VRAGENBUS
Vraag : Waarom vinden v/e de leer der uiterkiezing bij het Gereformeerd Protestantisme eer dan in de Roomsche Kerk ?
Antwoord : Bij Rome zorgt de Kerk er wel voor wie zalig worden en „binnen komen" in den hemel. Het Gereformeerd Protestantisme belijdt: uit en door en tot God is de zaligheid". Het wordt een wonder Gods en een werk Gods. Hier is het niet: de Kerk heeft het in haar macht. Maar hier is het: „het is Gods gave". De oppenhoogheid van de Kerk (den priester) staat bij Rome de soevereiniteit Gods en Zijn eeuwig, vrijmachtig welbehagen in den weg. Bij Rome is de vraag : is het tusschen mij en de Kerk in orde ? Bij de kerk der Reformatie: was het tusschen mij en God in orde ? Dan gaat het om den weg des heils en er zaligheid, welke is in Jezus Christus. De weg van vrije genade.
Hierin stemt Rome ook weer met het heidendom overeen — in beginsel. Ieder mensch zoekt geluk en haakt naar eeuwig, duurzaam goed. De heidensche godsdiensten spreken daar óok van en heeft echter geen besef van de heiligheid Gods; noch van de algeheele zondigheid en verlorenheid van den mensch. En zoo valt bij het heidendom altijd weer de nadruk op het doen van den mensch, als het gaat over geluk en eeuwig goed, zooals ook bij alle wijsgeeren de volle aandacht valt op hetgeen de mensch doet en doen kan en doen moet. En zoo is 't nu ook bij de Roomsche Kerk. De weren des menschen staan voorop ; zoowel het zich onthouden van allerlei, als het volbrengen van allerlei komt in aanmerking. De mensch moet zelf voor z'n zaligheid zorgen ; maar hij moet het dan zoeken bij de Roomsche Kerk, daar moet hij terecht komen. Zóó wordt de tekst opgevat : „werk uws zelfs zaligheid met vreeze en beven". Vlucht tot de Kerk, valt Rome's Kerk in de armen ! Dan is men „binnen".
Zelfverlossing is altijd 't recept bij den mensch van nature. De mensch moet z'n eigen zaligmaker zijn.
Boeddha zei tot z'n leerlingen: „Wees uw eigen licht, weest uw eigen toevlucht. Neemt niet tot iets anders uw toevlucht. Zoekt niet naar een toevlucht bij iemand anders dan bij uzelf". Rome zegt: Kom bij mij. En beweert dan, dat Christus al Zijn verdiensten ten geschenke heeft; gegeven aan de Kerk van Petrus, die er over beschikt. (Sacramenten, enz; , ). Op die manier is er geen plaats voor de vraag : wie er zullen zalig worden ? En voor de vraag, of er een uitverkiezing is ?
De Roomsche Kerk zegt: die bij mij komt, die „binnen" ; die niet bij mij komt is en blijft „buiten". Of er van degenen, die bij Rome „binnen" zijn, ook nog zullen zijn, die „buiten" gesloten zullen worden, is voor Rome geen vraag.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 februari 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 februari 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's