De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

6 minuten leestijd

ZELDZAME LICHTVAARDIGHEID.
Patrimonium, het zoo uitnemend geredigeerde Chrlstelijk Sociaal weekblad, noemt een voorbeeld van den aandrang, welke op de Regeering geoefend wordt, om nu de munt deprlcieerde, en naar men zegt, de Regeering ruImer in haar geld komt te zitten, hier en daar handreiking te doen aan de bevolking.
Het voorbeeld, dat Patrimonium geeft, is ontleend aan De StrIjder, het orgaan van de Christen Democratische Unie, dat naar het Christelijk Sociaal weekblad schrijft, een gebrek aan inzicht, een gemis aan verantwoordelijkheidsbesef demonstreerde, waarvan men eenvoudig versteld staat.
Patrimonium zegt ervan :
Bij een goudvoorraad in de kelders der Ned. Bank van rond 700 millioen, aldus de C.D.U.sche „wijsheid", en een devaluatie van 30 pct. komt, door herwaardeering van dezen voorraad een bedrag van 280 millioen „beschikbaar".
Nu is er, gerekend naar de oude waarde van den gulden, reeds geen 700 millioen. Maar wij laten deze kleinigheid buiten beschouwing. Ook is er, wat van méér beteekenis is, geen devaluatie van 30 pCt. Niemand weet nog, hoe ver de depreciatie van ons ruilmiddel, voor wat de internationale waardeering betreft, zal gaan. Thans is er een depreciatie van rond 20 pCt. Er zou dan in den gedachtengang van De Strijder, slechts een „winst" zijn van rond 170 millioen, in elk geval te verminderen met het bekende pondenverlies van de Nederlandsche Bank.
Wordt straks — hetgeen volstrekt niet onmogelijk is — het depreciatie percentage nog kleiner, dan vermindert ook de winst van de herwaardeering. Niemand kan dus nog het feitelijke bedrag van de herwaardeering vaststellen.
Maar de Strijder wil reeds aan het opmaken gaan van die éénmaal te behalen Vermoedelijke winst.
Ziehier het verlanglijstje : Opheffing of sterke verlaging van de invoerrechten en voedingsmiddelen ƒ40.000.000. Opheffing accijns op geslacht ƒ5.000.000. Opheffing omzetbelasting ƒ60.000.000. Opheffing couponbelasting ƒ 5.000.000. Verlaging van zegel-en registratiekosten ƒ 5.000.000.
Precies gesteld is er dan ƒ 115.000.000 prijsgegeven. De rest ƒ 165.000.000 wordt besteed voor een behoorlijke verhooging der ambtenaarssalarissen en een egalisatiefonds.
Maar hoe dan het volgende jaar ? Moeten dan de salarissen weer verlaagd en de belastingen weer verhoogd worden ? Of moet men zich dan door een opzettelijke devaluatie zien te redden ? En meent men waarlijk, dat daaronder het economisch leven niet zou lijden ?
Waarbij dan nog komt, — maar daarover zwijgt De Strijder geheel — dat de Staatsbegrooting een aanzienlijk tekort vertoont ; dat de Staatsschuld steeds accresseert; dat er een groote achterstand is in de Sociale Verzekeringsfondsen en in het Spoorwegpensioenfonds ; dat de gemeenten in alles behalve rooskleurige positie verkeeren.
De Strijder maakt zich geen zorg. Laat men het dan eens een jaar aanzien hoe de toestand zich ontwikkelt. Wij zijn overtuigd, dat dan op de meeste dezer maatregelen niet zal hoeven te worden teruggekomen, omdat het bedrijfsleven, verlost van den druk, een belangrijke opleving zal vertoonen. De uitwerking van een en ander is uit den aard der zaak minder gemakkelijk dan wij dit  neerschrijven, doch als 't ooit de tijd is geweest voor een stoutmoedige economische politiek, dan is het nu.
Wij zijn niet bang.
Aan dit citaat van De Strijder voegt Patrimonium toe:
Neen, dat zijn kleine kinderen in den regel niet. Zij zien geen gevaar. Maar als groote menschen voor de werkelijkheid der gevaren het oog sluiten, kan men dit roekeloosheid noemen.
En roekelooze lieden moet men niet roepen tot verantwoordelijke posities in den Staat. Of moet hier niet in de eerste plaats gedacht worden aan financieel en economisch onverstand, aan zeldzame lichtvaardigheid, maar veel meer aan demagogie ? Aan een demagogie, die groot gevaar oproept voor de democratie ?
Aan deze slotopmerking van het Christelijk Sociaal Weekblad hebben wij niets toe te voegen.
De opmerking is raak.

