanne en alles aanraken en alles doortrekken en alles heiligen. Dat is heel wat beter, dan niets anders te weten dan : „raak niet en smaak niet en roer niet aan". De uiterlijke plichtmatigheid is niet het hoogste, maar de innerlijke gezindheid des harten is het waar het op aankomt. En dan leeren we ook eerbied te hebben voor Gods geboden en inzettingen. Dan vinden we er leven, vreugd en vrede in, door Jezus Christus, onzen Heere.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 februari 1934

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

VRAGENBUS

Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 februari 1934

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's