De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

RONDOM DE LEESTAFEL

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

RONDOM DE LEESTAFEL

9 minuten leestijd

HET EIGEN KARAKTER DER CHRISTE­LIJKE SCHOOL, door A. Janse. Uitgave : J. H. Kok, Kampen.
De heer Janse, hoofd der christelijke school te Biggekerke, is een filosoof onder de schoolmeesters. Wielemaker, z'n voorganger, was een zeer bijzonder man in de onderwijswereld. Janse ook; ook al is het weer een héél andere figuur dan wijlen de heer Wielemaker. Er ligt nu een boek voor ons, dat we van groote beteekenis achten, vooral nu. Want de Heere heeft ons in het Christelijk onderwijs zéér gezegend. Die de geschiedenis van de laatste 75 jaar nog weer eens napluist, zooals wij dat pas nog gedaan hebben, moet erkennen, dat de God des Verbonds trouwe houdt en Zijn gena niet vergeet. Zijn barmhartigheden snijdt Hij in gramschap niet af, maar vernieuwt ze gedurig. Nu hebben we echter onze Scholen met den Bijbel, met het eigensoortig onderwijs dat daar moet gegeven worden, juist omdat het naar den Woorde Gods, naar de beginselen der Waarheid, ons van den Heere geopenbaard, niet gekregen, om er verder niet ons hart op te zetten en niet al onze krachten in te spannen er paedagogisch van te maken wat er van gemaakt moet worden. We moeten staan naar het hoogste en het beste op dit terrein. En vooral kind en onderwijs, opvoeding en onderricht, zien en blijven zien bij het licht van Boven, om meer en meer in de wijsheid Gods te mogen worden ingeleid, in betrekking tot het Schoolonderwljs. De heer Janse wil ons hierbij dienen met zijn ervaring en raad. En de onderwijzers zullen goed doen dit boek ter hand te nemen. Maar niet alleen de onderwijzers. Ook de predikanten, ook de ouders, die deze dingen verstaan kunnen. Wij hopen, dat dit boek in zéér vele handen zal komen en voor hoofd en hart, ook voor de practijk van ons schoolleven, een rijken zegen mag achterlaten.

DE KERK IN DE BRANDING.
Bij uitgeverij G. F. Callenbach te Nijkerk heeft een groot opgezet werk het licht gezien, over het conflict tusschen Kerk en Staat, toegelicht naar aanleiding van actueele toestanden in verschillende landen. Medewerkers aan dit in velerlei opzichten belangrijk boek zijn : mr. W. Stufkenis, oud-secretaris van de N.C.S.V.; prof. S. Frank, uitgeweken Russisch predikant te Berlijn; prof. Bohatec, uit Weenen, bekend door zijn Calvijnistudies; dT. Lic. Spöerri uit Aarau, schrijver van „G-oden van deze tijd"); M. A. Sibille, uit Rome, fascist, secretaris der Joung Men Christian Association; Paul Counord uit AIM, vooraanstaand Fransch predikant; prof. Sykes uit Londen, bekend kerkhistoricus ; prof. mr. P. Scholten uit Amsterdam, voorzitter van het Nederl. Bijbelgenootschap en dr. N. A. C. Slotemaker de Bruïne, zendingsconsul te Batavia. Dr. M. C. Slotemaker de Bruine, d'e onlangs benoemde rector aan de Zendingshoogeschool in Nederlandsch Indië, heeft voor „De Kerk in de Branding" een samenvattend voorwoord geschreven.

