FINANCIËN
.
Dezer dagen trof mij een woord van een der eersten in den lande. Het was een overbekend spreekwoord, dat hier werd aangevuld, n.l. toen een der sprekers in de hooge vergadering de opmerking maakte „één zwaluw maakt nog geen zomer", werd hierop geantwoord „zij kondigt toch de komst van den zomer aan".
En wie zou dat durven tegen te spreken ?
Wanneer over de wijde velden in onze dagen de voorjaarsvogels weer hun blijde stem doen hooren, zoo wordt daar bij ieder die het opmerkt een blijde gewaarwording wakker geroepen van de ontwakende lente.
Zoo ook als ge de eerste zwaluw ziet henenscheren vlak over uw hoofd of hoog in de lucht, zoo zegt ge : de zomer is op til.
Net zulk een gewaarwording kreeg ook ik, toen in een enkele gift mij werd beteekend, wat niet verre meer af is. Het Paaschfeest staat binnen enkele weken weer voor de deur. De onder ons gebruikelijke traditie brengt mee, dat er in onze gereformeerde gemeenten weer een inzameling staat gehouden te worden voor onze fondsen.
Wie dit ook met belangstelling tegemoet zien zijn niet alleen de bestuursleden van onzen Bond, niet minder geldt dit van onze vrienden in heel het land.
Wij vertrouwen, dat evenals in vorige jaren de broeders kerkeraden, hierbij hunne medewerking ons willen geven.
Was een vorig jaar de crisis reeds Ingeluid, en waren de verwachtingen niet al te hoog gespannen, onze verwachting werd deerlijk beschaamd, 't Stond in omgekeerde orde. Waar wij minder, veel minder verwachtten, was deze hooger dan ooit. Zoo beschaamd te worden is nog zoo kwaad niet. Dan valt de mensch er geheel buiten, dan zien wij dat er nog een hoogere Hand is, die alles leidt en bestiert.
Vandaar ook dat wij nu reeds zonder er op verdacht te zijn, werden herinnerd aan wat de Heere ook nu weer in ons en voor ons wil doen.
Met vol vertrouwen op Zijn hulp en bijstand zien wij de komende weken tegemoet.
Vandaar ook, dat wij u het overzicht van deze week voorleggen.
1. Het eerste wat te vermelden is, had het sluitsteentje kunnen vormen van de vorige week. 'k Dacht zóó, wanneer ik het even vast houd ben ik er zeker van een goed begin te hebben voor de volgende verantwoording.
Het was een collecte gehouden te Hoornaar, waarbij ds. Rijnsburger van Oud-Beijerland voorging. Deze bedroeg niet minder dan ƒ38.09
'k Dank de vrienden voor hun bereidwilligheid in dezen. Godes zegen ruste rijkelijk op alles.
2. De tweede post was een der meest vruchtbare busjes, welke er van onzen Bond in omloop zijn. 'k Geloof niet dat er een is tusschen de vele, waarin zoo menigvuldige en zulke rijke bijdragen door de gleuf glijden als hier. En wat bovenal moet worden opgemerkt, dat dit busje maar niet zoo te hooi en te gras wordt geledigd, neen, altijd prompt op tijd. ledere drie maanden levert dit op meer dan 25 gulden, 't Was nu ook weer „ 29.44
't Is mogelijk, dat ge uit nieuwsgierigheid niet alleen, maar nog meer uit belangstelling nu vragen wilt bij wie dit busje staat. Nu dat doe ik gaarne. De gelukkige bezitster daarvan is mej. Cor Qualm te Hazerswoude.
Zij zal onzen grooten dank wel eerlijk willen verdeelen tusschen onze vele en warme vrienden aldaar.
Wij dachten bij het neerschrijven van deze dankbetuiging aan het spreekwoord „oude liefde roest niet". Onze vriendschap dateert al van meer dan 25 jaar geleden, en wordt voortdurend nog aangewakkerd. De God van velerlei genade wijke van u niet. Zijt Hem bevolen.
3. Nog een busje uit deze zelfde omgeving werd van zijn inhoud ontledigd. Onze vriend J. v. Klaveren te Leiden blijft weinig ten achter, 't Is nog maar een betrekkelijk korten tijd geleden, dat hij ook bij mij met dezelfde boodschap aanklopte, 't Was nu al weer zestien gulden. „ 16.—
Dat zulk een resultaat bereikt wordt mag voor een goed deel zeker worden toegeschreven aan den ijver in deze van onzen vriend, die het busje aan onze vrienden te Leiden presenteert. Toch wil ik niet uit het oog verliezen, dat hij in dezen veel steun van de broederen ondervindt. Wij danken beiden voor al deze blijken van medeleven.
