MEDITATIE
CHRISTUS, DE KRACHT EN DE WIJSHEID GODS.
Maar hun, die geroepen zijn, beiden Joden en Grieken, prediken wij Christus, de kracht Gods en de wijsheid Gods. 1 Corinthe 1 vers 24.
Sinds de zonde op aarde is begonnen en de mensch zichzelven en al zijn nakomelingen van de gaven beroofd heeft, welke zijn God hem verleend had — sinds dat oogenblik is het verstand van een iegelijk menschenkind door de zonde verduisterd, kiest hij het kwade en begeert, wat hij moest tegenstaan. Sinds dat rampzalige oogenblik is ook heel de breede stroom van lijden en dood, die ons allen aangrijpt, over de wereld heengegaan en is dat zuchten der creatie begonnen, dat diepe zuchten, waarvan Paulus gewaagt in den Brief aan de Romeinen met dat ontroerend woord : „want wij weten, dat het gansche schepsel tezamen zucht en tezamen als in barensnood is tot nu toe."
Sinds die ure spreekt het levensboek van lederen mensch van lijden en smarten en zuchten.
En hoeveel pogingen ook in den loop der eeuwen gedaan zijn van de zijde des menschen tot reconstructie eener ontredderde wereld — het is van 's menschen kant alles tevergeefs geweest!
Reeds de volkerenwereld van den ouden dag heeft gezocht naar het antwoord op de bange vraag, hoe het kind des menschen vrede zou vinden voor het onrustig hart, vrede ook voor het peinzend hoofd.
Het is aandoenlijk, als ge het worstelen dier oude wereld gadeslaat om den waren vrede te vinden.
Maar al dat worstelen baatte niet.
Het baatte niet, omdat het buiten den Allerhoogste en Zijn openbaring omging.
En al dieper zonk die wereld weg in den nacht van den eeuwigen dood.
Men probeerde het met een wijsgeerig stelsel.
Men probeerde het door heel het leven te brengen onder de wetten eener schoonheidsleer.
Maar al vertoonde daardoor die wereld naar buiten een schoonen schijn — van binnen was zij overgegeven aan de zelfvertering, aan den dood.
Paulus van Tarsen heeft die oude wereld zoo terecht geteekend, toen hij schreef aan de gemeente te Rome : „'Zich uitgevende voor wijzen, zijn zij dwaas geworden ; zij hebben de waarheid Gods veranderd in de leugen en het schepsel geëerd en gediend boven den Schepper, Die te prijzen is in eeuwigheid, Amen."
Maar Paulus van Tarsen heeft meer gedaan.
Hij heeft niet slechts een klaagzang gezongen over die gevallen wereld, zooals in onzen dag velen klagen over de boosheid van het tegenwoordig geslacht, om zich dan in stille meditatie terug te trekken van die wereld en haar te laten, wat zij is — maar Paulus van Tarsen heeft het aangedurfd aan die in zichzelf verloren wereld te prediken Jezus Christus, de kracht en de wijsheid Gods.
Aan die wufte wereld van zingenot heeft hij gepredikt de reinigende kracht van Jezus' bloed
aan die wijze wereld heeft hij gebracht de dwaasheid van het Evangelie, de boodschap van een uitgeworpene, een gehangene, een gevloekte, in Wien alleen de redding was voor die verloren wereld.
Paulus, die wereld zal schateren van 't lachen, als zij u hoort!
Rol de kruisbanier maar op!
Berg dat Evangelie maar weg in de binnenkameren van uw hart!
Lezer, ge kunt even goed tot den bergstroom zeggen, dat hij zijn bruisende wateren niet meer van de rotsen moet storten, want de nood was Paulus opgelegd en de liefde van Christus drong hem en daarom was zijn eenig antwoord aan die lachende wereld :
„Wij prediken Christus, den gekruisigde, den Joden wel een ergernis en den Grieken een dwaasheid ; maar hun, die geroepen zijn, beiden Joden en Grieken, prediken wij Christus, de kracht Gods en de wijsheid Gods."
Christus — de kracht Gods.
Daar lag reeds zulk een heerlijke profetie voor het Israël van den ouden dag in den val van Dagon voor de Ark des Verbonds.
In de Ark des Verbonds met het gouden verzoendeksel ziet het oog des geloofs een schaduwbeeld van het Evangelie der verzoening, waar van Jezus Christus het levende middelpunt is.
Dagon, dat is de macht van het ongeloof, van het bijgeloof.
Dagon is van zijn voetstuk gevallen en heeft zich neergeworpen in 't stof voor de gouden Ark.
