PSALM 118
(Naar de berijming van Petrus Dathenus).
Dancket den Heer, seer hoogh ghepresen. Want groot is sijn vriendeliclSieit, Sijn goedertierenheit sal wesen Bestendigh in de jeeuwicheit. Israƫl moet hem nu begheven, Om te verkonden met toescheydt. Dat Godts bemjhjfEtigheit verheven Gheduert tot in der eeuwicheit.
Die stercke rechterhandt des Heeren Is seer verhooght tot deser tijdt ! Behoudt het veldt. met cracht end eeren, Sulclis singiht dat volck, sijnde verblijdt. Maeckt u van hier al mijn vianden lek sal niet sterven noch vergaen. Maar leven, end in allen landen Van Godts weldaeden doen vermaen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 oktober 1934
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 oktober 1934
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's