NAAR HET LAND VAN JEZUS, door A. G. Barkey Wolf. Rijk geïllustreerd door Mia van Oostveen. Uitgave: W. ten Have, Amsterdam.
Heilige Land trekt altijd. En die er zelf niet geweest zijn, nemen graag een boek ter hand, waarin geschreven staat van dat wondere land, het land, waar eens de Heiland Zelf woonde en werkte. Zoo hebben wij indertijd met wonderveel genoegen gelezen de zeer bijzondere reisbeschrijving van dr. B. Wielenga. Maar zoo verblijden we er ons ook over, dat de zeer interessante artikelen van ds. Barkey Wolf, indertijd geschreven voor „De Standaard", nu gebundeld zijn en tot één geheel zijn verwerkt. Barkey Wolf schrijft heel mooi. V/e hebben dat vroeger al meer dan ééns kunnen merken. Dit boek draagt hetzelfde stempel. Het is weer heel iets anders, dan de andere reisverhalen. En waarlijk niet de minste in de rij. Als men het neemt voor wat het zijn wil : indrukken, die bij den Christen opkomen als men de reis maakt naar en de voeten zet in „het land. van Jezus". Wetenschappelijk noch volledig is het. Het is, zooals het onder de eerste indrukken geschreven werd. Daarom leest het ook zoo vlot. Tal van bijzonderheden kunnen dienen om ons het lezen en verstaan der Heilige Schrift duidelijker en gemakkelijker te maken. En daarom moet het ten slotte gaan, dat we onzen Bijbel meer en beter leeren verstaan ; dat de heilige geschiedenis ons duidelijker voor den geest kome te staan ! De aardige penteekeningen maken het boek nog aantrekkelijker.

„DE WANDELAAR".
Verschenen is bij den uitgever A. G. Schoonderbeek te Laren de November-aflevering van „De Wandelaar", maandblad, gewijd aan natuurstudie, buitenleven en toerisme.
Dirk Kerst Koopmans onthult de schoonheid van een stukje Friesch landschap. Frans Makkink geeft een boeiende uiteenzetting van het werk, dat door het vogeltrekstation op Texel wordt verricht en A. J. de Boer vraagt opnieuw aandacht voor een tweetal merkwaardige! planten : de wilde aronskelk en de pijpbloem enz.
Tenslotte vermelden wij nog een artikel van Practicus over de kamerplanten in November. Ook ditmaal is er weer een uitvoeirige Rubriek van en voor de lezers (natuurhistorisch allerlei). Zooals steeds wordt de aflevering gekenmerkt door het groote aantal illustraties, die bovendien weer op hoog peil staan.

KERSTBOEKJES. Uitgave J. M. Bredée, Rotterdam.
De firma Bredée is nooit de laatste die ons; haar Kerstuitgaven toezendt, 't geen we zéér waardeeren. Rijke verscheidenheid van belooningskaartjes, prentbriefkaarten voor de Feestdagen, enz. Ook een tekstboekje met een 40-tal liederen uit „Laudamus" van mej. Van Woensel Kooy. Benevens Kerstliturgie van Roel Houwink. Nu is het ons 't meest te doen om de bekende Kerstboekjes. De Catalogusi zegt: „Onze Kerstboekjes hebben wij ingedeeld in twaalf rubrieken van verschillende prijzen ; boekjes van 8 en 10 cent zijn verlaagd tot 5 cent; van 15 cent naar 8 cent, enz. Dat is dus een enorm. 770ordeel voor onze Zondagsschoolbesturen, die ook wel zullen moeten zeggen : „wij zijn verlaagd van 10 cent naar 5 cent enz.!' De firma Bredée heeft een goed werk gedaan met deze belangrijke prijsverlaguiig en 't is fijn, dat ook de nieuwe uitgaven in prijs zijn verlaagd. Daaronder behoort een groot mooi boek „Stugkop" van mevr. Menkens—v. d. Spiegel, de „Vremannetjes" van mevr. Broos—Kolppers en „Niet in onze handen" van Adri van Witzenburg. Om met dat laatste boekje, dat handelt over woonwagenbewoners, te beginnen: wat is dat aardig geschreven en wat leest dat prettig. Ook de „Vremannetjes" is een mooi verhaal, dat in een Kerstvacantie speelt, 't Gaat over de .kinderen Tan het echtpaar Vreman. „Stugkop" is een jongensboek, handelend over Hans en Werner van de wed. Braun, die een stug karakter hebben. Het is een ernstig, aangrijpend verhaal. En dan „Hein Konijn", óok een jongensboek, dat uitloopt op het sterven van Hein, den dierenvriend, die bij het redden van een schaap, dat door 't ijs gezakt is. kou vat en sterft. „Zoo'n fijne dag" vertelt van Tommie, die buiten logeert, in de duinen verdwaalt en daar gevonden wordt, wat de vriendschap met een paar jongens in 't leven roept, waarbij een „fijne dag" beschreven wordt. Dit boekje is bekroond en leest heel prettig. Dan is er nog „Jaapje" van N. Faber—Meijnen, dat voor de kleinste kinderen bestemd is. 't Vertelt ietwat wonderlijk van Jaapje en den verjaardag van zijn moeder. Naast deze boekjes denken we b.v. aan „Bart in de bioscoop" door Dina, „Alleen op de wateren" van A. J. Hoogenbirk (4de druk), op welke twee boekjes wij gaarne de aandacht vestigen. Ook „Voerman Petersen" lazen we met veel instemming, en niet te vergeten „In de prairie" van A. V. Atten. Wat zullen onze jongens deze boekjes met smaak lezen.
De boekjes zijn alle keurig uitgegeven, met rijk gekleurde, geïllustreerde omslag, goed papier, duidelijke letter en mooie plaatjes. En — voor weinig geld.!

