VRAGENBUS
Vraag : Mogen onze kinderen op Zondag sjoelbakken of is dat verboden ?
|Antwoord : Het sjoelbakspel heeft onze sympathie niet. Wij vinden het zoo hinderlijk luidruchtig en we zijn blij dat we zoo'n gevaarte niet in huis hebben. Maar het is een volmaakt onschuldig spel en de menschen, die er van houden, kunnen zich er kostelijk mee vermaken. Dat er gesjoelbakt wordt, moeten we dus niet veroordeelen. Ook het spel is van God. Let maar eens op de huisdieren, hoe ze kostelijk spelen kunnen. En dat heeft God ook óns ingeschapen en het is voor 't leven noodig. Hoe verrukkelijk vonden we vroeger het kinderspel niet! En als vader en moeder meespelen met de kinderen, is dat een zeldzaam genot voor de kinderen, 't Is ook een heerlijk middel om de kinderen thuis te houden, wat vooral in onze dagen van zoo groote beteekenis is. Krijgen de kinderen er een hekel aan thuis te zijn en te blijven, omdat ze thuis letterlijk niets mogen doen, dan is het gevaar zoo groot, dat ze voor het ouderlijk huis verloren raken. Laten daarom de ouders jong zijn met hun kinderen en met hun kinderen zich bezig houden en ook met hun kinderen blij en vroolijk kunnen zijn. Natuurlijk op gepaste wijze. En dan is sjoelbakken, voor zoover wij er kennis van hebben, volmaakt onschuldig ; waarbij het spelen om geld natuurlijk vermeden moet worden. Of het nu aan te bevelen is om op Zondag te sjoelbakken ? Zonde vinden wij het niet, maar we vinden het niet bij uitstek een spel voor den Zondag. Dat groote gevaarte staat ons niet zoo bijster aan en het lawaaierig spel heeft voor ons weinig bekoring; 't is zoo rommelig en zoo druk. Maar dat het zonde is, durven wij niet te zeggen.
Laten we met elkaar trachten te bewerken, dat onze kinderen prettige gedachten hebben aan 't ouderlijk huis ; dat de Zondagen — als er later over gesproken wordt — tot de heerlijke dagen mogen behooren !
God geve het ons !
Vraag : Waarom spreekt men wel van. „brave Hendrik" ? Wie is die Hendrik en wat wordt er mee bedoeld ?
Antwoord. We hebben een tijd gehad, toen de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen — wel bekend — opgericht werd en bloeide, dat het ééne zedekundige leesboek na het andere verscheen. De dominees kwamen met allerlei zedepreeken, dat de menschen toch zoet en braaf en deugdzaam leven moesten — dan kwam alles terecht, want wat mag God méér van een menseh eischen, dan dat hij braaf door 't leven gaat, z'n best doet en ieder 't zijne geeft ? (moraaltheologie) — en voor de jeugd kwamen allerlei mooie boekjes, om te bevorderen, dat het allemaal lieve, brave kinderen zouden zijn of worden. Een zoete tijd was het voor zoete menschen. Een wee-gedoe, om er van te walgen. Want de menseh is zoo zoet en zoo braaf en zoo gaaf en zoo deugdzaam niet, als al die met goud opgeplakte poppen wilden doen voorkomen. Een van de mannen, die een baas was in 't schrijven van lieve dingen voor groot en klein was Nicolaas Anslijn (1777—1838). Een zedemeester eerste klas. Om van te walgen Die mijnheer Anslijn schreef o.a. twee schoolboekjes : „De brave Hendrik" én „De brave Maria". En die brave Hendrik (een jongen om door elkaar te schudden en hem veertien daag op een schandpaal te zetten, totdat het suikerventje gesmolten is !) is nu vele, vele jaren het voorbeeld geweest voor een groot deel van Néerlands jeugd, geslacht na geslacht. Ieder sprak van „de brave Hendrik" (de brave Maria heeft het nooit zoover kunnen brengen dan haar broertje van zoethout!). Hendrik kende geen kwaad, hij was in alles onberispelijk enz. enz. Alles wat aan Hendrik was, was even lief en degelijk. En het schoolboekje „de brave Hendrik" werd stuk gelezen, zóó mooi vond men het en druk na druk verscheen ! We willen een stukje uit dat boekje — dat overigens in een leuken vorm opgesteld was — overschrijven :
„Brave Hendrik. Kent gij Hendrik niet, die altijd zoo beleefd zijnen hoed afneemt, als hij voorbij gaat ? Vele menschen noemen hem de Brave Hendrik, omdat hij zoo gehoorzaam is, en omdat hij zich zoo vriendelijk jegens elk gedraagt. Hij doet nooit iemand kwaad. Er zijn wel kinderen, die hem niet liefhebben. Ja, maar dat zijn ook ondeugende kinderen. Alle brave kinderen zijn gaarne bij Hendrik. Kinderen, die met Hendrik omgaan, worden nog braver, want zij leeren van hem, hoe zij handelen moeten.