KERST EEN SLUITENDE BEGROOTING.
Het was te verwachten, dat ook bij het afdeelingsonderzoek der Rijiksbegrooting voor 1937 in de Tweede Kamer, zelfs na al hetgeen daarover reeds in de beide takken der volksvertegenwoordiging als in de pers, was gezegd geworden, de gevolgen, welke de veranderde muntpolitiek voor ons land heeft, niet onbesproken zou blijven.
Zoo lezen wij b.v. in het verslag, dat van dit afdeelingsonderzoek verscheen, dat van dit voor 1937 in de Tweede Kamer, zelfs na al hetgeen daarover reeds in de beide takken der volksvertegenwoordiging depriciatie van den gulden.
Dat voor deze waarschuwing alle reden aanwezig is, zal duidelijk zijn, wanneer wordt kennis genomen van de eischen die tal van Kamerleden stellen, en die instede van tot bezuiniging tot verhooging van uitgaven zullen leiden. Een enkele proeve uit het Kamerverslag moge als bewijs voor dezen aandrang dienen.
Op bladzijde 4, waar de Sociaal-Democraten aan het woord zijn, leest men :
In verscheidene bedrijfstakken, waarin loonsverlaging tot het uiterste is doorgevoerd, zal verhooging van de loonen moeten plaats hebben. Ook de salarissen van het Overheidspersoneel zijn — niet alleen bij het Rijk, doch onder den ^druk der Regeering eveneens bij de provinciën en gemeenten — tot het uiterste verlaagd. Stijgen de kosten van levensonderhoud, dan zullen salarisherzieningen spoedig moeten volgen. Uiteraard is daarvoor op dit oogenblik nog geen maatstaf aan te wijzen. Een nauwlettende waarneming van de indexcijfers zal echter moeten leeren, wanneer het oogenblik voor salariscorrectie zal zijn gekomen en hoeveel deze zal moeten bedragen. Het wetsontwerp tot herberekening van de pensioenen zal dienen te worden ingetrokken, omdat aan een verlaging van pensioenen zeker niet langer valt te denken. Eerder zal moeten worden nagegaan, of de allerlaagste pensioenen niet eenige verhooging zullen moeten ondergaan. Inzonderheid zal ook aan het lot van de werkloozen groote aandacht moeten worden gewijd.
Ziehier een enkel staaltje van de eischen, welke een gedeelte der Kamerleden aan de Regeering stelt als compensatiemaatregelen om prijsverhoogingen — die er zelfs nog niet zijn — op te vangen. Op welke wijze de uitgaven, welke deze maatregelen zullen veroorzaken, gedekt moeten worden, daarover laten de potverteerders zich verder niet uit.
Terecht wordt van andere zijde der Kamer tegen het opdrijven der uitgaven stelling genomen. De leden, die ten deze hun waarschuwende stem in het Kamerverslag lieten hooren, deden dit op deze wijze :
Met ernst maanden deze leden tot de uiterste voorzichtigheid met betrekking tot salarisen loonsverhoogingen. Zij vertrouwden, dat prijs verhooging van levensbenoodigdheden zooveel mogelijk zal worden tegengegaan. Voorzoover dat niet doenlijk is, zal naar hun meening echter niet elke prijsverhooging door een algemeene loonsverhooging mogen worden gevolgd. Afgezien van andere bedenkingen, die daartegen zijn aan te voeren, dient in het oog te worden gehouden, dat iedere loonsverhooging weder afbreuk doet aan de verbeterde positie, welke wij door de depreciatie van den gulden op de exportmarkt hebben verkregen. Aldus bezien, zijn loonsverhooging en werkverruiming elkaars rechtstreeksche tegendeelen.
Met deze opmerking van het afdeelingsverslag zijn wij het volkomen eens.
De Regeering kan niet te voorzichtig zijn bij het nemen van maatregelen, voor het geval prijsverhooging van levensbehoeften regelingen zou noodig maken. Zij overwege daarom wel tweemaal alvorens een beslissing te nemen. Voor alles moet op een sluitende begrooting worden aangestuurd, wil een blijvende economische opleving mogelijk zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 november 1936

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's

STAAT EN MAATSCHAPPIJ

Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 november 1936

De Waarheidsvriend | 10 Pagina's