LAAT UW LICHT SCHIJNEN, naar C. H. Spurgeon, door A. G. Barkey Wolf. Uitgave J. N. Voorhoeve, Den Haag.
Dit boekje is een uittreksel van college-toespraken van Spurgeon, voor zijn studenten gehouden, 't Zit zóó : Spurgeon hield zelf veel van gelijkenissen, beelden, geschiedenis en bij zijn preeken en wekte zijn studenten ook altijd op om levendig te zijn in voorstelling en uitbeelding der dingen, die een dienaar des Woords te zeggen en te brengen heeft. Hij beriep zich daarbij op het voorbeeld van .den Heere Jezus, die bijna altijd door gelijkenissen tot het volk sprak. Eens zei hij in de collegezaal: ik zou wel kans zien om over één enkele kaars uren lang tot u te spreken. Wat de studenten een beetje apocrief vonden. Maar toen zei Spurgeon : ik zal het u bewijzen, dat ik niet overdreef. En hij hield daarna drie lezingen over kaarsen. De mooiste gedachten uit deze toespraak heeft ds. Baxkey Wolf, de biograaf van Spurgeon, in dit boekje samengebracht; en zoo is het een boekje geworden naar Spurgeon door Barkey Wolf. Wij hebben zeldien zoo'n fijn, zoo'n geestig, zoo'n veelzeggend en zoo'n mooi boekje gelezen als dit is. Alles gaat over kaarsen en alles gaat over licht; licht verspreiden, licht missen, licht dooven, licht vermeerderen. Alles gaat over het licht, Jezus Christus, en over Zijn Woord tot Zijn gemeente : Gij zijt het licht der wereld, het zout der aarde. Lichtdragers, groot en klein!
Ontelbaar zijn de fijne opmerkingen, keurige beelden, sprekende vergelijkingen. Men moet dit boekje vast en zeker lezen. Heel alleen, en heel stil. Om dan beschaamd en verrijkt verder te gaan. Licht, méér licht geve de Heere, door allen 'die Zijn Naam liefhebben en Hem wenschen te belijden voor 'de menschen. De wereld sna, kt naar dat licht. 'Geve de Heere dat licht, ook aan ons, ook dóór ons !
Een prachtig boekje. Lees het eens, allen die dit lezen.

VOX THEOLOGICA, interacademiaal theol. tijdschrift. Van Gorcum en Co., Assen.
In dit academisch tijdschrift dat z'n 7den jaargang ing-aat vinden we ditm'aal (October '35) een artikel van prof. Kohnstamm „Theologie studeeren" ; van prof. J. G. Ubbink een groot artikel (studie) over „De methode als .algemeen-menschelijke levensvorm", welk stuk zwaar is om te verstaan ; van prof. Lindeboom (Groningen) een vlot geschreven stuk over : Der Historiën Claghe, waarin hij zegt, dat de historie wat onbemind is en de belangstelling der
studeerenden meer uitgaat naar ethiek, godsdienstwijsbegeerte, dogmatiek, enz.
Wij ontvangen dit tijdschrift altijd met belangstelling en het gaat nooit ongelezen in de boekenkast waar al heel wat afleveringen naast elkaar staan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 december 1935

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

RONDOM DE LEESTAFEL

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 december 1935

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's