De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

UIT DE AFDEELINGEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

UIT DE AFDEELINGEN

7 minuten leestijd

RIJSWIJK. Op Woensdag 4 April jJ. hield de Afdeeling van den Gereformeerden Bond alhier een ledenvergadering in een der bijgebouwen van de Ned. Hervormde kerk.
Precies acht uur opent de voorzitter, de heer Nuyens, de vergadering, laat zingen Psalm 122 vers 2, leest Efeze 2 en gaat voor in het gebed, waarin hij Gods onmisbaren zegen afsmeekt over ons nietig werk en vraagt een zegen over ons samenzijn.
In zijn openingswoord heet hij alle aanwezigen hartelijk welkom, alhoewel hij het betreurt, dat niet meerderen gevolg hebben gegeven aan den oproep om dezen avond op deze plaats aanwezig te zijn, temeer, daar de heer Van Barneveld, Godsdienstonderwijzer te Delft, dezen avond zal vullen met het houden van een rede.
Inzonderheid wordt welkom geheeten De spreker voor dezen avond, die, hoewel hij zeer veel voor onze AfdeeLIng doet, zich ook heden geen moeite heeft ontzien ook dezen avond geheel belangeloos voor onze Afdeeling op te treden. Hierna verkrijgt de heer Van Bameveld het woord om zijn onderwerp te behandelen, getiteld:
„De Kerk en haar openbaring".
Spreker neemt als uitgangspunt Vraag en Antwoord van Zondag 21 van den Heid. Catechismus. Hij staat stil:
1e. BIJ wat we onder de benaming Kerk hebben te verstaan.
2e. Bij haar levensopenbaring.
3e. Bij haar roeping.
4e. Bij de middelen die haar aan haar roeping doen beantwoorden.
De Kerk, in Schriftuurlijken zin genomen, is de gemeenschap der geloovigen, de gemeente Gods, of het mystieke lichaam van Christus. Zij kunnen alleen tot de Kerk gerekend worden, die Christus door een waarachtig geloof zijn ingelijfd, gewasschen in Zijn bloed, geheiligd door den Heiligen Geest. Dat is ook de bedoeling van het artikel en de Apostolische geloofsbelijdenis :
„Ik geloof ééne, heilige, algemeene, Christelijke Kerk". Heilig wil zeggen : afgezonderd van de wereld, die Christus niet kent als Schuldovernemende Borg en Middelaar.
Deze Kerk ligt gegrond in de eeuwige verkiezing Gods en gebouwd op het eenig fundament van Christus' gerechtigheid. Dit is de Kerk, in nauweren zin genomen.
Men kan ook spreken van de Kerk in ruimeren zin. Dan verstaan we daaronder allen, die door Doop en belijdenis zich tot de Kerk hebben gevoegd en zich aan hare verordeningen met gehoorzaamheid onderwerpen.
Zoolang de wandel dergenen die tot de Kerk behooren, niet in strijd is met de belijdenis, is het voor ons menschen niet mogelijk en komt ons niet toe de onderscheiding tusschen die beiden te maken. Dit is het terrein voor den Heere zelf, hetgeen met verschillende voorbeelden uit de Heilige Schrift wordt duidelijk gemaakt.
De levensopenbaring van de Kerk komt uit in de bediening des Woords en der Sacramenten, door de van den Heere ingestelde ambten. Verzuim in dezen teekent de Kerk als zonder waarachtig geestelijk leven of stervende.
Ook in haar levensopenbaring heeft ze te gehoorzamen aan den eisch des Heeren : Weest heilig, want Ik ben heilig. Haar roeping is om te zijn een stad op een berg. Een licht op den kandelaar, een verkondigster van den lof des Heeren in 't midden van een krom en verdraaid geslacht. Als middel in de hand des Heeren gaat de roeping tot bekeering van haar uit en bestaan er geen grenzen. Predik hét Evangelie aan alle creaturen is het gebod van het Hoofd der Kerk. Ieder lid heeft ten opzichte van de roeping der Kerk een taak te vervullen en te zorgen door moreele of financiëele steun, de Kerk aan haar roeping te doen beantwoorden.
Verder sprekende over de Kerk staat spreker breedvoerig stil bij onze Herv. Kerk, die gelukkig nog een belijdende Kerk is, waar de banier van het zuivere Woord Gods nog op den kansel mag worden ontrold en de Sacramenten mogen worden bediend naar de instelling van Christus. De Heere werkt nog in haar midden met de tucht van den Heiligen Geest om zondaarsharten te bekeeren en Zijn volk te vertroosten.
We mogen echter niet rusten voor ook deze Kerk weer zal beantwoorden aan haar hooge roeping als Kerk. En in die worsteling om volkomen herstel krijgt de Gereformeerde Bond zijn beteekenis. Wie volmaakt werk van hem verwacht mist het voornaamste wat een mensch als geestelijk sieraad noodig heeft, n.l. „zelfkennis.
Degenen die den Geref. Bond uitmaken zijn menschen en ook zijn bestuur zijn menschen, d.w.z. schepselen die in zichzelven zondig zijn. Spreker besluit met een krachtige opwekking om als plaatselijke afdeeling den Bond te steunen, bedenkende het Woord des Heeren „Indien er most in een tros druiven is verderf het niet, want daar is een zegen in".
Met zeer groote aandacht wordt de leerzame rede aangehoord en van de gelegenheid voor gedachtenwisseling wordt geen gebruik gemaakt, wat voor een ieder een bewijs is, dat de rede keurig was verzorgd, duidelijk en begrijpelijk. Nadat de voorzitter spreker hartelijk dank bracht voor het schitterend stuk werk sluit hij de vergadering nadat was gezongen Ps. 25 vers 7 en de heer Van Barneveld in dankgebed was voorgegaan.
Deze avond zal de afdeeling lang in het geheugen blijven en wij hopen dat meerdere dergelijke avonden mogen volgen, opdat wij daardoor gesterkt en opgewekt mogen worden temeer daar wij als afd. van den Geref, Bond in deze moderne gemeente veel goeds moeten ontberen.

