De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

FINANCIËN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

FINANCIËN

10 minuten leestijd

Daar ben ik werkelijk van geschrokken. Waarvan ? — zoo vraagt ge wellicht. Van het feit dat, wanneer u dit overzicht onder de oogen komt, we waarlijk al weer November schrijven. Ge zult het u misschien nog van een vorig jaar herinneren, dat met ultimo November ons boekjaar moet worden afgesloten, 't Is voor ons dus de maand, waarin het eindcijfer wordt bepaald. En nu moge het waarheid in hebben, dat een goed begin den mensch moed geeft voor wat komen zal, maar een goed einde zet toch de kroon op het werk.
Eind goed, al goed, zegt het spreekwoord.
En al wordt hierbij in de allereerste plaats gedacht aan het menschelijk leven in zijn geheel, toch mag het ook gelden voor ons particulier bestaan, voor ons vereenigingsleven niet minder.
Zooals ge lichtelijk zult begrijpen, heb ik mijn gegevens al eens in overzicht genomen, 'k Heb een voorloopige schatting gemaakt. Voorloopige, want het eind kan mee-en kan ook tegenvallen. En waar gewoonlijk het leven meer tegenvallers biedt dan omgekeerd, moet hiermee rekening worden gehouden. Wat evenwel niet wegneemt den plicht, welke op ons rust, om zoolang moge­ lijk vol te houden met onzen arbeid. Immers wat is het Woord des Heeren anders dan hiervan de bevestiging. Zegt Hij niet: „Werkt zoolang het dag is" ?
Nu zijn me enkele dingen opgevallen, waarvan ik me niet heelemaal los kon maken. De spreekbeurten zijn veel minder in aantal geweest dan in vorige jaren. Hier Is geen kleine achterstand.
Weet ge wat ik voor zou willen stellen ?
In de door-de-weeksche beurten is de opkomst van onze menschen vaak niet zoo heel groot. Allerlei oorzaken kunnen hiervoor worden aangegeven, 't Is in den herfst en in den winter dikwijls zeer ongestadig weer. Treft het nu zoo, dat de weersgesteldheid bepaald ongunstig moet worden genoemd, zoo kunnen ouden van dagen, en die een zwakke gezondheid hebben, niet de prediking beluisteren. Dit betreft nu het ouder gedeelte, terwijl de jeugd vaak door allerlei andere dingen, als studie enz., in beslag wordt genomen.
Neen, een beurt op Zondag is veel meer aangewezen. Dan kamt alles veel beter tot zijn recht. Wanneer aan het einde van een gewone godsdienstoefening eene collecte zou worden gehouden, waarin voor onze fondsen, d.i. Leerstoelen Studiefonds, werd gecollecteerd, mij dunkt, dan was men zeker van een gunstig resultaat. In Gereformeerde gemeenten is deze wijze van doen aangewezen. Immers hier wordt niet alleen het hooge belang van deze zaken aangevoeld, maar men leeft hierin geheel mede. De jonge menschen, die onderwezen worden, aan de Universiteit, hebben het zoo hoog noodig dat zij aan de hand van een Hoogleeraar in de aloude beproefde Waarheid worden geleid; en van hem onderricht ontvangen ook in datgene, wat onze tijd naar voren brengt. Is dit den Leerstoel rakende, wat het Studiefonds aangaat, is voor iedereen duidelijk welke hooge belangen hier op het spel worden gezet. Een onderzoek in dezen zou de gevaarlijke situatie, waarin ons kerkelijk leven staat, in duidelijk licht kunnen stellen. Dezer dagen nog ontving ik een schrijven — waarop ik tot mijn leedwezen vanwege opeenhooping van arbeid nog geen antwoord kon geven —, waaruit mij ten duidelijkste bleek de bange vreeze, welke de waarlijk meelevende vrienden beklemt. Van alle kanten ziet men zich bedreigd. De gevolgen van de In deze dagen vaak zoo verheerlijkte scheiding, laten zich hier kennen van de meest donkere zijde. De gedurige aderlating, hier ondergaan, heeft het hoopje der achtergebleven broeders zoo verzwakt, dat het den tegenstanders der oude Gereformeerde Waarheid de vraag haast voorlegt: „zoude ons nu een kans worden gegeven om de teugels te grijpen ? " Is dit niet heel dikwijls het bange gevolg, de wrange vrucht zou ik 't willen noemen, geweest van het heengaan der broeders ? Voorheen een bolwerk der Waarheid Gods, thans een zetel, waarop de moderne tijdgeest zich heeft neergelaten, naar onze gedachte voor onafzienbare tijden verloren. De bange vraag klinkt ons telkens in de ooren : weet gij nu werkelijk ons niemand te noemen ?
