FINANCIËN
Weet ge waaraan ik dacht, toen ik mij zette voor mijn overzicht van de laatste dagen? Aan een tekst, dien ik las in het Richterenboek. Daar wordt gesproken over de nalezingen, dat zij de opbrengst van den oogst zoo niet te boven gingen, toch deze minstens evenaarden.
Door allerlei dingen kan het gebeuren, dat men niet op dien dag, die daarvoor stond aangeduid, de oogst zoekt binnen te halen. Het wordt uitgesteld naar een gunstiger datum. En zoo komt het, dat er gesproken mag worden van nalezingen.
Nu, daarmee ben ik thans bezig.
Deze zijn voor mij nog de slechtste niet. 'k Heb eens gehoord van een Penningmeester, die een zeer bizondere gave van God heeft ontvangen om de collecten, gehouden voor zijn zaak, aan te bevelen. Evenwel trof hij 't eens op een keer heel slecht. Hij kwam achter een ander aan, die net een Zondag te voren voor een ander doel een collecte gehouden en daarbij heel veel had ingezameld.
De broeders kwamen dan ook hem, eenigszins zich zelf verontschuldigend, tegemoet, zeggende: ge treft het niet, Dominé. Het zal deze keer wel niet zoo heel veel beteekenen. Reken maar op een niet heel hooge collecte.
Het antwoord luidde: „Dat spijt mij, misschien valt het straks nog mee".
En nu de uitkomst.
Toen de collecte werd aangekondigd, gebruikte hij het volgende beeld.
Wanneer de molenaar de meelzakken heeft geledigd, de inhoud heeft uitgestort op de zolders, zoo blijft er altijd nog wel iets in de zakken. Deze worden uitgeklopt, en wat blijkt dan, dat hij nog heel wat weet in te zamelen. De man ziet er straks heelemaal bestoven uit. Hij zit onder het meel. Hij ziet er wit van.
Doe gij zoo óok eens. 'k Hoop ook straks wit bestoven te vertrekken.
En het einde was, dat geen kopergeld, maar enkel wit geld was geofferd. De Penningmeester mocht wit bestoven vertrekken. De nalezing was beter dan de oogst geworden.
Zie, daaraan dacht ik bij het opstellen van mijn rubriek voor dezen keer.
Wilt ge 't eens zien, wat er inkwam, zoo geeft mij uw aandacht.
1. De eerste post was de inhoud van het bekende busje uit Zegveld van de fam. Bardelmeijer.
De inhoud was thans ƒ 1.73
Wij zeggen den heer Bardelmeijer, die zoo goed was de traditie voort te zetten door n.l. de zorg voor het busje op zich te nemen, allerhartelijkst dank.
2. Hierop volgde een contributiepost uit Hilversum, n.l. van den heer Z 1.50 'k Zeg ook hem op deze plaats dank.
3. 'k Zal de volgorde van de posten maar precies laten staan zooals zij binnenkwamen. Van onderscheidene plaatsen kreeg ik nog de Paaschcollecten. Zoo kwamen nu zich melden: de Paaschcollecte van Bolnes „12.45
4. Idem van Lopik „ 11.50
5. Idem van Sluipwijk „28.03
6. Idem, gehouden in het gebouw voor Chr. Belangen te Vaassen. Deze bedroeg de niet onbelangrijke som van „ 46.47
7. De Paaschcollecte van Rijnzaterwoude „11.20
8. Idem van Noordeloos 26.11
9. Idem van St. Annaland „34.65
10. Idem, inzameling van Den Haag „ 75.35 met nagekomen contributie 1.—
11. De Paaschinzamelinig te Maassluis, vermeerderd met 10 gld. uit de kas van de afdeeling , 32.—
12. Van N.N. te Amsterdam kreeg ik door den secretaris van de afdeeling 5
gld. voor het Leerstoelfonds 5.— 13. Uit de collectezak van de Jacobikerk alhier f 2.50 van N. N. voor het Studiefonds „ 2.50
14. De Paaschcollecte te Neer langbroek 20.—
15. Idem te Oud-Beijerland „ 60.—
16. Idem te Wageningen „ 72.63
17. Idem te Ooltgensplaat „ 11.60
18. Idem te Nijkerk , 42.20
19. Nagift Paaschcollecte te Bergschenhoek „ 2.50
20. De Paaschcollecte te Leerboek „ 21.40
21. Idem te Driesum 28.50 22. De Paaschinzameling te Leiden, met inbegrip van een tweetal giften, n.l. f 2.50 van mr. Br. en f 2.50 van den heer Tr 41.56
23. De Paaschcollecte van Rijssen, bestaande uit twee zendingen, n.l. de eerste bedroeg f 30.20, de tweede f 45.55, tezamen , 75.75
24. De Paaschcollecte uit Monster „ 44.35
25. Idem uit Genemuiden , 86.—
26. Idem uit Vinkeveen „ 22.50
27. Idem uit Ter Aa „ 10.—
Hiermede ben ik voor deze week aan het einde van mijn Paaschcollecten, hoewel er onder de giften, die aanstonds volgen, ook nog wel enkele schuilen, die van dezelfde bedoeling uitgaan.
Aan iedere collecte een woord van dank te verbinden, is uitermate moeilijk, vandaar dat ik allen tezamenvattend met een woord van groote erkentelijkheid besluit.
Ik dank de broeders-kerkeraadsleden, die hierin hebben meegewerkt. Evenwel wil ik niet den indruk vestigen, dat ik de meening ben toegedaan, dat ik nu aan het einde ben van de Paaschcollecten. Neen, daar staan nog meerdere Gemeenten bij mij genoteerd, van wie ik nog haar bijdragen ben wachtende.
