Vijf Gebeden van Calvijn
3. Gebed vóór den maaltijd.
Zij allen wachten op U, dat Gij hun hunne spijs geeft te zijner tijd. Geeft Gij ze hun, zij vergaderen ze ; doet Gij Uwe hand open, zij worden met goed verzadigd. Psalm 104 vers 27, 28. De mensch zal bij brood alleen niet leven, maar bij alle woord, dat door den mond Gods uitgaat. Matth. 4 vers 4.
Heere, Gij, die de onuitputtelijke bron zijt van alle goed, wil Uw zegen over ons uitstorten en deze spijzen, welke wij door Uwe goedheid ontvangen, heiligen, opdat wij ze in matigheid gebruiken, zooals Gij dat beveelt.
Geef ook, dat wij steeds erkennen, dat Gij onze Vader zijt en de Gever van alle goed, dat wij dit steeds openlijk belijden, en dat wij vóór alle dingen het geestelijke brood van Uw Woord zoeken, opdat onze zielen daarmede voor eeuwig worden gevoed, door Jezus Christus, onzen Heere.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 augustus 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 20 augustus 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's