VRAGENBUS
Vraag: Iemand zei: in het eerste gebod van de Wet zit voor ons het Zendingsbevel. Is dat zoo ? Hoe zit dat ?
Antwoord : Die „iemand" heeft gelijk. Denk eens even na. Het eerste gebod zegt: „Ik de Heere, uw God, ben de éénige God en gij zult geen andere goden voor mijn aangezicht hebben". Overal waar Gods oogen gaan wil Hij dus geen andere, geen valsche goden zien, voor wie men buigt en op wie men z'n vertrouwen stelt. En hoe is nu de toestand onder de menschen, onder de volkeren ? In Indië, in Africa, in Amerika, ja, overal ? Is er niet overal valsche godsdienst ? Worden niet overal afgoden, die geen goden zijn, gediend, geëerd, (gevreesd ? Stelt men niet overal z'n vertrouwen op allerlei ? Zoekt men niet overal het leven, het geluk, den vrede bij de ijdele dingen ? Is dat Gode niet tot smart ? Is dat den menschen niet tot schande en tot schade, voor tijd en eeuwigheid ? Wordt zóó de Heere wel recht gekend ? Wordt zoo het eeuwige leven wel verkregen ? Immers neen ! En wat moet nu de Kerk, die het Woord heeft en den Christus belijdt, om in Hem te genieten van het eeuwig, zalig leven, doen ten opzichte van al die afgoderij, die valsche godsdiensten, onder Jood en Heiden en Mohammedaan ? De Kerk, die den eenigen, waren God kent moet de volkeren, die in de macht van de valsche goden zich bevinden het bevrijdend woord des Evangelies brengen. Predikt het Woord, predikt het Evangelie allen creaturen — heeft de Heiland gezegd. De onbekende God moet de bekende God worden onder de volkeren. De God en Vader van onzen Heere Jezus Christus moet die andere volkeren óók worden gepredikt en bekend gemaakt, opdat de volkeren mogen komen tot kennis der zaligheid.
De Kerk, die dat zelf als een dood ding acht, zal zich om de andere volkeren niet bekommeren. Elke God is dan 't zelfde ; elke godsdienst wordt gelijk geacht. Ieder moet maar in z'n eigen weg zalig worden, zegt men dan. Als de Kerk zelfgenoegzaam, stil, traag, ontrouw is, dan zwijgt ze. Dan is ze koud voor het Zendingsbevel en voor den Zendingsarbeid. Ze trekt zich van het eerste gebod niets aan. Ze leeft niet uit den éénen waren God en ze ijvert niet voor Hem in gehoorzaamheid en liefde. Maar de Kerk, die zelf iets van de groote zaligheid kent en verstaat, zal zeggen : „ik bedwing mijne lippen niet". Waar het hart vol van is, loopt de mond van over !
De Gemeente des Heeren, die geen Zendingsgemeente is, is zelfgenoegzaam, is eigenzinnig, is ontrouw, is lui, is dood of gaat dood. Want èn de liefde tot God èn de liefde tot den naaste ontbreekt.
De Kerk, die weet en gelooft, dat er maar één God is, in Wien het eeuwige leven is en die in Jezus Christus dat leven heeft geopenbaard, weet, dat andere volkeren geroepen moeten worden door het Woord. Want hoe zullen ze gelooven, als ze niet weten wat tot zaligheid is geopenbaard ? En hoe zullen ze weten, als hun de ééne, ware God niet gepredikt wordt ?
Het eerste gebod is dus tegelijk ons Zendingsbevel ! Omdat er maar één God is. Die alom gediend en gevreesd wil worden en nergens den dienst van andere goden duldt.
Zoo is het dan ook geen „liefhebberij" van de Kerk om Zendingsarbeid te verrichten. Neen, de aard en de natuur van Christus' Kerk is om Zendingskerk te zijn. De Kerk moet er maar niet zoo iets als Zendingswerk op na houden, al naar 't haar belieft om er veel of weinig of niets aan te doen. Neen, de Kerk van Christus moet er haar lust en haar leven in vinden. De Kerk van Christus is Zendingskerk, omdat zij er toe geroepen is, altijd en telkens weer. Juist ook in tijden als waarin wij nu leven. Dan kan de Kerk dat Zendingswerk maar niet een poosje uitstellen en nalaten, omdat het zoo moeilijk en bezwarend is Zendingsarbeid te verrichten. Neen, juist nu, nu de afval zoo groot en de ellende zoo schrikkelijk en de duisternis en de verwarring zoo vreeselijk is, nu juist wordt de Kerk van Christus geroepen en vermaand niet te vertragen en niet te zwijgen. Zij moet een licht tot verlichting en een zoutend zout zijn ; een verkondigster van goede boodschap ; om de volkeren te roepen en te brengen tot het heil des Heeren in Christus.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 1935
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 december 1935
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's