Dat is de profetie van den uiteindelijken val van het ongeloof en bijgeloof voor Jezus Christus, de pracht en de wijsheid Gods.
Maar daar ligt ook rijke vertroosting in voor een iegelijk, die daar worstelt met de booze machten van satan, wereld en vleesch, en die de kracht van het ongeloof bespeurt in zijn hart.
Welk een verzet schuilt daar ook in ons eigen hart tegen die macht van Christus
Wanneer Hij niet ware de kracht Gods, nimmer zou ons hart voor Hem buigen, maar Hij is kracht, de kracht Gods.
Alles aan dien Christus is kracht!
Groot is de kracht van Zijn Woord tot ontdekking.
Groot is de verzoenende kracht van Zijn bloed.
Groot is de vernieuwende kracht van Zijn Geest.
Aan die zaligmakende kracht alleen dankt de zondaar zijn eeuwig behoud.
De komst van dien Christus is geweest het het keerpunt der tijden.
In dien Christus toch trad een Goddelijke dunamis, een Goddelijke macht op, die sterker was dan alle verdervende en verwoestende macht van de zonde.
Tegenover die verwoestende macht van de zonde heeft Christus Zijn Goddelijke kracht gesteld. En Hij heeft die macht der zonde niet enkel aangevallen in haar peripherie, in haar uitwendigen omtrek, door ziekten en kwalen te genezen, maar Hij is doorgedrongen tot in het centrum van die zonde-macht en Hij heeft haar verbroken, ja, haar geheel overwonnen voor al Zijn volk.
Nu is de dood zijn prikkel kwijt voor een iegelijk, die in Hem gelooft.
Nu heeft de hel haar overwinning ingeboet!
Nu wordt door Zijn kracht Gods volk daargesteld als een heilig volk, als een verlost volk, als een triomfeerend volk.
Maar Paulus heeft dienzelfden Christus aan de ongeloovige wereld zijner dagen ook gepredikt als de wijsheid Gods.
Dat was een daad van durf !
Neen, dat was een daad van geloof !
Christus, een gekruisigden Christus prediken als de wijsheid Gods tot verlossing van een verloren wereld, tot redding van een ellendlg zondaarsvolk — en dat tegenover' een wereld, die opging in hetgeen groot is en schittert en glanst.
Christus, een gekruisigden Christus prediken als het antwoord Gods op de bange vragen van het hart naar de raadselen der eeuwigheid !
Ja, lezer, dat heeft Paulus gedaan, omdat hij zelf in dien Christus het antwoord had gevonden op de bange vragen van zijn eigen hart, toen de problemen van zonde en schuld, van dood en eeuwigheid in Damascus zijn ontroerde ziel benauwden.
Toen was in dien Christus in beginsel alles voor hem ontraadseld;
toen had hij verstaan het mysterie van den Naam Gods en in dien gekruisigden Christus was hem geopenbaard de heerlijkheid Gods in Zijn zoekende, nederbuigende genade ;
in den opgestanen Christus had hij het antwoord gevonden op de bange vraag van den dood ;
in dien Christus had hem tegengeglansd de wijsheid Gods;
in dien Christus had hij gezien de overbrugging van de kloof tusschen den heiligen God en het zondig, diep-verdorven menschenkind.
Lezer, zag Paulus niet goed ?
Zijn de beide deugden Gods, Zijn rechtvaardigheid en genade niet met elkander verzoend in den eeuwigen borgtocht van dien eenigen Middelaar ?
En is die borgtocht niet een vrucht van Goddelijke wijsheid ?
Geheel de weg des vredes bij zijn aanvang en voortgang is een wonder van de wijsheid Gods.
Christus, Die door Zijn dood het leven verwerft voor een volk van goddeloozen, wat is die Christus anders dan de wijsheid Gods ?
Christus, Die wederkomt om al de Zijnen eenmaal tot Zich te nemen in heerlijkheid en hen te doen deelen in de nieuwe schepping, die van den vloek voor eeuwig zal ontheven zijn, is Hij niet de wijsheid Gods ?
Is die Christus uw Verlosser reeds ?
Zijt gij reeds ingeleid in de heilgeheimen Gods tot verlossing van Zijn arm en ellendig volk op aarde ?
Zoo ja, dan zult ge bij de overdenking van den weg der verlossing, waarlangs God u heeft geleid, telkens weer van dien Christus stamelen, dat al uw heil Is alleen door en uit Hem als de kracht en wijsheid Gods ; en ge zult bij oogenblikken uitjubelen met den dichter in zoete zielsverrukking : „Hoe kostelijk zijn mij, o God, Uwe gedachten ! Hoe machtig veel hare sommen !”
Huizen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 september 1934
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 september 1934
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's