Als Hendrik zoo braaf is, dan zal hij ook zijne ouders wel liefhébben. Alle brave kinderen hebben hunne ouders lief. Ja, hij heeft zijn ouders zeer lief ; daarom is hij ook altijd zoo vroolijk en vergenoegd.
Hij krijgt toch geen lekker eten en drinken, en hij heeft geen mooie kleederen : hoe kan hij dan zoo vergenoegd zijn ?
Gelooft gij dan, dat men lekker eten en drinken en mooie kleederen moet hebben, om vergenoegd te wezen ? Ik niet. Maar daar komt Hendrik aan, wij zullen het hem zelf vragen.
(Jan, Willem én Hendrik, drie kinderen staan dan bij elkaar).
Jan. Ha ! goeden morgen vriend Hendrik ! Hoe komt het toch, dat gij altijd zoo vroolijk en vergenoegd zijt ?
Hendrik: Wel, dat is eene zonderlinge vraag. Zijt gij dan niet tevreden ? Ik heb alles wat ik noodig heb, en zou ik dan niet vroolijk en vergenoegd zijn ?
Willem. Ja, maar gij hebt toch geen lekker eten
Hendrik. Ei, zijt gij zulk een vriend van lekker eten en drinken ? Ik lust het ook wel. Maar mijn vader zegt, dat het lekkerste eten en drinken dikwijls schadelijk is, en dat men matig moet zijn, om gezond te wezen.
Willem. Ik geloof, dat uw vader u maar iets wijs maakt.
Hendrik. Neen, dat doet mijn vader niet. Hij zegt het tot mijn best. Hij weet ook beter wat mij nuttig is, dan ik het weet.
't Boekje gaat dan nog verder, en zegt: „Hendrik heeft geen fraaie kleederen, maar zij zijn altijd even zindelijk. Men ziet nooit een vlekje daaraan. Wat is toch de reden, dat Hendrik altijd zoo netjes voor den dag komt ? Zijne ouders zullen hem zeker nieuwe kleederen koopen ? Neen, dat doen zij niet. — Ik heb laatst zijn broertje daarnaar gevraagd, en die zeide mij, dat zijn broer altijd zorg draagt, dat hij zijne kleederen niet verwaarloost. Als hij zich des avonds uitkleedt, dan legt hij zijn goed ordelijk op eenen stoel. Hij laat nooit zijne kleederen door de kamer zwerven, zooals slordige kinderen doen.
Is Hendrik ook gehoorzaam ?
Ik ben laatst bij Hendrik aan huis geweest, maar gij moest eens zien, hoe gehoorzaam hij zijnen ouders is. — Als zij hem zeggen, dat hij iets doen moet, dan doet hij het ook terstond. Hij wacht nooit, tot zij het hem tweemaal zeggen. Hij zegt ook nooit: laat mijn broer of mijn zuster het doen ; maar hij is altijd blijde, als hij iets voor zijne lieve ouders doen kan.
Als zij hem iets verbieden, dan laat hij het ook dadelijk. Hij vraagt nooit : waarom moet ik dat laten ? Hij ziet ook nooit knorrig, als zijn ouders hem iets verbieden.
Ik prees Hendrik om zijne gehoorzaamheid ; maar hij wilde niets daarvan hooren. Wat denkt gij, dat hij mij antwoordde ?
Mijne ouders weten zeer wel, waarom zij mij iets gebieden of verbieden. Zij weten wel, wat mij nuttig of schadelijk is. Foei! zou ik ongehoorzaam wezen ? Zou ik mijne ouders bedroeven ?
Toen ik laatst eens ongehoorzaam was, stonden mijne moeder de tranen in de oogen ; maar ik zal wel zorg dragen, dat het niet weder gebeurt.
Ik antwoordde niets.! maar ik nam het besluit, om in 't vervolg ook zoo gehoorzaam te zijn als Hendrik."
Naar dat vervelende type nu is de naam „Brave Hendrik" ontstaan; een naam, die nog voortleeft. Alles dateert zoo echt uit dien braven tijd, met moraaltheologie vol zedepreeken, toen men van zonde niet wilde weten en Jezus hoogstens kende en roemde als voorbeeld voor een deugdzaam leven. ,, Ik nam het besluit, om óók zoo te zijn" typeert (18de—19de eeuw).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 januari 1935
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 januari 1935
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's