VERLANGEN NAAR HUIS
’k Verlang naar hiüs, o Vorst des levens! Neen, deez' aard behaagt mij niet. Niets vermag mij rust te geven. Tot ik U geheel geniet.
’k Verlang naar huis , o God der liefde ! Mijn begeeren wordt tot pijn. Gij, die slaat, maar nimmer griefde. Wanneer zal ik bij U zijn ?
’k Wacht er op, o God der trouwe ! Op Uw Woord mij toegezegd. Dat alléén is 't, waarop ik bouwe: 'k Krijg straks, wat Gij mij hebt weggelegd.
[Catech. Zondag I].
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 juni 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 juni 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's