VRAGENBUS
Vraag : Leeren „de Gereformeerde Kerken" de leer van de veronderstelde wedergeboorte, doopen ze op dien grond van de veronderstelde wedergeboorte en beschouwen ze alle opgroeiende jonge menschen op dien grond van de veronderstelde wedergeboorte als geloovigen, die belijdenis moeten doen en aan het Avondmaal moeten gaan ?
Antwoord. Men zal zich waarschijnlijk wel herinneren, dat we wel eens meer over de leer van de veronderstelde wedergeboorte en de doopspractijken en de kerkbeschouwing, zooals die wel in het midden van „de Gereformeerde Kerken" gevonden werd en wordt, geschreven hebben. Laat ons hier even vermelden wat geruimen tijd geleden dr. van der Vaart Smit, Gereformeerd predikant te Zwijndrecht schreef. We lezen in de Zwijndrechtsche Kerkbode (27 Mei 1933) :
„Wat de quaestie der onderstelde wedergeboorte aangaat: k voor mij heb in al de jaren van mijn ambtspractijk in de Gereformeerde Kerken de dusgenaamde leer van de onderstelde wedergeboorte in het openbaar en van den kansel verworpen en in navolging van prof. Bavinck geleerd, dat we doopen op grond der verbondsbelofte Gods; dat indien de leer der onderstelde wedergeboorte daarbij nog Iets méér zou zeggen dan wat de verbondsbelofte zegt, ze schadelijk is en verworpen moet worden ; en dat, indien ze hetzelfde zegt als het woord verbondsbelofte ze dat doet op onduidelijker manier, in elk geval dus overbodig is en op die gronden verworpen moet worden; en dat voorts een dergelijke „onderstelling" eigenlijk niets anders kan doen dan kwaad, en in wezen en strekking 'de grenzen overschrijdt van Deut. 29 : 29 : dat al de geopenbaarde dingen (met name de verbondsbelofte) zijn voor ons en onze kinderen, om te doen naar al de woorden der Wet, maar dat de verborgen dingen zijn voor den Heere onzen God.
Ik stem ook toe, dat de dusgenaamde leer der onderstelde wedergeboorte tot consequentie kan hebben (en bij zeer „voorwerpelijk" aangelegde gemoederen ook inderdaad menigmaal heeft) dat men nu al te sterk van al de doopleden der Kerk „onderstelt" dat ze „natuurlijk" tot belijdenis des geloofs komen en dat hun dan soms wel wat al te gemakkelijk maakt, dat men van al de belijdende leden der Kerk „onderstelt", dat ze „natuurlijk" geloovigen zijn en soms wel wat al te gemakkelijk hun Avondmaalsvieringen vanzelfsprekend acht, op het kerkhof soms wel wat al te vlot van de gestorvenen hun zaligheid aanneemt en uitroept."
Verder zegt dr. v. d. V. S. dan nog : „Trouwens — die dusgenaamde leer der onderstelde wedergeboorte is toch eigenlijk heelemaal geen leer — ik althans ken geen belijdenis onzer Kerken, die uitspreekt, wat men in die leer „onderstelt." — Dr. V. d. V. S. meent intusschen dat „menigeen van zijn. medebroeders te Zwijndrecht en elders" 't wel jammer zal vinden, dat hij deze uitspraken zoo doet.
Van de doopspractijk in de Gereformeerde Kerken zegt hij dan verder : „'t Gaat over de doopspractijk, en dus over de vraag „vroegdoop" of „niet-vroegdoop". Ik voor mij verwerp den dus genaamden vroegdoop en wel op grond van de Schrift, van de belijdenisschriften en van onze Kerkhistorie. Ik acht die heele vroegdoopgeschiedenis een betreurenswaardige vergissing en heb de bewijsgronden daartoe ook uitvoerig en in het publiek beschreven." „Het is pijnlijk, prikkelend, soms ook beleedigend, als men op een punt waarin men elkander verdragen moet, beoordeelingen (van de vroeg-doopers) naar het hoofd krijgt, alsof men geen „echte" Gereformeerde is, maar een halve. Ik heb dat zelf ook wel ondervonden."
Ons dunkt, in bovenstaand oordeel van dr. Van der Vaart Smit heeft men een kijk op 't geen in de Gereformeerde Kerken in deze geleerd wordt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 juli 1934
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 juli 1934
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's