De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

WAT DE PERS TE LEZEN GEEFT

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

WAT DE PERS TE LEZEN GEEFT

De Verzoening

4 minuten leestijd

Dr. P. J. Kromsigt, em. predikant te Den Haag heeft in het Universiteitsgebouw te Utrecht een viertal lezingen gehouden 'Over : „De Verzoening". De eerste ging over de dogmen, de tweede over de 'historische stof.

In de derde lezing werd meer in 't bijzonder gesproken O'ver de Gereformeerde Scholastiek en de 'beteekenis van dr. H. P. Ko'hlbrugge.

Het Persverslag luidt aldus :

„Aan de dO'gmatische uiteenzetting liet spr. enkele opmerkingen voorafgaan. Wat van de Belijdenis geldt, geldt ook van de theologie, dat zij n.l. is „same'nvatting der H. Schrift", n.l. in wetenschappelijken vorm. Het moet geen scholastiek systeem worden, waarbij de rede de Schrift op allerlei manier aanvult, b.v. op de vnjze van de „bona - oonsequentia" van Maccovius. Böhl, leerling van Kohltarugge, wees terecht op de gevaren der Gereformeerde (en Luthersche) scholastiek der 17e eeuw. Kohlbrugge leert ons zoo dicht mogelijk bij de Schrift zelve te blijven. Er moeten tal van „opene" plaatsen Wijven in ons „systeem". Dit is niet een gesloten cirkel, maar een ellips met twee middelp'unten : Gods söuvereiniteit en onze veranitwo'ordelijkheid, Gods verborgen raaü^en Zijn geopenbaarden wil. „Wij kennen ten deel e". „Op den bodem van elk dogma ligt een mysterie".

Wij spreken dan eerst over den Raad des Vredes als grondslag van alles, daarna over de noodzakelijkheid der verzoening, dan over de verzoening zelve als bestaande in de lijdelijke en dadelijke gehoorzaamheid van Christus en ten slotte over de toepassing en verzoening. 'Deze stof wordt over twee lezingen verdeeld, zoodafc de laatste handelt over de dadelijke gehoorzaamheid en d'e toepassing.

De raad des vredes, waarvan de Schrift vooral in Ps. 4 en Hebr. 10 spreekt in mensohelijke taal om ons eenige voorstelling ervan te geven, is het eeuwige 'besluit der drie goddelijke Personen om verzoening voor de zonde aan te brengen. Het gaat daarbij o-m 'het herstel van Gods wet en recht, doch Gods liefde is 'de eerste, bewegende oorzaak. 'Gods liefde en genade o'penbaart zich in den weg der gerechtigheid, zo'Odat geen enkele van 'Gods deugden geschonden wordt. Wij moeten van het feit der verzoening uitgaan en dan a posteriori (niet a priori, dat ware scholastisch) trachten met d'e gegevens der Schrift daarin dieper inzicht te krijgen. Van de noodzakelijkheid der verzoening 'Spreekt de Schrift allerwegen. De wetten eens plotseling werden opgeheven. „Geschiedde dat niet, dan zou alles in een zed'eüj'ken chaos • veranderen, evenals wanneer de natuurwetten eens plotseling werden opgeheven. „Gerechtigheid en gericht zijn de vastigheid van Gods troon". (Psalm 97 : 2).

Elk modern, slap, vergoelijkend vergevingsbegrip is aan de Schrift vreemd. Vergeving is geen willekeur. Het gaat hier om de rechte verhouding van Wet en Evangelie. „Doen wij de wet ibe niet door het geloof ? Diat zij verre, maar wij bevestigen de wet" (Rom. 4 : 31), zooals Jezsus deed in de Bergreide. Daarom is verzoening, reeds gepredikt in Israels offerdienst, 'volstrekt noodzakelijk, en wel verzoening door voldoening O'f satisfactie.

Dit moet echter schrifituurlijk worden opgevat. Anselmus heeft terecht o'p de schuld der zonde nadruk gelegd evenals de hervormers (in tegenstelling met de Oostersche Kerken en de meeste nieuv/eren, die de macht op den voorgrond stellen ; de schuld gaat echter aan de mactob vooraf, zooals de rechtvaardigmaking aan de heiligmaking). Spr. bestrijdt echter den scholastieken vorm en het mechanische en uitwendig-zakelijke in Anselmus. Onze tijd (dat is een vooruitgang) denkt meer organisch en psychologisch en heeft meer his'torisch besef O'Ok dan de 16de en 17de eeuw.

Dib organische moet vooral op de leer der plaatsvervanging toegepast. Christus leed en handelde al'S Hoofd Zijner Gemeente ; die te verstaan in verband met den Raad des vredes. De theologen der 17de eeuw stonden nog teveel onder invloed, van Arisboteles en de scholastiek.

De theologie van Kohlbrugge, thans door Barth terecht m'eer naar voren gekomen, zal de traditioneel-Gereformeerde moeten aanvullen en ook op bepaalde punten corrigeeren. Wat de Christologie betreft vooral O'p twee punten : 1. het geloof van Jezus zelf (waarover oude dogmatici zelden of nooit spreken vg. Hebr. 2 : 13) ; 2. de „Kenosis-ontledingen Zijner heerlijkheid" (Filipp. 2:7).

Het eerste zal later ter sprake komen, in het tweede treedt spr. uitvoerig. 'Christus kvifam „in gelijkheid des zondigen vleesches" (Rom. 8), niet dus in den toestand van Adam voor den val, maar in onzen God afgekeerden toestand, beladen met 'onze schuld en vloe'k, zoodat zonde en duivel ook Hem hebben aangevochten en in velerlei smarten en duisternissen en verzoekingen hebben gebracht. Hoe dieper dit wordb opgevat, hoe rijker de troost. Het is, zooals Luther zei: „Christus 'heeft het onze (in al zijn omvang) aangenomen, opdat Hij ons het Zijne zou brengen.""

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 maart 1936

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

WAT DE PERS TE LEZEN GEEFT

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 maart 1936

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's