HAARLEM EN OMSTREKEN.
Woensdag 25 April a.s. hoopt D.V. voor onze Afdeeling te spreken de WelEerw. heer ds. Alers, Ned. Herv. pred. te Dordrecht, in het kerkgebouw der Broedergemeente (Parklaan 34) des avonds acht uur. Dit is de laatste lezing van de serie 1933—'34.
Anjelierstraat I. Namens het Bestuur : A. VAN DEN BOSCH, Secretaris.

FEIJENOORD EN OMSTREKEN. Vrijdagavond 13 April 1934 mochten we onze Afdeelingsvergadering houden, onder leiding van den voorzitter, den heer J. de Ruiter, in de Joh. Bogermanschool. Jammer, dat niet weinigen weg gebleven waren, terwijl er zulke gewichtige dingen te behandelen waren, o.a. de benoeming van een voorzitter der Godsdienstschool met ongeveer 1000 kinderen en een 60-tal personen, die als onderwijzend personeel dienst doen. De notulen werden gelezen na de gebruikelijke opening en daarna werd Artikel 16 van de Ned. Gel. Bel. behandeld, waar gesproken wordt over het leerstuk van de verkiezing en verwerping. Een drukke bespreking volgde op de inleiding.
De voorzitter van de Godsdienstschool werd met op 2 na algemeene stemmen gekozen, en de heer J. Bot tot bestuurslid. Beide gekozenen hebben hun benoeming in beraad.
Verslag van de twee afgevaardigden, die den Bondsdag bezocht hebben, volgde.
Na het zingen van Psalm 138 vers 4 sloot de heer Bouman met dankzegging.
DE SECRETARIS.

UTRECHT. Dinsdag 10 April 1934 hielden we onze jaarvergadering. De opkomst was bevredigend. Afgevaardigden waren aanwezig van verschillende plaatselijke vereenigingen. Mede waren ook aanwezig afgevaardigden van de Afdeelingen te De Bilt en Zeist.
In z'n openingswoord wijst de voorzitter op het vaste fundament, dat is de Borg en Zaligmaker, Jezus Christus. Uit het jaarverslag van den secretaris blijkt, dat het ledental 158 bedraagt. Er werden in het afgeloopen jaar 4 gewone ledenvergaderingen gehouden, waarin een drietal onderwerpen ingeleid, n.l. „Het verval en de reformatie der Kerk" door P. Brinkers; „Kerkinrichting en Kerkenorde" door Van Erven, en „Onze Belijdenisgeschriften" door P. Brinkers. Eén buitengewone vergadering werd gehouden, waarin optrad ds. Ph. J. Vreugdenhil, pred. te Gorinchem, met het onderwerp : „Kerk en Crisis".
Uit het verslag van den penningmeester bleek dat er een batig saldo was van ƒ7.26.
De heer Van Amersfoort bracht verslag uit van de Centrale van Gereformeerden. Na de bestuursverldezing werd het woord gevoerd door verschillende afgevaardigden. Met het oog op het vergevorderd uur werd besloten het onderwerp van den secretaris, „Maranatha", uit te stellen tot een apart hiervoor te toeleggen samenkomst.
Bij de rondvraag kwamen verschillende zaken ter sprake, het interne Bondsleven rakende, waarna deze geanimeerde vergadering op de gewone wijze werd gesloten.
HET BESTUUR.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 april 1934

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

UIT DE AFDEELINGEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 april 1934

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's