FINANCIËN
Tusschen liefdegaven en wat van ons wordt gevorderd met sterke hand, is geen klein verschil. Worden de eerste uitgereikt met een gevoelen van blijdschap : „iets te kunnen geven", de laatste roepen een tegenovergestelde gewaarwording wakker : „Als ik er aan ontkomen kon, zou ik het zeker niet doen". Ziehier de stille verzuchting : „'k Ben blij, er nu weer voor een poosje af te zijn". Bindt het eerste tezaam, het laatste stoot af, trekt een breuke.
Zoo laat zich ook verstaan dat het mij als Penningmeester heelemaal niet onverschillig laat, met welke gewaarwordingen de onderscheidene giften, die bij mij binnen komen, worden, afgegeven, 'k Mag zonder eenige overdrijving zeggen, dat is voor mij de hoofdzaak. Als de liefde tot de zaak niet aanwezig is, is de gift op zichzelve reeds veroordeeld. En wat zich in het vervolg ook zeker zal voordoen is dit, dat het geven vanzelf ophoudt. Gever en gift kunnen niet zonder schade van elkaar worden losgedacht. Wordt een gift uit liefde geboren, zoo draagt de liefde deze ook verder. Het oog merkt op waar deze blijft en waartoe deze wordt gebruikt. Men leeft mee.
Is het u nooit opgevallen, hoe de kerken en scholen, om maar iets met name te noemen, der gescheidenen met veel minder moeite hadden te worstelen dan een oppervlakkige toeschouwer zou vermoeden ? Men had geen gedwongen offers ontvangen, maar liefdegaven verkregen, die straks door meerdere zouden worden gevolgd, 't Was hun zaak. Hun eere was er niet alleen mee gemoeid, maar de eere Gods, Die hun het Zijne had toebetrouwd om het in Zijn Naam te beheeren. Wanneer men toch van dwang hen zou betichten, zoo was dit de dwang, of liever de drang, der liefde. Aan dezen gang van zaken is de zegen Gods verbonden.
Niet het vele maakt rijk, dat hebben ons de laatste jaren wel anders geleerd, maar wat God geeft, waartoe Zijn Geest ons dringt.
Wanneer ik zoo mijn gedachten aan het papier toevertrouw, heeft de lezer, die mij volgt, reeds voor zichzelf vastgesteld, dat op de een of andere wijze mijn gevoelens in deze richting werden geleid, 'k Zal het antwoord hierop niet al te lang vasthouden.
Onder de verschillende posten schuilen er niet weinige, waarbij de gewaarwording bij mij oprees : „dit is met recht een liefdegift". Liefde tot de zaak, lust om mee te werken aan de uitbreiding van Gods Koninkrijk. Dat dit mij blijde stemt, behoeft geen nader betoog, 't Spreekt van zelf, dat het mij lang niet onverschillig is of er veel of weinig inkomt, of de lijst lang of kort zal zijn; maar echt blijde word ik gestemd, als ik in stilte de opmerking maak „deze is door liefde gedragen en met liefde omzoomd". 'kZal nu met mijn overzicht maar niet wachten.
1. De eerste liefdegave werd mij overgereikt vanaf een zieken-sponde in eigen gemeente, waaraan ik op dat oogenblik in de allerlaatste plaats dacht, n.l. een busje voor ons Studiefonds open maken werd me hier opgedragen. Bedroeg de inhoud niet minder dan acht gulden, ƒ 8.— de waarde van alles klom er voor mij zeer verre boven uit. De heele aanblik vertoonde het stempel van liefde, door God geplant. 'kWas er ten zeerste mee verblijd en heb er Gode voor dank gezegd.
2. Van den tweeden gever geef ik ook geen naam over. Volgens eigen aanwijs zou ik in mijn overzicht zetten N. N. te X. Hij zond mij een cheque van - 5.—
Ook hier valt iets bijzonders op te merken. Iets heel teers. Wanneer hij in zijn begeleidend schrijven mij zijn verontschuldiging — of hoe ik het noemen zal, weet ik niet — aanbiedt, zoo kwam bij mij een soortgelijke gewaarwording op, n.l. dat mij zulks eerder paste hem te vragen om niet verstoord te zijn. 'k Had daartoe eerder aanleiding gegeven.
Voor zijn blijken van meeleven zeg ik hem, uit den grond van mijn hart, zeer vriendelijk dank. 'k Spreek de wensch uit, dat er vele zulke warm-meelevende vrienden in onzen kring mogen worden gevonden.
3. Uit meerdere gemeenten kwamen nog enkele Paasch-giften en Paasch-collecten binnen. Onder andere uit Wezep. Onze vriend ds. Van Voorthuizen zond mij een Paaschgave van vier gulden - 4.-
'k Zeg hem daarvoor vriendelijk dank en houd mij aanbevolen.
4. Collega Pott te Kralingen zond me als nagift op de Paaschcollecte nog een rijksdaalder - 2.50
Hij wil ook mijn persoonlijken dank aanvaarden en den gever eveneens dank zeggen.
5. Door ds. Van Dorp te 's-Hage kreeg ik 'n heel rijtje van giften, in onderscheidene kerken aldaar gecollecteerd, n.l. 1 gld. van N.N. in de Bijbellezing voor beide fondsen ; 1 gld. van N.N. als Paaschgave ; 1 gld. van N.N. in de Kloosterkerk; 1 gld. van N.N. voor den Geref. Bond, Julianakerk; 1 gld. van N.N. voor De Waarh.vriend ; 2.50 gld, . van N.N. voor de beide fondsen.
