De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

6 minuten leestijd

DE POLITIEKE KANT.
De beraadslagingen, die naar te wachten staat, in de volgende maand in de Tweede Kamer over het groote bezuinigings-ontwerp zullen gehouden worden, beloven hoogst belangrijk te worden.
De aanwijzingen daarvoor vinden wij, behalve in het Voorloopig Verslag betreffende bovengenoemd wetsontwerp, uit welk verslag in het vorig nummer van ons blad reeds het een en ander werd opgemerkt, ook in de verschillende bladen en tijdschriften, die over de bezuinigings-voorstellen van het Kabinet, met wat daarmede samenhangt, hun oordeel hebben gegeven.
Vooral zal in het geding komen de politieke zijde van het bezuinigings-vraagstuk, en wel met name de vraag, die door de voorstanders van constructieve welvaartspolitiek in tegenstelling van de aanpassingspolitiek van het Kabinet gesteld wordt, of de economische-en financieele politiek van het Kabinet er toe leiden kan om het bedrijfsleven uit de benarde positie, waarin het tengevolge van de crisis verkeert, en dat tot zoo groote werkloosheid leidt, op te beuren.
Het antwoord, dat de tegenstanders der regeeringspolitiek op de genoemde vraag geven, is dat het Kabinet de taak, waarvoor het gesteld is, van den verkeerden kant aanpakt.
De Regeering houdt naar dit zeggen zich meer bezig met de staatshuishouding dan met de volkshuishouding. En het is juist die volkshuishouding, die primair is, en die weer tot bloei, althans tot opleving moet gebracht worden.
Zoo spoedig nu de volkshuishouding opnieuw normaal zal functioneeren, zal — zoo zegt men — het ook met de staatshuishouding wil in orde komen.
Zij, die aldus redeneeren en de zaak zoo eenvoudig stellen, zien intusschen voorbij, dat de staatshuishouding uit de volkshuishouding moet leven en niet omgekeerd, d. w.z., dat, wat de staatshuishouding voor de vervulling van haar taak behoeft, uit de inkomsten van de volkshuishouding moet komen
En om nu de kosten der staatshuishouding tot het strikt noodzakelijke te beperken en dus de volkshuishouding zoo min mogelijk te belasten, is de regeeringspolitiek er in de allereerste plaats op gericht de staatshuishouding in te krimpen en de staatsuitgaven tot het allernoodzakelijkste te beperken.
In den gedachtengang van de Regeering is dus de volkshuishouding niet primair, maar wel de Staatshuishouding.
Ziedaar het geschil.
De Regeering is van oordeel — en terecht — dat wanneer de begrooting eenmaal in evenwicht is gebracht, met kracht kan gestreefd worden — om voor zoover dit met de crisismoeilijkheden mogelijk is — de volkshuishouding in een gunstiger positie te brengen.
Welke partijen verzetten zich nu tegen het Regeeringsbeleid ?
Allereerst zijn het de Marxistische fracties, de Communisten en de Sociaal Democraten, maar ook zijn in het Voorloopig Verslag op het bezuinigings-ontwerp paragrafen aan te wijzen, waarin de politiek van het Kabinet wordt bestreden en die blijkbaar van Roomsch Katholieke herkomst zijn.
Dat dit laatste juist is, blijkt uit een deel der Roomsch Katholieke pers.
Zoo b.v. De Tijd, die met een zekere minachting jegens het werk van het Kabinet spreekt van de „regeeringspers", die er toch niet in zal slagen de positie van het Kabinet te verbeteren, door „den indruk te verzachten, welke het in sommige gedeelten zeer forsche Kamerstuk zal maken op de publieke opinie".
Hoeveel Roomsch Katholieke Kamerleden bij de behandeling van het bezuinigings-ontwerp achter De Tijd zullen staan, is niet bekend, doch dat een gezaghebbend Roomsch Katholiek orgaan bezwaren maakt tegen het Kabinet, die bedoelen zijn positie te ondergraven, is van zeer ernstigen aard.
Daarom is de vraag op haar plaats : Welken kant wil men bij de Roomsch Katholieken uit ?
De Sociaal Democraten dringen zooveel mogelijk op de Roomsch Katholieken aan, ten einde 4 tot een Rood-Roomsch regeeringsbloc te geraken. Wij vertrouwen, dat althans de meerderheid van de Roomsch Katholieke Kamerleden zich tegen de nieuwe combinatie zullen verzetten.