Ziet, voor deze dingen voelt ons Gereformeerde volk geheel met ons mee. Wanneer de nuchtere zin ons begeeft, hebben wij de gevolgen hiervan straks zeker te wachten.
’k Weet wel, dat statistieken vaak een zeer verkeerde gevolgtrekking ons aan de hand kunnen doen, de conclusies zijn lang niet altijd gewettigd, doch ze moedwillig veronachtzamen geschiedt zeker niet ongestraft.
’k Heb hier voor mij liggen een klein uittrekseltje uit het overzicht van de z.g.n. Vrijzinnig Hervormden in Nederland, dat voor mij meer dan boekdeelen spreekt, ''k Lees hier, dat in het vorige jaar — ondanks de ook onder ons heerschende malaise, zoo schreef de vrijzinnige verslaggever — ruim 23000 gulden meer aan contributie was geïnd dan in het jaar daarvoor.
Wanneer bij ons nog nauwelijks in zijn geheel een tiende gedeelte daarvan onder den zelfden post binnenkomt, is het wel om er bang en bedroefd onder te worden. De arbeid, hierboven aangeduid, die van de Vrijzinnigen, heeft toch geen andere doelstelling dan om af te breken, tegen te staan de waarachtige verkondiging van het Woord des Heeren, naar de meening des Geestes. Gevoelt ons Gereformeerde volk niet de gevaren, welke ons van alle kanten bedreigen ? De overvloed van Gereformeerde Candidaten in de Kerken der Scheiding levert in de situatie, waarin wij verkeeren, een meer dan denkbeeldig gevaar. Deze Scheidings-menschen trekken niet uit naar streken, waar geen vraag bestaat naar Gereformeerde prediking, maar juist daar, waar deze wèl wordt gevonden. Door het openstaan en open blijven van de kansels wordt hier een kans van slagen gegeven, gunstiger dan ooit.
Daarom, laat deze aanmaning voor niemand, inzonderheid voor onze Gereformeerde gemeenten, onopgemerkt blijven.
Hierbij zou ik het willen laten. Alleen deze onderstreping zou ik nog gaarne zien toegebracht : help uwen Penningmeester het werk, met toewijding gedaan, vergemakkelijken. Draagt hem en zijn arbeid op voor den Troon der genade en steunt hem hierbij door mede te helpen zooveel uwe krachten vermogen.
Thans volgt ons overzicht.
1. Het eerste wat binnenkwam was een dankoffer. Uit het bijschrift blijkt dit wel zeer duidelijk. Dit luidde n.l.: „voor genoten weldaden." Heerlijk als den Heere daarvoor dank wordt toegebracht op deze wijze, dat ook anderen in deze genoten weldaden mogen deelen. Uit den collectezak te Den Bommel zond de pastor loei ds. Langhout mij een rijksdaalder met dit bijschrift. ƒ 2.50
2. Het tweede was een postwissel. Gewoonlijk is het bedrag, daarop geplaatst, niet de 25 gld. te boven gaande. Immers dan loopt het al gauw in de papieren. Tegenwoordig maakt men haast een geregeld gebruik van een girobiljetje. Dit brengt geen hoogere kosten mee dan 5 cent voor een postzegel en 1 cent voor 't in te vullen biljetje. Dus toen ik dezen postwissel tusschen mijn brieven vond, dacht ik aan een luttel bedrag. Maar ziet eens, daarop prijkte maar even honderd gulden. Wilt ge weten vanwaar me deze postwissel was toegezonden ? Deze kwam uit de Hoofdstad, uit Amsterdam. Nu was ik dubbel verblijd, 't Is n.l. nergens moeilijker werken dan in onze groote steden. Wanneer hier niet organisch werk wordt verricht, komt van alles niets terecht. De Commissie van Actie heeft hier dan ook een goed werk gedaan door n.l. eenige wenken te geven, welke zijn opgevolgd. De Afdeeling daar heeft een aantal busjes gekregen voor het Studiefonds. Zooals ge begrijpeni zult, is 't aantal eenigszins in overeenstemming met de grootte van de stad.
