De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

5 minuten leestijd

GEMEENTELIJKE AUTONOMIE.
De eisch, die de Rijksregeering aan de Gemeentebesturen stelt, om er voor te zorgen, dat de salarissen en de loonen van het gemeentepersoneel niet boven die van de ambtenaren en werklieden in 's Rijks dienst uitgaan, moet in alle opzichten redelijk en billijk worden geacht.
Het kan toch niet bevredigend werken, wat vooral in dezen tijd een factor van groote beteekenis is, wanneer personeel, in dienst van de rijksoverheid, naast dat van de gemeentelijke overheid arbeidt en daarbij hetzelfde of ongeveer gelijk werk verricht, een verschillend loon wordt uitbetaald.
Natuurlijk heeft het stellen van bovengenoemden eisch van de Regeering aan de Gemeentebesturen niets uitstaande met het stuk van de autonomie der gemeenten, het kostbare goed, dat voor de staatkundige ontwikkeling van ons volk van zoo groote waarde is.
De gemeente is toch niet een op zichzelf staand lichaam, maar maakt deel uit van de nationale eenheid.
Zij, die meenen, dat het ingrijpen der Regeering in de bevoegdheid van den Gemeenteraad om de bezoldigingen van de plaatselijke ambtenaren en werklieden te regelen onder goedkeuring van de Gedeputeerde Staten, de zelfstandigheid van de gemeenten te na komt of wel de gemeentelijke decentralisatie in den weg staat, houden geen rekening met de gevolgen, die de crisis heeft voor het economisch leven van ons volk en voor de geldmiddelen van het Rijk en van de gemeenten.
Deze omstandigheden toch maken het noodig, dat de Regeering ook haar aandacht wijdt aan de gemeenten, juist om te zorgen, dat de autonomie niet teloor gaat, waartoe het zou komen, wanneer de financiën van een gemeente dermate in de war raakten of tengevolge van de tijdsomstandigheden zoó in het gedrang kwamen, dat de gemeente, die dit betrof, zooals dit reeds met vele het geval is, onder rijkstoezicht moet worden gebracht.
De Regeering wil met haar ingrijpen dus niet anders bereiken dan dit, dat de gemeenten In staat blijven hunne zelfstandigheid te bewaren.
Zij wil redden, wat nog te redden valt.
Dat in het bijzonder de Sociaal-Democraten in de Gemeenteraden zich tegen de inmenging van de Regeering in de salarissen en loonen van het gemeentepersoneel verzetten, is begrijpelijk. Zij zijn toch, vooral in de groote gemeenten des lands, voor een niet klein gedeelte de woordvoerders van dat personeel en soms ook van dat personeel de betaalde bestuurderen.
De Sociaal-Democraten in de Gemeenteraden willen dan ook in den regel van salariskortingen en loonkortingen van het gemeentepersoneel niet weten.
Echter staat dit anders, wanneer het gaat om de loonen der werknemers in eigen bedrijven.
Zoo werd in het jaar 1932 door de directie der N.V. Arbeiderspers aan het personeel loonsverlaging opgelegd. Dit geschiedde m'fet goedkeuring van den Raad van Commissarissen. De Sociaal-Democratische voorzitter van den Typografenbond sprak over de loonkorting wel zijn verontwaardiging uit, doch zijn verzet leidde niet tot eenig resultaat.
En aan deze loonkorting werd in November 1.1. een nieuwe toegevoegd, thans ten nadeele van het kantoorpersoneel van dezelfde Arbeiderspers. Dit personeel kreeg zelfs niet minder dan 10 procent verlaging om de wanverhouding weg te nemen, die ontstaan was — zooals gezegd werd — tusschen de loonen bij de Naamlooze Vennootschap en de elders geldende. De loonen moesten zich aanpassen bij de algemeen geldende normen voor het personeel van de overige particuliere bedrijven.
Maar als het algemeen belang eischt, dat de loonen van het gemeentepersoneel zich aanpassen bij die van het rijkspersoneel, dan komen de Sociaal-Democraten daartegen in verzet.
Dat de Regeering intusschen niet kan berusten in eene afwijzing der Gemeenteraden om de noodzakelijk geoordeelde loonkorting aan te brengen, spreekt vanzelf. Dit is te Amsterdam, Rotterdam en onlangs nog te Zaandam gebleken.
Zoo zijn het bijzonderlijk de Sociaal-Democraten, die de autonomie der gemeenten verzwakken en schade toebrengen aan 't democratisch stelsel.
Wil men beknotting van de gemeentelijke autonomie voorkomen, dan is het noodig, dat een krachtig verantwoordelijkheidsbesef zich openbaart, zoowel ten aanzien van de belangen van eigen gemeente als die van het Rijk.
Een onjuist en roekeloos beleid noopt vaak tot ingrijpen van de Rijksoverheid, terwijl een goed beleid zulk ingrijpen overbodig maakt.
Laten de Gemeentebesturen, die prijs stellen op hunne autonomie, zich van hun taak en roeping voldoende rekenschap geven.

DE ZAANDAMSCHE GEMEENTERAAD.
Hoe de Sociaal-Democraten in de Gemeenteraden bezig zijn om de autonomie der gemeenten te verzwakken, bewijst het gebeurde in den Zaandamschen Raad van 18 September. Op dien datum besloot de Raad met 12 tegen 11 stemmen om aan de Regeering te berichten, dat de Gemeenteraad, wat betreft de wering van revolutionaire elementen uit het gemeentepersoneel, getrouw blijft aan zijn voornemen om niet vrijwillig het ambtenaren-reglement te wijzigen in den geest, zooals de Regeering dit wenscht. Daarmede gaf de Raad geen gehoor aan de aanmaning van de Regeering van Augustus, om deze wijzigingen binnen drie maanden aan te brengen.
Thans heeft de Raad weer een stuk van zijne zelfstandigheid moeten inboeten, doordat de Regeering een schrijven tot het Gemeentebestuur van Zaandam heeft gericht, waarin wordt mededeeld, dat de Regeering krachtens de bepalingen van de Ambtenarenwet de vereischte veranderingen in het Zaandamsche Ambtenarenreglement zelf, buiten het Gemeentebestuur om, heeft aangebracht, en deze zoo spoedig mogelijk tot uitvoering moeten komen.
Het gemeentepersoneel mag dus thans, evenals dit in de andere gemeenten geschiedt, niet meer georganiseerd zijn in de Communistische, Revolutionair-Socialistische-en Onafhankelij k-Socialistische Partij, benevens in de Nationaal Socialistische Beweging en andere revolutionaire organisaties.
De Minister van Binnenlandsche Zaken heeft goed gedaan, door den Gemeenteraad te dwingen het personeel der gemeente van revolutionaire elementen te zuiveren, al ging dit ook ten koste van zijn zelfstandigheid.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 januari 1935

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 januari 1935

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's