VOORUITZICHTEN.
Professor A. C. Josephus Jitta gaf dezer dagen in De Groene Amsterdammer zijn meening te kennen over wat gebeuren zal, wanneer de Tweede Kamer het bezuiniglngs-ontwerp mocht verwerpen. Zou dit plaats hebben, dan krijgt men, al dan niet via Kamerontbinding, een ontslag van het Kabinet Colijn.
De Professor vraagt nu : »Hoe denkt men dat Kabinet te vervangen* ?
Daarop volgt dit antwoord :
Er laten zich in theorie drie oplossingen denken. Een nieuw nationaal kabinet, waaraan ditmaal ook de socialisten zouden medewerken. Een kabinet, dat voornamelijk zou worden gevormd door Katholieken en Sociaal Democraten. Een zakenkabinet, waaronder ik versta een kabinet, dat voor het grootste deel niet bestaat uit politici.
Die eerste oplossing acht ik in deze omstandigheden niet te verwezenlijken. Wanneer de socialisten zouden toetreden — en dat is natuurlijk slechts denkbaar onder bepaalde voorwaarden — zullen onvermijdelijk vertegenwoordigers van andere partijen uittreden. Zoodat deze oplossing toch zou neerkomen op de tweede oplossing : een kabinet, dat voornamelijk zou bestaan uit Roomsch Katholieken en sociaal-democraten.
Het befaamde kabinet Aalberse—Albarda zou reeds vóór de formatie op tal van onoplosbare moeilijkheden stuiten. Het zou veel moeten beloven, dat stellig niet voor verwezenlijking vatbaar is. Het zou groote teleurstellingen wekken en den weg banen voor het fascisme.
Men vergete niet, dat schering en inslag is van bijna alle artikelen in de socialistische dagbladpers, in de propagandageschriften en de redevoeringen van de aanhangers van die partij, dat het kabinet-Colijn slechts afbreekt, dat het geen opbouwende politiek voert, dat het niet „ordent", zooals de nieuwe terminologie luidt, dat daarentegen de socialisten wel kunnen opbouwen, zonder af te breken.
Een plan van „ordening" of een plan van „arbeid" zou het voornaamste programpunt zijn van de combinatie Aalberse—Albarda. Dat is echter gemakkelijker te beloven, gemakkelijker , als oppositie te eischen, dan als regeering door te voeren.
Het is dringend noodzakelijk, dat de regeering tegenover de critiek van dezen aard, die stellig bij de behandeling van 't Bezuinigingsontwerp aan de orde zal komen, in duidelijke termen en met sprekende cijfers zal aangeven, wat zij reeds aan steun voor de werkloozen en de bedrijven en aan ordening heeft tot stand gebracht. Zonder te overdrijven, zal de heer Colijn den heer Aalberse voor de voeten kunnen werpen, dat zijn kabinet in de twee jaren, dat het aan het bewind is, zeker tien keer zooveel heeft „geordend" als geschied is in de acht jaren, waarin de heer Aalberse van een regeering deel heeft uitgemaakt.
Aldus handelende, zal het kabinet-Colijn nog vóórdat 't te laat is, aannemelijk kunnen maken, dat een kabinet op een breedere of een op een andere basis, tot nog grootere teleurstellingen zal moeten leiden.
De eenige consequentie van de verwerping van het Bezuinigingsontwerp en den val van het kabinet-Colijn zou dus zijn : een zakenkabinet. Dat perspectief kan voor politici slechts zeer weinig aantrekkelijkheid bieden. Zulk een kabinet zou zich weinig gelegen laten liggen aan de wenschen van de Tweede Kamer en de kans, dat een meerderheid in de Kamer, die het ten val zou brengen, de basis zou opleveren voor een nieuwe parlementaire regeering, zou zeer gering zijn.
Wie zich rekenschap geeft van deze afschrikwekkende perspectieven, komt tot de conclusie, dat de kansen van het Bezuinigingsontwerp er gunstiger voorstaan dan de naïeve lezer van het Voorloopig Verslag vermoedelijk zal onderstellen«.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 1935

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 juni 1935

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's