MEDITATIE
Want zij hadden niet gelet op het mirakel der brooden; want hun hart was verhard. Marcus 6 vers 52.
ACHT NEMEN
Op achtnemen komt het in het geestelijk leven boven alles aan. De Heere openbaart Zich aan Zijn Kerk; Hij spreekt tot haar door Zijn Woord en Geest; Hij wijst haar den weg, dien ze gaan moet.
Van de Zijnen eischt Hij, dat ze daarop acht zullen nemen. Het orgaan, daarvoor noodig, ontvangen zij in de wedergeboorte. Van nature is de mensch blind voor de dingen van het Koninkrijk Gods en doof voor de klanken des Heiligdoms. Maar aan degenen, met wie Hij Zijn werk begon, geeft de Heere een oog om te zien, een oor om te hooren en een hart om op te merken.
Zalig is het volk, dat naar Gods klanken hoort!
En toch — al hebben zij een oor om te hooren en een oog om te zien, ontvangen — hoe vaak gebeurt het niet, dat zij als dooven en blinden hun weg reizen. Hoe menigmaal zijn ze als slapenden, die niet hooren de stem huns Heeren. Ze moeten telkens weer worden wakker gemaakt, opdat zij niet verloren gaan. En de Heere doet de kameren der stormwinden open, opdat de Zijnen zullen hooren en zien en opmerken.
Het was een kostelijke dag in het leven der discipelen, toen met vijf brooden en twee vischjes vijfduizend mannen, behalve de vrouwen en kinderen, gespijzigd werden. De scharen verbaasden zich over dit wonder en de discipelen verblijdden zich met groote blijdschap ; want Hij, die dit wonder deed, was hun Meester, hun Koning, hun Heere.
Zij hebben het brood mogen uitreiken en ze hebben gedeeld in de glorie.
Het was een kostelijke dag maar toch een gevaarlijke dag voor de discipelen des Heeren.
Was het gevaar niet groot, dat zij enkel op de brooden letten en niet op het tééken der brooden ?
Was het gevaar niet groot, dat het geestelijke geheel door hèt uiterlijke zou verdrongen worden en dat de discipelen konden meenen, dat dit het Koninkrijk Gods was, om aan hongerende menschen brooden en visschen uit te deelen en dan door honderden bij honderden te worden toegejuicht ?
Na dezen dag van glorie was de nacht, die volgde, wel heel bang voor de discipelen des Heeren.
We vinden hen dan immers op een schip, midden in de zee, in nood der baren en groote benauwdheid.
Wat een tegenstelling tusschen die dag en die nacht. En toch, het was noodig, dat op dien gloriedag deze nacht vol benauwdheid volgde opdat de discipelen bepaald zouden worden bij de werkelijkheid der dingen en niet zouden verloren gaan.
De Heere Jezus, Die altoos de gevaren ziet, waarin de Zijnen verkeeren, heeft ook het gevaar gezien, dat de Zijnen bedreigde op den grooten dag van het wonder der brooden.
Want we lezen : Hij dwong ze terstond in het schip te gaan. Ze moesten weg van al die jubelende menschen; ze moesten den nood in. Ze konden daar zoo licht gelooven, dat ze toch ook wel wat beteekenden ; ze moesten 't weer leeren, dat zij zonder den Heere niets konden doen.
Als de Heere Jezus de Zijnen gedwongen heeft in het schip te gaan, klimt Hij Zelf op den berg alleen om te bidden. En terwijl Hij bidt, krijgen Zijn discipelen het te kwaad op de zee. De stormwind breekt los en de golven beuken het schip, waarop zij varen.
En dat terwijl de Heere bidt, bidt voor de Zijnen.
Of zou het misschien juist zijn, omdat Hij bidt ?
Is die stormwind niet de vrucht van Zijn bidden voor de discipelen?
Ja, het gebed van den Hoogepriester en de stormwinden op de zee hebben hetzelfde doel. De discipelen moeten opmerkzaam worden gemaakt; ze moeten met de weldaden, die zij ontvangen, in den Weldoener eindigen; hun harten moeten verbroken worden, opdat zij letten op het wonder der brooden en alles verliezend, wat van zichzelve is, alles vinden in Hem, Die hun Koning en hun Heere is.
Om acht te kunnen geven op wat de Heere zegt en doet, blijft noodig voor al Gods kinderen de weg van ontdekking, ontlediging en verloren gaan. In de stormwinden, die telkens weer losbreken over de zee, waarop hun levensschip vaart, klinkt de stem des Heeren : Ontwaakt, gij hardslapende.
Zalig, als te midden van de angst en vreeze der ziel, de bede oprijst: „Doorgrond mij, o God! en ken mijn hart; beproef mij, en ken mijne gedachten. En zie of bij mij een schadelijke weg zij; en leid mij op den eeuwigen weg".
Zou het ook in de harten der discipelen niet gestormd hebben, toen de Heere de winden over hen losliet ?
Ze waren toch niet naar eigen keuze op de zee. Ze liepen toch geen eigen gekozen weg. Had de Heere hen niet gedwongen om in het schip te gaan ?
En dan nu deze nood en dit dreigend gevaar!
Naar hun meening was er straks, toen zij stonden tusschen de brooden en visschen, heel geen gevaar.
En nu énkel gevaar.
Maar de Heere ziet anders en veel beter.
Om hen te verlossen van de gevaren, die hun ziel bedreigden, moesten ze den nood der baren in.
Neen — ze zullen niet omkomen.
Dat kan niet!
Maar ze moeten uit de benauwdheid leeren roepen tot den Heere en te midden van de stormwinden zullen ze Zijn stem moeten hooren. Want in het geestelijke leven komt het niet allereerst aan op het dienen van Hem, maar op het luisteren naar Hem, het opvangen van Zijn Woord in de ziel: Zijt goedsmoeds, Ik ben het, vreest niet.
Zoo is het ook gegaan met de discipelen op de zee van Tiberias. Maar niet aanstonds hebben zij dat Woord gehoord. Uur na uur, nachtwake na nachtwake ging voorbij en nog bleef het stormen. Pas in de laatste nachtwake kwam Hij.
Maar Hij kwam!
Hij laat Zijn kwijnend volk niet altoos in 't verdriet. Hij laat alle glorie van het vleesch bezwijken, opdat Hij Zelf overblijve als de glorie van Zijn volk.
Zoó leeren zij zien 't teeken der brooden.
Het harde hart moet verbroken worden — altoos weer. Daarom bidt Hij op den berg en moeten zij den nood in.
Het verbroken hart kan achtnemen.
En achtnemen is het leven der ziel.
Hilversum
V. Lokhorst
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juli 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juli 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's