INGEZONDEN
Uit het Jaarverslag van één onzer afdeelingen :
„Wij wilden wel, dat elk lid zich eenige moeite wilde getroosten en trachten één of meerdere nieuwe abonné's te winnen. Ieder heeft wel vrienden, familieleden of kennissen, die met het doel en den grondslag van onzen Gereformeerden Bond sympathiseeren, doch tot op heden nog geen lezer zijn van „DE WAARHEIDSVRIEND". Als gij zulke menschen kent, zorg er dan voor, dat ze gedurende een viertal weken uw gelezen courant ontvangen en spreek er dan eens over met hen. Zulke propaganda kost ons Bondsorgaan niets en kan niet anders dan winst opleveren. Hoe meer lezers er komen hoe liever het ons is”.
Zegt het voort!
De Commissie van Actie,
P. J. W. MAARLEVELD.
Vlaardinger-Ambacht, Irisstraat 61.
Zeer geachte Redactie,
Mag „vader" nog eens één keer (hopelijk voor het laatst) zijn hart luchten ? Uit hoofde van mijn betrekking op een Zondagsschool ontving ik van het bestuur van onzen Nederlandschen Hervormden Zondagsscholenbond op Gereform. grondslag een boekje, getiteld „Wil tegen wil". De bedoeling is, dit verhaal als Kerstverhaal naast de Kerstgeschiedenis te vertellen op het aanstaande Kerstfeest. Het wonderlijke van dit Kerstverhaal is, dat de naam van onzen Heiland er niet in voorkomt. Voorts is het verhaal van een zekere platheid en grofheid, die wij meenden dat nu voor goed uit onze kinderverhalen verdwenen waren. Op pag. 2 lezen wij de platte uitdrukking : Neen, God zelf zou hem wel opzoeken en klein krijgen. De grofheid van het verhaal blijkt wel daaruit, dat er al op pag. 2 een kind wordt doodgereden. Even verder, op pag. 3 gaat een boerderij in vlammen op. En op pag. 7 op één na de laatste, vinden wij een gevecht met wolven in de binnenlanden van Canada. Wanneer wij er dan nog op wijzen dat het emigreeren naar Canada wordt voorgesteld als een ingaan tegen Gods wil (hoe komt men er toch bij ? ) en dat stugheid van karakter mede wordt geweten aan het niet opgevoed zijn bij het Woord van God, dan meenen wij van dit boekje genoeg gezegd te hebben. Wij hopen, dat het bij ons op het dorp niet verteld zal worden. Intusschen spijt het „vader", dat hij weer de vriend moet zijn, die die fouten toont. Maar hij is nu eenmaal zuinig op zijn kinderen.
VADER.
Wij wilden dit „Ingezonden" niet weigeren, omdat we zelf ook zoo iets hebben gevoeld bij het lezen van dit boekje. En wij zouden heel ernstig willen vragen aan den Bond van Ned. Herv. Zondagsscholen op Geref. grondslag : zoek uw kracht toch vooral niet in het excentrieke. Er zijn zulke prachtige Kerstverhalen! Maar wil men dan per sé iets „afzonderlijks" geven als Hervormde Bond op Geref. grondslag, laat het dan iets zijn, dat buitengewoon goed is. Anders kan men het veel, veel beter na laten. Er blijft nog „gewoon" werk genoeg over voor ons. Hervormden van Geref. beginsel.
Intusschen hopen we van harte, dat 'sHeeren zegen in rijke mate rusten mag op onze Zondagsscholen. En we wenschen allen die voor dezen arbeid zich geven willen, een rijk gezegend Kerstfeest toe, met de kinderen en de ouders!
„Uw Koninkrijk koom' toch, o Heer, Ai werp den troon van Satan neer; Regeer ons door Uw Geest en Woord, Uw lof worde eens alom gehoord. En de aarde met Uw vrees vervuld. Totdat Ge Uw rijk volmaken zult”.
(Het Gebed des Heeren : 3).
M. v. G.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 december 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 december 1936
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's