De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

6 minuten leestijd

DE SPORT
De sport heeft sinds de laatste kwart eeuw een breede plaats in het leven van Jong-Nederland ingenomen.
Er is toch in ons land geen gemeente van eenige beteekenis meer aan te wijzen of men vindt er terreinen en gelegenheden die voor allerlei sportdoeleinden zijn ingericht geworden.
Nu bestaat op zichzelf bezien, tegen de beoefening van sport geen bezwaar, mits zij bedoelt de geest door gezonde lichaamsoefening krachtig te maken.
Echter — en daarin schuilt een groot gevaar — ontwikkelt de tegenwoordige sport zich in een verkeerde richting, in een richting, die met lichaamsoefening niet veel meer te maken heeft, doch die de ruwheid in de hand werkt en de hartstochten opwekt.
Het gaat daarbij van kwaad tot erger.
Wanneer men b.v. hoort van sportwedstrijden, waar het zoó ruw toegaat, dat de levens van de z.g.n. sportbeoefenaars in gevaar zijn, of van sportdemonstraties, die zoó duur worden opgezet dat voor een bescheiden plaats zelfs een half weekloon moet worden betaald, dan behoeft men er zich niet over te verwonderen, dat men gaat spreken van sportontaarding en van sportverdwazing.
In hoe erge mate de hartstochten worden opgewekt en hoe verderfelijk de huidige sport op de jeugd inwerkt, blijkt iedere week, wanneer naar de Maandag-edities der bladen gegrepen wordt om toch maar van het sportnieuws niets te missen en daarvan geheel op de hoogte te blijven.
Daarbij komt dan nog, dat de Zondag ten behoeve van de sport gebruikt en misbruikt wordt. De Zondag wordt ontwijd en ontheiligd, en op een gruwelijke manier doorgebracht.
En wanneer de lusten hier te lande niet voldoende bevredigd kunnen worden, vindt men in Antwerpen, Brussel of Parijs nog wel gelegenheid om meer sportgenot te smaken.
Geestelijk en zedelijk richt de tegenwoordige sport, de sportliefhebbers te gronde, want de sport is niet volmaakt, zoolang zij het wedden en spelen moet missen. Het hazardspel geeft aan de sport juist kleur en verhoogt de levendigheid van het bedrijf.
Wij denken hierbij aan het rapport, dat dezer dagen de zoogenaamde Commissie-Krayenhoff, de commissie inzake het vreemdelingenverkeer, aan den Minister van Handel, Nijverheid en Scheepvaart uitbracht; in welk rapport als beste middel om de vreemdelingen te trekken, naast de gelegenheid, die gegeven moet worden voor het hazardspel, aangedrongen wordt op de opheffing van het totalisatorverbod. Het totalisatorverbod houdt het verbod in van het publieke wedden bij sportdemonstraties. Dit verbod, dat In ons land sinds jaren bestaat, moet verdwijnen, om de duizenden vreemdelingen, die, naar men zegt, ons land mijden, omdat er geen gelegenheid bestaat om te wedden, naar ons land te lokken.
Zoo gaat het van kwaad tot erger.
De sportontaarding en de sportverdwazing neemt bij den dag in omvang toe.
Van de sportverdwazing gaf de Nieuwe Rotterdamsche Courant onlangs een staaltje, toen het blad in zijn kolommen dit bericht opnam :
Er was groot gejuich in het bad, toen de op het nippertje geslaagde
recordverbetering werd geannonceerd. Staande hoorden we allemaal ons oude Wilhelmus aan en de dappere zwemsters werden in de bloemetjes gezet. Voorzitter J. de Vries complimenteerde hen met hartelijke woorden en ook de heer K. Lotsy, namens het N.O.C, was een der eersten die de nieuwe recordhoudster met haar succes gelukwenschte.
Het Friesch Dagblad, dat van dit bericht melding maakte onder het opschrift: „Betooverde Wereld", voegt daaraan als onderschrift toe:
»Weet gij, lezers, waarom het oude Wilhelmus staande werd aangehoord ?
Omdat vier dames samen 400 meter al zwemmende hebben afgelegd; ieder 100 M.
En er daarbij in slaagden het 5/10 seconde sneller te doen, dan tot nu toe was vertoond.
Het was tot nu toe 4 minuten 33 seconden en nog 3/10 deel van een seconde ; het is geworden 4 minuten, 32 seconden en nog 4/5 deel van een seconde.
„Staande hoorden we allemaal ons oude Wilhelmus*.
Met recht leven wij in een betooverde wereld, maar ook in een wereld van veel goddeloosheid. Met het Christelijke levensbeginsel wordt niet meer gerekend. Aan de goden van den tijd wordt de hoogste eer toegebracht.
Moge Nederland zich eens voor den Heere leeren verootmoedigen, die met Zijne oordeelen de volken en ook ons volk 'bezoekt, opdat Zijn toorn zich van ons keere.
Het zijn ontroerend ernstige tijden, waarin wij leven.

BROOD EN SPELEN
Wij hebben hierboven met een enkel woord gewag gemaakt van het rapport van de commissie in zake het vreemdelingenverkeer. Deze commissie — zoo deelden wij mede — acht de gelegenheid tot hazardspel en de opheffing van het totalisatieverbod de gewenschte middelen om de vreemdelingen naar Nederland te trekken. Doch bij deze twee maatregelen, die de Regeering zou moeten treffen, wil de commissie het niet laten. Zij beveelt nog andere middelen aan, die de levensvreugde zullen kunnen verhoogen.
Een staat van wat tot verhooging van de levensvreugde zal kunnen dienen, vinden wij op bladzijde 79 van het rapport vermeld.
Daar ter plaatse schrijft de commissie :
»In de eerste plaats moeten stellig onze badplaatsen vroolijker worden. Er moet meer verstrooiïng en meer jolijt komen van een aard, zooals de buitenlandsche badgast niet ten onrechte meent te mogen verwachten. Aan de amusementsbedrijven kome de Overheid tegemoet door het verleenen van diverse faciliteiten. Particulier initiatief van deze strekking, moedige zij aan, ja, zij werke daar zoo noodig aan mede. Het is zeer noodzakelijk, dat er in onze voornaamste brandpunten van vreemdelingenverkeer iets behoorlijks „te doen" is op het terrein der lichtere muzen. Vroolijk tooneel, operettes, revue's, cabaretvoorstellingen, variété's en nog meer van dien aard acht de Commissie een onmisbaar element voor een opgewekt badplaats-en groote stadsleven*.
Wij zullen het bij dit moois laten.
Men zou haast geneigd zijn, den gek te steken, met wat de commissie meent te moeten voorstellen ter bevordering van het vreemdelingenverkeer, als de zaak zelf niet zoo ernstig was.
In een tijd, waarin een groot deel van ons volk in grooten nood en in veel zorg verkeert, het leven totaal is ontwricht en tienduizenden niet weten hoe zij met hun gezinnen van den eenen dag in den anderen moeten komen, dringt een commissie, die rapport moet uitbrengen aan de Regeering, op maatregelen aan, die het volk tot meer levensvreugde en tot verstrooiïng en uitgelatenheid, moeten brengen en een einde zullen moeten maken aan de achterlijkheid van Nederland.
Zulk een mentaliteit wijst op een inzinking van het geestelijk en zedelijk leven van ons volk. Het is een geestesgesteldheid, die ons volk weer naar den tijd 'brengt van brood en spelen en het terugvoert naar het heidendom.
Moge Overheid en volk waakzaam blijven bij de gevaren, die naderen.
 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juli 1936

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk de hele uitgave van donderdag 30 juli 1936

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's