De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

UIT DE AFDEELINGEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

UIT DE AFDEELINGEN

5 minuten leestijd

Jaarvergadering van de Afdeeling Feijenoord en Omstreken van den Gereformeerden Bond, gehouden op Maandag 20 April 1936 in de Bogermanschool.
Vr. p. p. j. Monster opende deze vergadering met Schriftlezing en gebed, daar de voorzitter, de heer c. Vermaas, door ziekte verhinderd was deze avond aanwezig te zijn. Hij richt daarna een Woord van welkom tot de aanwezigen en spreekt er zijn vreugde over uit dat niettegenstaande het bjjzonder slechte weer, nog verschillenden zijn opgekomen om met elkaar een oogenblik te toe­ ven bij dezen mijlpaal in ons vereenigingsleven.
Als wij terugzien, dan moet dankbaarheid ons hart vervullen voor de vele zegeningen, welke onze Afdeeling mocht ontvangen. Zien wij vooruit, dan is er nog zooveel arbeid te verrichten, dat de uiterste krachtsinspanning van ons verlangd zal worden.
In de plaats van den voorzitter, die voor ons een inleiding zou houden over „Volharden", spreekt nu de heer Monster tot ons. Hij heeft als onderwerp gekozen : »Iets uit de geschiedenis van het ontstaan van de Nederl. Geloofsbelijdenis«.
Spreker zegt, dat krachtens de samenhang met en de afhankelijkheid van het Pransche Protestantisme, de Hervorming in ons land zich gegrond heeft op de Heilige Schrift als 't Woord van God en zoo is deze geworden tot een volksleven bezielende actie, alleen door de overheersching van het Calvinisme. De waardeering van de Heilige Schrift als onfeilbaar Woord van God, stempelde die Schrift tot levensnorm. Alle menschelijke geschriften, theorieën, levens-en wereldbeschouwingen, welke streden met dit Woord, moesten worden verworpen. De Kerk was gebouwd op het fundament van apostelen en profeten en dientengevolge regelden zich de geloofsbelijdenissen der Kerk zich daaraan van de apostolische tijden af.
De belijdenis of confessie, moest naar het oordeel der Vaderen met de grootst mogelijke nauwkeurigheid de inhoud van Gods Woord weergeven. Nooit mag de belijdenis gewaardeerd worden als een , wet des geloofs, een voorgeschreven geloof dus, dat aan de gemeente wordt opgelegd, maar ze is de uitdrukking, de vertolking van het geloofsleven der gemeente.
De Ned. Geloofsbelijdenis was onder de verzameling van geloofsbelijdenissen, door de Geref. Kerk van Geneve uitgegeven in het jaar 1581, één der meest beroemde. Ze is de geestelijke erfenis van onze Vaderen, niet alleen met inkt, maar ook met bloed onderteekend.
Guido de Brés heeft deze Geloofsbelijdenis opgesteld. Zijn moeder, een vurig Roomsch-Katholieke, hoopte in stilte, dat haar kind niet zou gaan behooren tot die vervloekte ketters. Guido de Brés heeft met groote zegen gewerkt in Rijssel, Doornick en Valenciennes. Ook de laatste plaats viel onder vervolging ; de Brés vlucht uit de stad, wordt achterhaald en zwaar geboeid in den kerker geworpen. Daar wordt hij bewerkt alles te herroepen wat hij predikte, maar hij blijft standvastig, helder en kalm. Ten slotte sterft hij aan de galg (31 Mei 1567).
In 1559 heeft de Brés de Geloofsbelijdenis ontworpen, maar daar juist in Frankrijk de belijdenis van Calvijn was uitgegeven, werd hem verzocht te wachten. Toen gaf de Brés zijn belijdenis uit in 1651 en zond ze toe aan allerlei bekende godgeleerden. Eerst werd ze in 't Fransch uitgegeven en reeds een jaar later in het Hollandsch ; wel een bewijs, dat ze in een behoefte voorzag.
Dordt 1918. Hier werd de belijdenis nauwkeurig bezien en herzien. Eerst in tegenwoordigheid der buitenlandsche afgevaardigden, daarna werd ze nog eens gelezen zonder de buitenlandsche afgevaardigden, ter vaststelling van de officieele tekst. Dat dit wei? k niet volmaakt is, spreekt vanzelf. Dit werd reeds door onze Vaderen goed aangevoeld, hetwelk blijkt uit het besluit van de Synode van Antwerpen 1566, dat zoo ooit op eenige Synode mocht blijken, dat deze belijdenis in een enkel opzicht in strijd was met den Bijbel, ze dan niet alleen kón, maar moest gewijzigd worden.
Spreker staat daarna uitgebreid stil bij de wijzigingen, welke zijn aangebracht in de artikelen 8, 13, 14 en 16 in de bekende Synode van Dordt 1618/'19. In dit verband verwijst spreker naar het boek „De Symbolische Schriften" van dr. J. J. van Toornenbergen.
Wij mogen de belijdenis dus niet anders zien als een menschelijk geschrift, (hetgeen ze zelf leert in artikel 7 : „Men mag ook geen menschengeschriften, hoe heilig ze ook zijn, gelijk stellen met de Goddelijke Schrifturen".
Na 1618/19 is de belijdenis niet meer herzien. Ze is blijven staan met haar gebreken. Spreker constateert, dat de belijdenis heel slecht meer gekend wordt. Velen noemen zich Gereformeerd, maar hebben helaas nog nimmer de belijdenis rustig gelezen en herlezen, laat staan bestudeerd. Weer anderen bestrijden de belijdenis, maar ook zij geven meermalen blijk van onkunde. Spreker wekt op tot studie, opdat wij allen mogen zien, dat de Confessie staat als een getuigenis van het geloof der Vaderen, als de grondzuil, waarop de Kerk wordt gebouwd, die men niet dan tot haar schade kan wenschen om te stooten, omdat ze bij al wat veranderd is, toch getuigt van onveranderlijke waarheden, die met de tijden niet wisselen, omdat ze zijn geput uit het Woord van God, dat blijft tot in eeuwigheid.
Na deze inleiding volgt een aangename leerzame bespreking. en leerzame bespreking.
Secretaris en penningmeester brengen na de pauze hun verslag uit. Uit beide verslagen blijkt, dat de afdeeling in het afgeloopen jaar niet stil gezeten heeft. Men hoopt met nieuwen moed verder te gaan.
De secretaris en algemeen bestuurder werden herkozen en namen beiden hun benoeming aan onder dankzeggen voor het genoten vertrouwen.
De afgevaardigden van Vlaardingen en Rotterdam, alsmede van de verschillende vereenigingen te Feijenoord brachten, hun gelukwenschen over.
Op verzoek eindigt de secretaris deze leerzame jaarvergadering met gebed.
DE SECRETARIS. Rotterdam-Zuid, Beijerlandschelaan 166b.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 april 1936

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

UIT DE AFDEELINGEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 april 1936

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's