Wij wachten in dezen gerust af.
Thans volgen de andere posten.
28. Van ds. Ottevanger te Kampen kreeg ik tweemaal een post op de giro, n.l. 3 gulden van N. N. en later van N. N. 1 gulden, samen „ 4.—
Wij zijn hiervoor hoogst dankbaar.
29. Van de Jong. Ver. „David" te Slikkerveer kreeg ik van den penningmeester voor 't Studiefonds een rijksdaalder. Mijn vriendelijken dank „ 2.50
30. Uit de catechisatiebus van den Bommel zond mij de Pastor-loei ds. Langhorst „ 3.—
Evenzoo een woord van dank.
31. Door ds. Fokkema te Amstelveen kreeg ik de inhoud van het busje van Mi Piet te Aalsmeer, dat de prachtige inhoud had van „ 37.50
Wij zijn aan beide, aan zender en inzamelaarster onzen warmen dank verschuldigd. Hoeveel moeite hieraan verbonden is, om zulke bedragen te innen, weet ieder die met dit werk zich ziet belast. Bij dezen spreken wij den wensch uit, dat zij ook in de komende tijden hier die steun mag ondervinden, welke haar tot nu is geworden.
32. Dadelijk hieraan wil ik verbinden de vermelding van den inhoud van het busje, dat in een gezin bij mij in mijn wijk zoo'n gunstig plaatsje heeft gevonden, 't Is niet voor de eerste keer, dat ik mijn dank uitspreek voor deze kostelijke medewerking van heel het gezin. De kinderen zijn allen even meelevend, van de grootste tot de kleinste. Gewoonlijk is het een van hen, die mij komt waarschuwen om het busje weer eens te komen openen. Zij wachten op het moment, dat ik het sleuteltje zoek en dan, als de inhoud op tafel wordt uitgeschud, mogen zij tellen, terwijl ik toekijk. Ditmaal was de inhoud nog meer dan gewoon. Enkele grootere stukken zaten er tusschen, zoodat het mij een vraag op de lippen legde : wie is hier bij jelui geweest ? Nu, dat was wel te raden, een vriendenhand had meer dan eens het gleufje gezocht. De inhoud was ditmaal 15.08½
Wij zeggen allen allerhartelijkst dank.
33. Door ds. van Dorp te 's-Hage kreeg ik meerdere giften mij toegezonden. Hij had ontvangen van N. N. 1 .gulden voor beide fondsen, van N.N. 1 gulden voor beide fondsen, van N.N. 1 gulden voor den Geref. Bond, van N. N. 1 gulden voor beide fondsen en van mej. N. N. 10 gulden voor beide fondsen, met bijschrift „uit dankbaarheid", samen „ 14.—
Wij zeggen ds. van Dorp, evenals de gevers, zeer hartelijk dank en bidden hen Godes bijstand toe in alles. 34. Door ds. Westra Hoekzema te Scherpenzeel ontvingen wij van den heer Adr. de Jong te Mijnsheerenland een gift van 40 gulden „ 40.—
Waar wij uit het begeleidend schrijven vernamen van de ziekte van laatstgenoemde, spreken wij bij dezen als onzen hartelijken wensch uit, dat de Heere hem nabij zij.
Intusschen onzen allerhartelijksten dank.
35. Van uit Renswoude kreeg ik een postwissel met f 2.50 onder letters v. M. voor 't Studiefonds „ 2.50
Met zeer veel dank.
36. Ten slotte nog een drietal posten, welke ook bij een voorgaande rubriek zich gevoegelijk aansluiten.
N.l. uit de collectezak van Oldebroek op Isten Paaschdag gewerden mij 2 giften voor onze fondsen, van ieder 1 gulden „ 2.—
Mag ik rekenen op een collecte ?
'k Vermoed van ja.
Bij voorbaat mijn vriendelijken dank.
37. 'k Blijf nog even in de buurt.
Te Harderwijk heeft men de Paaschcollecte onder verschillende hoofden tezamen gegrepen. Voor onze fondsen werd hiervan 10 gulden mij toegezonden „ 10.—
Ook hiervoor betuig ik dank.
38. Het sluitstuk wordt gevormd door de Paaschinzameling in eigen gemeente. Zooals wij dit in de laatste jaren gewoon zijn, is hiervan het resultaat navolgenswaardig. 'k Heb voor de leiders en uitvoerende helpers niet anders dan grooten dank. In de voorgaande overzichten van de ingekomen giften heb ik reeds verantwoord een totaal van 58 gulden. Als ik u nu zeg, dat de heer P. Brinkers mij nog heeft afgedragen de som van , 279.50 kom ik tot een geheel van f 337.50.
Hierin weerspiegelt voor een groot deel het medeleven van het gereformeerde deel van onze eigen gemeente, waarvoor ik hoogst erkentelijk ben. 'k Hoop nog lang dezen steun te ondervinden. Dit maakt het werk zoo licht. Voor alles mijn warmen dank.
Nu zou ik het hierbij kunnen laten, doch dan zou br. Brinkers, en terecht in dezen, mij een opmerking kunnen maken, n.l. dat ik vergeten had de collectes op de Jaarvergadering gehouden, te vermelden.
Deze bedroegen's morgens f 42.83½, 's middags f 29.64, tezamen f 72.47½.
Wanneer ik alles tezamen tel, kom ik tot de prachtsom van
f 1311.04
utrecht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 april 1937
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 april 1937
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's