Tezamen alzoo - 7.50
Mag ik zender en gevers allerhartelijkst danken ?
6. Van een mijner vrienden alhier, den heer B., kreeg ik per giro een Paaschgift, die eveneens voor mij een bizondere waarde vertegenwoordigt - 5.-
'k Voelde daarin nog de hand van zijn lieve moeder en onwillekeurig kwam het verleden met vernieuwde levendigheid mij voor den geest.
God zegene hem en zijn gave.
7. Vanuit de Evangelisatie te Oudshoorn werd mij de aldaar gehouden Paaschcollecte overgemaakt. Deze bedroeg niet minder dan - 27.98
Ook deze stemde mij vreugdevol. In de jaren, die achter ons liggen, hebben wij hier vaker dan eens met veel genoegen getoefd. Ook de laatste ontmoeting ligt ons nog versch in het geheugen. Hun arbeid is mede de onze, en omgekeerd, de onze bleef de hunne.
8. De Paaschcollecte te Ooltgensplaat bracht op - 34.17
Mag ik ook hiervoor den kerkeraad met de gemeente mijn dank betuigen ?
9. Van den heer de J. te Mijnsheerenland kreeg ik een Paaschgift van - 20.-
't Was niet het eerste blijk van zijn warm meeleven. Wij zeggen pok hem zeer vriendelijk dank.
10. Uit het hooge Noorden zijn de collectes en de Paaschgiften voor onze fondsen niet zoo menigvuldig als uit andere streken van ons vaderland. Daarom worden deze des te meer gewaardeerd. Zoo heeft mej. B. P. te Sneek mij verblijd met een Paaschgift van vijf en twintig gulden - 25.- Deze zou verdeeld worden tusschen Studiefonds en Evangelisatie-Commissie. 't Laatste heb ik reeds overgemaakt.
Mag ik haar mijn vriendelijken dank hiervoor betuigen ?
11. Thans volgen nog meerdere Paaschcollecten. 'kZal ze maar op het rijtje af u voorleggen.
De Paaschcollecte te Heteren bracht op - 11.40
12. De Paaschcollecte te Mastenbroek, met inbegrip van 5 gld., door den Pastor loei, ds. Hakkesteegt, ontvangen, bracht op - 51.05
13. De Paaschcollecte, gehouden bij de Leidsche vrienden, bracht op - 41.75
14. De Paaschcollecte, gehouden te Sprang - 35.-
15. De Paaschcollecte, gehouden te Ridderkerk - 44.04
16. De Paaschcollecte, gehouden te Slikkerveer - 20.20
Voor ieder dezer collecten zeg ik hartelijk dank. De broeders zullen het voor lief willen nemen, dat ik maar enkele tezamen vat. Zij zijn er misschien ook wel eens getuige van geweest, wanneer iemand een heele rij menschen de hand moest geven en tot allen hetzelfde te zeggen had, dat hij tenslotte ook zei: „Ik dank jelui
allemaal. Gij hebt het wel goed met mij gemaakt".
Zoo doe ik nu óok.
17. Nu komt er evenwel nog een drietal. Het eerst noem ik de Paaschcollecte, gehouden te Voorthuizen. Bij het afscheid van ds. Van Amstel aldaar heeft de kerkeraad deze collecte willen houden. 'k Zeg hun zeer hartelijk dank.
Zij bracht op ruim 40 gld - 40.50
Deze gemeente was het, welke ik op het oog had bij mijn verantwoording van de eerste Paaschcollectes, waar men de Paaschcollecte had uitgesteld. Mochten er meerdere gemeenten zijn, waar eveneens, om welke oorzaak ook, deze uitgesteld werd, zoo volgen zij dit prachtig voorbeeld.
18. In de gemeente van Huizen zat een zelfde gedachte voor. Ds. Vermaas, van Hoogeveen naar Huizen overgekomen, zou vlak voor Paschen zijn intrede doen. Ook deze gelegenheid leende zich daarvoor bij uitstek. Getuige het aanzienlijk bedrag, dat hier kon worden overhandigd. De collecte bedroeg niet minder dan - 156.30
Gemeenten als Hulzen staan onder ons bekend als hoogelijk bevoorrecht.
Nauwelijks is de vacature ontstaan of deze is ook weer vervuld. Geve de Heere ook daarvoor een open oog en een opmerkenden geest.
opdat Zijn Naam in alles worde verheerlijkt. Wij zeggen den kerkeraad en de gemeente allerhartelijkst dank.
19. Ons sluitstuk is ditmaal de Paaschcollecte van Veenendaal. Wat ik een vorige week heb opgemerkt omtrent deze gemeente, wordt in wat ik vanuit haar midden mocht ontvangen, alleszins bevestigd. Waarheidlievend niet alleen, maar ook meelevend In de daad. Wat te zeggen van een Paaschcollecte als deze ?
Op mijn giro prijkte niet minder dan..-256.96
't Klom boven mijn verwachting zeer verre uit. Allen, die hiertoe hebben bijgedragen, mijn grooten dank.
Ge zult het met me eens zijn, wanneer ik zeg, dat ik alle reden heb om in stilheid Gode dank te weten.
De gezamenlijke opbrengst was
f 786.35
Utrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 mei 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 mei 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's