KERK, SCHOOL VEREENIGING
NEDERLANDSCHE HERVORMDE KERK.
Beroepen:
te Groot-Ammers W. Rijnsburger te Oud-Beijerland — te Polsbroek (toez.) H. Kraay te Sint-Annaland — te Doornspijk D. J. v. d. Graaf te Schoonhoven — te Bruchem, Kerkwijk en Delwijnen cand.. L. Brasser te Huizen (N.-H.) — te Hoogebeintum: cand. A. Donker te Alphen aan den Rijn — te Holwierde (toez.) W. de Jong te Idsegahuizen — te Oude Tonge Th. G. Vollebrecht te Hoornaar — te Serooskerke-Kerkwerve cand. J. Veen te Utrecht — te Roden G. van Hoegee te Gieterveen — te Dordrecht (vac.-Bins) J. H. Smit Sibinga te Groningen (voorganger Vrijz. Herv.).
Aangenomen:
naar Oostrum en Janswier cand. Johs. Bijlsma te Gouda — naar Arnhem Joh. Gerritsen Jr. te Zierikzee — naar Bennekom J. G. v. leperen te Leerbroek — naar Ooltgensplaat H. Hiensch te Bleiswijk.
Bedankt:
voor Zuid-Beijerland P. A. A. Klüsener te Bodegraven — voor Assen (Ned. Herv. Evang.) B. C. Visser te Okkenbroek — voor Goes Joh. Gerritsen Jr. te Zierikzee — voor Kattendijke cand. C. de Ru, hulppred. te Koog op Texel — voor Hardinxveld W. Vroegindewey te Reeuwijk — voor Kamerik W. J. Lekkerkerker te Oosterwolde (Geld.).
GEREFORMEERDE KERKEN.
Beroepen:
te Ommen L. Kuiper te Oud-Loosdrecht — te Arum cand. Y. v. d. Woude te Jislum — te Stad aan 't Haringvliet J. Hindriks te Dussen — te Schettens-Schraard cand. M. Feitsma te Amsterdam — te Aalten (vac.-D. Zwart) P. Kuijper te Monnikendam.
Bedankt:
voor Leiden dr. G. C. Berkouwer te Water graafsmeer.
CHRISTELIJKE GEREFORMEERDE KERK.
Beroepen:
te Zeist, cand. E. du M. van Voorthuysen te Apeldoorn — te Harlingen cand. J. C. Maris te Zwolle — te Boskoop cand. H. Visser te 's-Gravendeel — te Groningen L. H. v. d. Meiden te 's-Gravenhage-Centrum — te Midwolde cand. M. J. Visser te Sneek — te Nieuw-Vennep en te Nieuwpoort cand. E. du Marchie v. Voorthuysen te Apeldoorn.
Bedankt:
voor Meerkerk cand. J. G. van Minnen te Apeldoorn.
GEREFORMEERDE GEMEENTEN.
Beroepen:
te lerseke M. Heikoop te Utrecht.
Jubileum ds. A. Dekker.
Onder zeer veel blijken van belangstelling zoowel uit Otterloo als uit andere gemeenten, mocht ds. A. Dekker blij gedenken, dat hij voor 40 jaar in het vootreffelijke ambt is bevestigd geworden. Geboren 12 November 1868 te Groot-Ammers, studeerde ds. Dekker aan de Rijksuniversiteit te Utrecht na de gymnasiale vooropleiding te hebben ontvangen te Zetten en Doetinchem. In 1897 werd hij candidaat en aanvaardde het ambt te Nieuwpoort. Achtereenvolgens diende hij de gemeenten Bergambacht, Gameren, Giessendam, Hoevelaken, Opheusden, Bleiswijk, Nieuwe Tonge, Emst en Otterlo. Immer was hij een man met groote toewijding en plichtsbetrachting. Uit zijn nauwkeurig bijgehouden register blijkt o.m. dat hij in zijn veertigjarige loopbaan aan 2646 kinderen en volwassenen den doop heeft bediend ; 637 personen heeft opgeleid voor het lidmaatschap der kerk; 130 huwelijken inzegende ; 160 maal het Avondmaal bediende ; 724 begrafenissen leidde en 5597 maal preekte. Buiten zijn ambtelijk werk bewoog hij zich ook op onderwijsgebied.
