STAAT EN MAATSCHAPPIJ
OORLOGSTOERUSTINGEN
Het is bij de beraadslagingen in de Tweede Kamer over het Defensiefonds; het fonds tot verbetering van de materieele uitrusting van landen zeemacht, wel duidelijk aan den dag gekomen, hoe tengevolge van de gewijzigde internationale verhoudingen de Rijken van Europa bezig zijn, hun oorlogstoerustingen, hier en daar zelfs met koortsachtigen ijver, te vervolmaken.
Reeds wezen wij er de vorige week op, dat in Zwitserland 85 millioen Zwitsersche francs, d.i. 42.5 millioen gulden aangevraagd en gevoteerd zijn geworden ten behoeve van de aanschaffing van nieuwe wapenen, vooral zware kanonnen, vliegtuigen en machinegeweren, terwijl kort te voren de Zwitsersche Nationale Raad een crediet van 20 millioen francs ter beschikking van den Bondsraad stelde, waarvan 15 millioen bestemd was voor uitbreiding der reserve van het oorlogsmateriaal.
In Frankrijk werd het vorig jaar een extra crediet van 800 millioen Francs, dat is bijna 100 millioen gulden voor de uitbreiding van de militaire uitrusting toegestaan. Groote bestellingen zware artillerie werden in het buitenland geplaatst. In snel tempo wordt daar te lande de reorganisatie van de luchtvloot doorgevoerd, waarbij de oude modellen door modern materiaal worden vervangen. Generaal Dénain, de minister van Luchtvaart, zeide midden 1935, dat alles in het werk zal worden gesteld om de bouw van het moderne materiaal te bevorderen. Het personeel, aldus de Minister, dat dag en nacht werkzaam is, is geheel op de hoogte van zijn taak. De generaal kondigde tevens aan, dat in ieder geval de Fransche luchtmacht gereed zal zijn, „om tot repressailles tegen een aanval over te kunnen gaan".
Engeland ziet in de nationale zelfverdediging een dwingend belang. Naar de bladen dezer dagen meldden, zal het nieuwe Engelsche toewapeningsprogram een totale som van niet minder dan 300 millioen pond, of ruim 2000 millioen gulden vorderen. Voorts stelt Engeland als noodzakelijken eisch voor de landsverdediging vast, dat het Rijk naast een krachtige vloot over minstens 1500 militaire vliegtuigen zal beschikken. Ter completeering van dit aantal vliegtuigen worden op dit oogenblik 300 nieuwe toestellen gebouwd. Engeland wenscht, zoo sprak de Minister van Luchtvaart, in de lucht geen tweede-rangs positie te accepteeren.
In België wordt de aandacht gevestigd op de positie van Belgisch-Limburg, ingeval van een onverwachten Duitschen inval in Noord-België. Het gaat hier vooral om de Nederlandsch-Belgische grens tusschen Maaseyck en Turnhout. Ongetwijfeld, zoo zegt men, kunnen het Kempischekanaal en het Albertkanaal in Belgisch-Limburg en in de provincie Antwerpen als zeer goede defensieve stellingen worden beschouwd, maar dan moeten zij ook door permanente garnizoenen kunnen worden verdedigd. Het Departement van Landsverdediging en de generale staf houden zich thans in België bezig met een hergroepeering der voor de grensbewaking aanwezige strijdkrachten. Voor dit doel werd reeds een bedrag van 50 millioen gulden — 1 milliard Belgische francs — toegestaan, uit welk bedrag o.m. de kosten gekweten worden voor de oprichting van de divisie Ardensche jagers en de aanschaffing van batterijen houwitsers voor de grenstroepen.
Duitschland is het land, dat op het oogenlblik de grootste activiteit ontwikkelt ter organisatie van zijn weermacht. Het is bovenal bezig zijn luchtwapen te vervolmaken. Naar gemeld, wordt, zal het leger in den loop van dit jaar een sterkte van 900.000 man bereiken. Ten behoeve van het vervoer van het leger heeft Duitschland de beschikking over 661.000 lichte automobielen, 12.500 autobussen en 191.000 vrachtauto's. De fabrieken werken bij onzen Oostelijken nabuur als in oorlogstoestand. De demonstraties, die het afgeloopen jaar in Neurenberg met het meest moderas geschut en met honderden lichte vechtwapens gehouden werden, waren er op ingericht een beeld te geven van de wijziging in de machtsverhouding in Europa.
Nu zijn het juist de verschuivingen in de internationale machtsverhoudingen, gevoegd bij wat kort na den wereldoorlog in de ons omringende landen plaats had, n.l. de met kracht ter hand genomen mobilisatie der legers, waardoor strategische overvallen de mobilisiatie van het leger van den tegenstander in de war kunnen sturen, die aanleiding moeten geven tot groote bezorgdheid.
Zoo worden door de oorlogstoerustingen de spanningen verhoogd en neemt het oorlogsgevaar toe. Door den bewapeningswedloop vermeerdert het gevaar voor ontlading der internationale spanningen, met het gevolg dat de kansen voor het uitbreken van een oorlog worden vergroot.
Het moge daarbij uitgesloten zijn, dat b.v. wat ons land betreft, dit zal worden aangevallen door een groote Mogendheid, zonder dat andere partijen in het geding zijn. Echter moet er mede gerekend worden, dat wij aanvankelijk geheel op eigen kracht zullen zijn aangewezen. Daarom eindigden wij ons artikel van de vorige week met de opmerking, dat met groote snelheid en met groote doortastendheid moet worden te werk gegaan om onze Weermacht aan de gewijzigde internationale machtsverhoudingen aan te passen In deze richting doet nu het Defensiefonds, dat de steun van heel ons volk moet hebben, een belangrijke stap. Een krachtig militair beleid is op dit oogenblik en in de gegeven omstandigheden beslist noodzakelijk.
Zulk beleid is van primair belang.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 februari 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 februari 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's