4. Uit Vlaardingen kreeg ik deze keer een tweetal posten ter verantwoording, n.l. een gift vooraf van. de fam. B. van tweemaal één gulden „ 2.
De andere gift meld ik aanstonds, 't Was" voor mij een zwaluw, die mij de komst van den zomer aanzei. Mijn gezicht klaarde bij het binnenkomen van dezen postwissel al op. 'k Dank de vrienden zeer hartelijk.
5. Dat wij in onze naaste omgeving veel blijken van medeleven ontvangen stemt ons tot dank aan God. 't Doet ons altijd weer recht goed dit te merken. Zoo hebben wij hier een vriend wonen, die vanwege de bezoekende hand des Heeren aan zijn kamer gebonden is. Hij komt er nooit af, doch wie meent dat dit hem zou hinderen in zijn medeleven met de zaak des Heeren, vergist zich. Van tijd tot tijd gh^eert hij aan mij zijn geregelde bijdrage.
't Was nu weer ,, 5.
'k Hoop hem persoonlijk dank te zeggen. Op zijn eenzamen weg verblijde de Heere hem met Zijn rijke vertroostingen.
6. Ds. Enkelaar te Hasselt laat ook telkens iets van zich hooren. Zoo ook nu. Hij zond ons 5 gld.. van N.N. voor het Studiefonds. „ 5._
Onze hartelijke dank.
7. Ds. Holland te Putten zond mij een gulden, door hem ontvangen voor den Gereformeerden Bond van N.N. „ l.—
8. Evenzoo zond ons ds. Westra Hoekzema, thans te Scherpenzeel, uit de collecte, waarbij aangeteekend was : „uit dankbaarheid, dat wij een Gereformeerden Dominee hebben gekregen". „ 2.50
9. Door ds. De Bruin te Rotterdam kreeg ik voor het Studiefonds van den heer S. „ 1.25
10. Door ds. Remme te Amsterdam kreeg ik voor hetzelfde doel van R. „ 10.—
11. De kerkeraad van Reeuwijk zond me als aldaar in de collectezak gevonden voor het Studiefonds 5 gld. „ 5.—
12. Voor hetzelfde doel was gecollecteerd te Mastenbroek, met andere giften, „ 10.— Voor al deze giften betuig ik mijn oprechten dank.
13. Thans komen weer een paar busjes zich melden. Het eerste kwam uit Maassluis van de fam. Langeveld. De inhoud bedroeg hier „ 3.35
14. Onze trouwe vriend C. Bardelmeijer te Zegveld heeft de maandelijksche inhoud ons weer overgemaakt. Dit keer was het „ 1.56
Wij danken onze vrienden wel voor hun gedurige zorg voor onze studeerende jonge menschen.
15. De kerkelijke ontvanger van de Gem. Hoornaar zond ons aan contributies „ 5.—
Wij danken ook hem voor zijn bemoeienissen in dezen.
16. Ds. Vermaas te Hoogeveen zond ons naast een gulden, welke gecollecteerd was aldaar, ook 3 gld. als door hem teruggestort in onze kas. Samen „ 4.
17. Wat nu op papier wordt vastgelegd, moet eenigszlns weergeven de blijde verrassing welke de Oud-Beijerlandsche vrienden mij hebben bereid.
Ds. Rijnsburger, aan wien ik gevraagd had de contributies voor mij te laten innen, had zich niet alleen hiervan gekweten — hij zond mij de ronde som van 25 gld. — doch hierbij zou het dezen keer niet blijven. Men had ook een collecte voor onze fondsen willen houden. Hierbij was gecollecteerd in de kerk in het Dorp, doch ook aan den Zinkweg. Ging bij den eerstgenoemden dienst voor ds. Vollebregt, van Hoornaar, in den laatsten de godsdienstonderwijzer Van der Linden. De gezamenlijke collecte bedroeg de prachtsom van meer dan honderd gulden, n.l. ƒ 100.50. Met de contributies mee kon alzoo worden afgedragen, 125.50
De gemeente van Oud-Beijerland heeft ons nooit beschaamd. Wij blijven vertrouwen dat ook in de toekomst ons hun stevige steun zal blijven geworden. Intusschen onze warme dank. Gods zegen ruste op onzen gemeenschappelijken arbeid.
