GRETSKE „DE FREULE"
EEN LEVENSTRAGEDIE
Teruggekeerd tot het kamertje was de situatie daar vrij wat veranderd. Gehuurde vrouwen deelden koffie en koek rond en presenteerden de heeren een sigaar. Weldra kwamen de tongen los. Eerst nog even over de overledene, waarbij de buurvrouwen nog éénmaal gingen verklaren dat zij zooveel van haar hielden, en dat Gretske zoo'n beste vrouw was geweest, met zoo'n goed hart, en toen over alles en nog wat. Men zou niet zeggen, op eene begrafenis te zijn. Maar daarvoor waren er dan ook niet, die over haar heengaan treurden omdat zij veel verloren hadden. Wel waren er, die nog op iets hoopten.
Boer Grondsma was de eerste, die met zijne vrouw opstond : om heen te gaan, en toen wisten de anderen wel dat het óók hun tijd werd. Oude Ka had anders nog wel een poosje willen blijven, want die koffie smaakte best en de koek was ook nog niet geheel op, maar het ging óók niet om onbeleefd te zijn. Daarom kregen de bedienende vrouwen van haar elk ook een dubbeltje, waar Trui en de Scheele niet eens aan dachten om het te doen. Maar zij hield er niet van om krenterig te wezen, en een mensch moest zijn fatsoen ten minste op eene begrafenis weten te behouden.
Ten slotte bleef de armmeester met de paar verwanten achter. Thans was voor deze het gewichtig oogenblik gekomen. Met nieuwsgierige blikken werd hij, vol verwachting, aangekeken. „Namens armvoogden kan ik meedeelen, dat de inboedel hier, het eigendom van de erfgenamen kan worden", — zei hij. Daarop gingen de blikken der beide nieuwsgierigen in het rond.
„Is er dan geen geld aanwezig ? " — waagde één van hen te vragen. Maar toen volgde de tijding dat Gretske een paar dagen van te voren aan hare overige bezittingen eene bestemming gegeven had, waarover de dokter of de dominé desverlangd hen wel nader kon inlichten.
„Dus in het geheel geen centen ? " — vroeg de ander teleurgesteld. Waarop hem gevraagd werd of men dan misschien daarom gekomen was, en tevens gezegd, dat men nog dankbaar mocht zijn voor deze schikking, te meer waar men zich in haar leven niet om de overledene had bekommerd. Nu, dit laatste was waar, en met de gedachte dan toch niet geheel te vergeefs de reis voor deze begrafenis te hebben ondernomen, ging men goedsmoeds den terugweg weer ondernemen.
En het was weer op een avond. In den pastorietuin zat dominé met den dokter en boer Grondsma. Als gewoonlijk gingen de gesprekken eerst over alles en nog wat, tot eindelijk het doel van de bijeenkomst aan de beurt kwam. 't Ging over de nalatenschap van Gretske. Nadat men van bevoegde zijde de verzekering gekregen had, volgens den wil van den overledene met het geschonken bedrag te kunnen handelen, was het de vraag, op welke wijze dit kapitaaltje nu het meest productief te maken was. Allereerst deed dokter de mededeeling dat door iemand die onbekend wenschte te blijven het tweede duizendtal was volgestort, en kwam hij vervolgens met het voorstel de te kweeken rente te besteden voor degenen die daarvoor in aanmerking kwamen. Gelukkig was het getal arme weezen lang niet meer zoo groot als vroeger, dank, volgens hem de betere hygiëne, maar toch bleven er altijd gevallen, waarin alleen langs den weg der barmhartigheid kon worden geholpen. Wellicht dat in de toekomst het kapitaal kon worden vermeerderd, en daardoor de steunverleening uitgebreid. Evenwel waren dit dingen voor later. Hoewel zij het zeker niet gewild zou hebben, oordeelde men eenstemmig dat de naam van Gretske aan deze liefdadigheid moest verbonden blijven en tevens hare geschiedenis voor het nageslacht bewaard. Voor dit laatste zou dominé zorgen.
Lang werd nog gesproken over deze eenvoudige vrouw en welk een stille kracht er van haar leven uitging. Eerst nu zij er niet meer was, werd zij door velen gemist, omdat men op haar rekenen kon. Zelfs manke Trui had kort geleden den dokter nog verklaard, dat Lombok niet meer was als voorheen toen Gretske daar woonde, en men er altijd maar zeker van zijn kon geholpen te zullen worden als daaraan behoefte bestond.
Oude Ka zat nu dagelijks in de leunstoel van Gretske. Niet doordat haar deze gratis geschonken werd, — de erfgenamen oordeelden dat dit er niet af kon en langs dien weg niet veel van de erfenis zou overblijven — maar omdat zij deze op den boeldag voor acht stuivers gekocht had.
Daar was bij die gelegenheid één ding flink op prijs gekomen, namelijk de kanarie. „Die wil ik hebben als aandenken aan Gretske, " had vrouw Grondsma gezegd en zoo kwam het dat zij deze duur betalen moest. Maar daarvoor had zij dan ook de voldoening, het eenigste levende wezen, waaraan Gretske bizonder zich verbonden gevoelde, te kunnen verzorgen. Eerst was het diertje blijkbaar onwennig in de groote ruime kamer, waar het te midden van allerlei fraaiigheden een plaats kreeg, tot het aan deze omgeving gewoon raakte en uit dankbaarheid zijn vroolijke deuntjes begon te zingen, evenals voorheen, wanneer Gretske met de korven thuis kwam, en aan „Piet" hare groeten of een klontje suiker bracht.
Wat evenwel velen nog het meest verwonderde, het was, dat enkele weken na baar heengaan, een fraaie zerk op het graf van Gretske geplaatst werd, al weer in opdracht van een onbekende, op welke, benevens haar naam met geboorte-en sterfdatum, deze woorden gebeiteld stonden:
„DE GEDACHTENIS DEZER RECHTVAARDIGE ZAL IN ZEGENING ZIJN".
Wie dat gedaan mocht hebben ? De dominé wist er niet van, en boer Grondsma wist er niet van en de armmeester ook niet, — zou dokter.... Maar die kon immers geen cent missen en was zoo gierig als de beste.
Doch er waren ook, die wel béter wisten. Alleen, hij liep er zoo niet mee te koop. En was wat eigenaardig, — zeiden de menschen.
Ja, wél eigenaardig. Evenals Gretske „de freule" eens was.
EINDE.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 november 1935
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 november 1935
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's