MANKE MURK
EEN VERHAAL UIT HET FRIESCHE VOLKSLEVEN
Met toestemming uitgever J. H. Kok te Kampen
Wonder, dat hij nog zoo lang bij vrouw Kalma bleef, 't Was eigenlijk geen huis, en nog minder een straat voor zoo'n grooten mijnheer, 't Scheen evenwel alsof de „juffrouw" hem wel aardig in haar macht had. Zij was lang niet meer dezelfde van vroeger. Een buurpraatje maken, gelijk voorheen, deed zij nooit meer sinds die ruzie door dien bal. 't Kerkgaan ontbrak er maar aan, doch anders ? Vroom als de beste. Laatst had buurman eens gevloekt, toen hij bezig was een kippenhok te maken en zich bij die gelegenheid gevoelig op de vingers tikte. Dat kwam geweldig aan, en bij het wegslingeren van den hamer braakte hij meteen een paar vreeselijke verwenschingen uit.
„Hé, buurman, 'wat zeg je daar een raar woord !" sprak zij. 't Viel d'r zoo maar uit, omdat zij ook nimmer gedoogde, dat door haar kinderen iets onbetamelijks gezegd werd. Maar toen had buurman haar den wind van voren gegeven, 't Moest ook al niet gekker ! Een berisping van de buurvrouw. Of zij meende, dat hij nog een kind was, of dat zij hier zoo wat de alleen-heerschappij moest verkrijgen, omdat zij een heilsoldaat over den vloer had. Zoo'n heilig boontje was zij anders ook nooit geweest en haar man evenmin. Maar 't zou wel veranderen, vooral nu Murk bij Siderius op „Lucht en Veld", een trekpleister scheen te hebben gekregen. Als vrouw Kalma ten minste de hoop mocht hebben, dat hij haar nog eens tot vrouw zou vragen, niettegenstaande het verschil in jaren en het blok, dat zij aan het been had, dan vergiste zij zich. De koopman was gaar genoeg, om niet in de fuik te loopen.
In dezen geest ging de verbitterde buurman geruimen tijd voort, met toenemende opwinding al het gif uitbrakend, dat hij in de scherpste woorden maar wist te leggen, om te kwetsen en te wonden. Zonder een woord te spreken ging vrouw Kalma ontroerd naar binnen, doch met welgevallen werd door de andere buurtbewoonsters geluisterd naar de les haar hier gegeven. Haar gedrag was immers meer dan ergerlijk. Ternauwernood mochten haar kinderen meer met de anderen spelen en gingen ook al naar een Zondagsschool, 's Zondags werd door haar in 't geheel niet gewerkt. Vroeger werd de wasch gedaan, om dan 's Maandags des te eerder klaar te kunnen zijn, maar nu hoorde en zag men daar ternauwernood een mensch. Murk ging naar de kerk en 's avonds 'n enkele maal naar een goede kennis, om een uurtje te praten, vanzelf over den godsdienst, maar buurvrouw bleef den ganschen dag binnen. Zij zat te lezen in boeken, die uit een Christelijke biibliotheek gehaald werden, of in de fijne couranten, die Murk las. Zoo iets was men hier niet gewoon, en dat kwam nu alles door dien manken Murk. Natuurlijk zat daar wat achter, 't Was vrouw Kalma nergens anders om te doen, dan van hem te „profiteeren" en daardoor goede dagen te genieten. Daarom had zij hem in huis genomen, 't Ging niet uit medelijden met dien stakkerd, zoo zij hem genoemd had, toen hij hier zijn intrede deed. 't Ging alleen om daardoor een bestaan te vinden en buurvrouw wist precies hoe zij spreken moest. Mevrouw van den directeur, bij wien haar man voorheen werkte, hield van haar en kwam zelfs een enkele maal haar opzoeken, vooral in de eerste tijden, na den dood van Kalma, maar óók al, doordat de weduwe juist wist hoe in beklag te moeten komen, ook al weer, om daardoor bij de voorname lui in een goed blaadje
te staan.
Maar nu dat nieuwtje, door buurman zoo achteloos heen geworpen, dat Murk tegenwoordig zoo druk op „Lucht en Veld" kwam, — zij zou misschien zélf wel weten waarom. Dat was raak geweest en had ingeslagen, bij buurvrouw Kalma ongetwijfeld, en daarom zou zij aanstonds wel naar binnen zijn gegaan, maar bij de anderen niet minder. Daar moest men meer van weten.
„Is er bij Siderius wat gaande, buurman ? " vroeg oude Gelske, mede namens de anderen, die langzamerhand in een kring rondom hem kwamen staan.
„Zonder mis. Wat het precies is, weet ik niet, en ik wil er ook geen naam van hebben, maar dat Murk veel meer dan vroeger op „Lucht en Veld" komt en daar met open armen ontvangen wordt, is zeker."
„Zou Pleun er achter zitten? "
„Wie weet, een oude vos lust óók nog wel eens een groen blaadje."
„Dat zou het toppunt worden ! Stel je voor, manke Murk en Pleun. Maar in elk geval werd dit een streep door de rekening van de freule hier."
’t Eind van 't burengesprek was, dat men besloot nauwkeurig op de hoogte te komen van hetgeen buurman gezegd had, en dat de eerste die hieromtrent nadere bijzonderheden kwam te weten, dit zoo spoedig mogelijk aan de anderen zou mededeelen. Terwijl het algemeen gevoelen was, dat vrouw Kalma maar haastig van hier vertrekken moest, omdat zij in zulk een omgeving niet meer paste. „Soort bij soort", dat was het beste.
Toch had buurman geen onwaarheid gesproken, toen hij het over 't drukke verkeer van Murk op Licht en Veld" had. Hij kwam in den laatsten tijd opvallend veel op de boerderij van Siderius en was daar welkom, gelijk het óók waar was, dat dit bezoek verband hield met Pleuntje. Hij kende haar reeds lang. Zij was al in de dertig en had evenals Murk een heele levensgeschiedenis achter den rug. Voortgekomen uit een groot arbeidersgezin, moest zij al vroeg het ouderlijk huis verlaten en in eigen behoeften leeren voorzien. Eerst was ze boodschaploopster bij burgermenschen, doch dit duurde maar kort. Daarmee werd niet genoeg verdiend en ook viel daarbij niets te leeren. Daarom leek het haar ouders beter, dat zij bij den boer kwam. Daar werden hooger loonen gegeven. Daar was de kost over het algemeen beter dan bij de burgerij, omdat men in het veen op geen turfje behoefde te zien.
(Wordt vervolgd).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juli 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 juli 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's