18. Nu volgen nog enkele posten, waaruit u duidelijk zal kunnen worden hoe ik tot mijn inleidend woord kwam.
Van een onzer vriendinnen kreeg ik enkele giften. Zij zelve heet N.N. Tusschen deze giften bevond zich een rijksdaalder voor de Paaschcollecte. Zij schreef er dit bij : „als ik de eerste ben, hoop ik en bid ik, dat God deze gift zegenen wil en u een rijke Paascheollecte mag ontvangen". Dit was de eerste zwaluw, welke over mijn tuintje vloog. Er ruischte muziek in haar vleugelslag.
Naast deze eersteling voor .de Paaschcollecte legde zij nog 2 rijksdaalders voor de fondsen. Samen ^^ 7.50
19. Wonderlijk zijn de gangen, welke de Heere richt. Nauwelijks had ik de eerste rijksdaalder in ontvangst genomen of daar kwam een heele vlucht van dezelfde soort. Een heele troep zwaluwen zetten zich neer op de lijn over mijn tuintje gespannen. Zij kwamen — in hun vlucht werd dit gemeld — heel ver weg. In het hooge Noorden waren zij losgelaten.
Ds. Luteijn te Onstwedde schreef me, dat men op 3 Maart aldaar een vervroegde Paaschecollecte had gehouden. Deze bedroeg de kolossale som van „ 136.66
Nu, had ik ongelyk, toen de gedachte, bij het lezen van dit bijschrift, bij mij opkwam: die eerste zwaluw moge geen zomer maken, zij heeft me wél den zomer aangekondigd.
Zulke boodschappers brengen over goede tijding. Zij hebben mijn hart blijde gestemd en de hope is weer levendig geworden op een goede Paschen.
Wij zijn de vriendin, die onze dank reeds ontving, en de vrienden, die wij bij dezen onzen hartelijken dank weten, ten zeerste verplicht door déze warme blijken van meeleven.
20. Met dezelfde post kwam van ds. Heijer van Vlaardingen voor ons de verrassende mededeeling, dat op zijn voorstel op Zondag 3 Maart aldaar een collecte was gehouden voor ons Studiefonds. Ds. de Bruin van Rotterdam was daarbij voorgegaan. Deze collecte had niet minder bedragen dan ƒ 90.15, terwijl op dien zelfden dag in de collectezak te Vlaardinger-Ambacht ook nog een gift van ƒ 2.50 was gegeven. Alzoo tezamen „92.65
Dat deze collecte zoo ongedacht ons gewerd, deed bij ons de maat overloopen. Wij danken ds. Heijer en de Vlaardingsche vrienden recht hartelijk voor deze trouwe hulp.
21. De penningmeester van de Afdeeling Haarlem zond me ook een collecte, welke aldaar gehouden was bij een spreekbeurt, geleid door ds. Luteijn van Nijkerk. Zij bedroeg weliswaar iets minder, doch ook de kring alhier maakt niet zoo'n wijden cirkel als in Vlaardingen. Wij brengen ook hier onze vriendelijke dank. Zij bedroeg „ 17.50
22. Kwam vanuit het Noorden een goede tijding, het Zuiden bleef ook niet achter. Van onzen vriend ds. Kraaij te St. Annaland kreeg ik een gift, aldaar in de collecte gevonden voor het Studiefonds, van „10.—
23. Ons sluitsteentje kwam voor deze week uit de gemeente van Gorinchem. Ook hier hebben wij nog altijd warm meelevende vrienden, die voor onzen arbeid veel gevoelen. Ook nu bleek me dit weer zoo duidelijk. , Tenminste zoo werd het door mij aangevoeld, dat men door het zenden van een gift als 't ware uitdrukking zocht te geven aan den wensch van meerderen, om steun te bieden aan den arbeid, door ons gedaan in het midden van onze Ned. Hervormde Kerk. Onder letters A. C. mocht ik boeken een gift van dertig gulden. „30.—
'k Ben ook hier dus gesterkt geworden en zeg allerhartelijkst dank. Tezaamen geteld kom ik tot de prachtsom van
ƒ 558.99
Is dit niet moedgevend ? Geve ons de Heere er Zijn hand in op te merken.
Utrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1935
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1935
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's