Het eene busje brengt uit den aard van de zaak iets meer op dan het andere. Het is evenwel voor mij niet de eerste vraag hoeveel ieder opbrengt, als er maar mee gewerkt wordt. Geen betere herinnering aan onzen arbeid is er dan op deze wijze. Toen ik deze week van een andere gemeente, waar ook al eerder enkele busjes werden geplaatst, een aanvrage kreeg, heb ik dadelijk weer een tiental laten volgen. Nu is het goed voor het regelmatige verloop deze op vaste tijden te ledigen. En dan in de courant te zetten voor de controle hoeveel ieder opbracht, 'k Laat dan ook hier het overzicht volgen.
Busje 1 bracht Busje 2 Busje 3 Busje 4 Busje 5 Busje 6 Busje 7 Busje 8 Busje 9 Busje 10 Busje 11 Busje 12 Busje 13 Busje 14 Busje 15 Busje 16 Busje 17 Busje 18 op ƒ 6.51 „ 1.50 „ 4.26 „ 5.50 „ 2.50 „ 1.28 „ 2.02 „ 4.-„ 1.25 „ 1.30 „ 2.45 „ 3.-„ 6.30 „ 12.— „ 8.15 „ 1.10 „ 2.76 „ 2.75 Opgeteld ƒ 68.63
Hier werd aan toegevoegd van de leden als contributie ƒ 51.57. Alzoo in zijn geheel precies de som van „ 100.—
’k Was er meer dan verblijd mee. Mijn oprechten dank aan de Amsterdamsche vrienden voor deze praoht-inzameling. Hier wordt een navolgenswaardig voorbeeld gegeven voor stad en land. 'k Hoop dat er velen mogen volgen.
3. De Rotterdamsche vrienden hebben ook niet stil gezeten. Uit Kralingen en Rotterdam-Centrum werd mij aan contributie toegezonden „ 65.69
Waar ik reeds vóór eenigen tijd uit Kralingen een zending, een groot deel van de contributie ontving, ben ik voor dezen post zeer dankbaar. Daar zit heel wat artoeid aan vast voor het zoover is dat alles in vaten en kannen is. Den Penningmeester inzonderheid wil ik mijn oprechten dank niet onthouden.
4. Nu Amsterdam en Rotterdam voorgingen, kon de Haagsche Afdeeling niet achterblijven.
’t Is wel opmerkelijk, dat dit drietal in ééne week haast op een en denzelfden tijd mij de penningen afdragen.
De vrienden in de Residentie naderen de 100 gld. al heel dichtbij. De Penningmeester aldaar droeg ons af niet minder dan „ 93.75
Ook zij hebben mij door hun bijdragen niet weinig verblijd.
5. Uit het Noorden van ons land werd me vanuit Ooster-Nijkerk de contributie toegezonden. Deze bedroeg „28.—
In vergelijking met de groote steden is deze bijdrage niet klein. «
Wij brengen ook hier onzen welgemeenden dank.
6. Ten slotte nog een drietal kleinere posten.
Het eerste postje kreeg ik vanuit Vlaardingen. Ds. Heijer, aldaar, had van de fam. B. een gift gekregen, waarvan de helft bestemd was voor het Studiefonds en 't Leerstoelfonds. De gift bedroeg 1 gld., alzoo mocht ik boeken voor de beide fondsen „
Wil ds. Heijer den dank overbrengen aan bovengenoemde familie. Daardoor zal hij mij ten zeerste aan zich verplichten. 8.50
7. Het tweede kwam uit Driebergen. De Kerkeraad zond me voor het Studiefonds „
Deze gift Is me meer dan het dubbele waard. Uit Driebergen komt zelden mij iemand verrassen. Wellicht dat er nu meerderen volgen. Wij worden uit deze streek nog bepaald niet verwend, 'k Ben met deze gift dan ook ten zeerste verblijd. 7.-
8. Het slot wordt gevormd door een tweetal guldens, die in een gewoon stukje papier verpakt werden gevonden in de collecte te Schoonhoven, waar ik gisterenavond in hun prachtige kerk het Woord mocht bedienen. „Voor het Studiefonds", zoo luidde het opschrift. In Schoonhoven leeft men met ons werk nog altijd warm mee.
Mijn zeer vriendelijken dank ook voor deze gift.
Wanneer ik alles tezamen tel, kom ik tot dit eindcijfer
f 307.44
Mag ik den vrienden onze zaak op het harte binden. Wij willen graag helpen, maar zal dit kunnen, zoo moet gij ons allen de helpende hand toesteken.
Laat daarbij bedacht worden, dat van meerdere zijden hard gewerkt wordt in onze dagen. Wij mogen in dezen niet achterblijven. Er staat te veel op het spel.
De Heere neige de harten en geve allen een open oog voor den grooten nood, welke er is voornamelijk op geestelijk terrein.
Utrecht.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 november 1934

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

FINANCIËN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 november 1934

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's