In zijn studententijd verwierf hij de medaille van de Koningin met loffelijk getuigschrift voor het redden van een kind op het eiland Rozenburg met groot gevaar voor eigen leven.
Zondag j.l. hield ds. Dtekker een gedachtenispredicatie het Woord behandelend naar aanleiding van Hand. 22 : 22 : „Dan hulpe van God verkregen hebbende, sta ik tot op dezen dag, betuigende beiden klein en groot, niets zeggende buiten hetgeen de Profeten en Mozes gesproken hebben, dat geschieden zoude".
Spr. stond achtereenvolgens stil bij : Ie. waar Paulus was ; 2e wat hij verkreeg; 3e wat hij betuigt.
De jubilaris vond daarbij gelegenheid 's Heeren daden te vermelden in de tien standplaatsen, waar hij Gods Woord heeft mogen verkondigen en dat niet zonder zegen. Spr. betuigde zich minder te achten dan alle weldaden en trouw, die God hem in de voorbijgegane jaren zoo kennelijk had bewezen. Ds. Dekker dankte de Gemeente voor het reeds den vorigen dag aangeboden huldeblijk (schilderij, voorstellende kerk en pastorie van Otterloo) en deelde mede de ontvangen geldsom te schenken aan de kerk.
Namens de gemeente werd de jubilaris hierna in waardeerende woorden toegesproken door den heer C. Engelen, op wiens verzoek ds. Dekker werd toegezongen Ps. 121 vers 4.
Ds. J. H. van der Wal, van Wageningen, wenschte zijn collega van harte geluk en wenschte hem voor de nog komende jaren 's Heeren zegen op zijn arbeid toe. Een zoon van den jubilaris sloot de rij der sprekers, er op wijzend, dat zijn vader altijd met hart en ziel de boodschap der zaligheid in Jezus Christus heeft verkondigd. Op zijn verzoek zong de gemeente ten besluite Ps. 119 : 7 : „'k Heb and'ren al de rechten van Uw mond "
Ds. F. Tammens.
Ds. F. Tammens, Ned. Herv. pred. te Oostwold (Westerkwartier), bekend figuur in de Ned. Hervormde Kerk, viert a.s. Woensdag zijn 70ste verjaardag.
Ds. Tammens was prseses van het Classicaal Bestuur van Winschoten en lid van het Prov. Kerkbestuur van Groningen, waarvan hij thans secretaris is. Sinds 1913 maakt ds. Tammens deel uit van de Alg. Synode der Ned. Herv. Kerk. Ook is hij lid van de Alg. Syn. Commissie. Van de Commissie van Voordracht voor de benoeming van kerkelijke hoogleeraren is hij eveneens lid. 24 Jaar was hij secretaris van de Prov. Ver. van Vrijz. Hervormden in Groningen en tal van jaren maakte hij deel uit van het Hoofdbestuur van de Vereeniging van Vrijz. Hervormden Nederland. In Zuidbroek was ds. Tammens bestuurslid van het Groene Kruis, van de Woningstichtingvereeniging en van de Gezondheidscommissie te Veendam.
Thans gaat hij met emeritaat.
Met emeritaat.
Het Prov. Kerkbestuur van Noord-Brabant met Limburg heelt aan ds. P. van der Linden, pr. der Ned. Hervormde Gemeente te St. Michielsgestel, Classis 's-Hertogenbosch, op zijn verzoek eervol emeritaat verleend wegens meer dan 40jarigen dienst, in te gaan 15 September a.s.
Ds. A. G. H. van Hoogenhuyze.
Ds. A. G. H. van Hoogenhuyze, de bekende Ned. Herv. pred. van Amsterdam, hoopt 22 Aug. zijn 40-jarig ambtsjubileum te herdenken.
Ds. H. Kwint te Utrecht.
Het Prov .Kerkbestuur van Utrecht heeft op zijn verzoek eervol emeritaat verleend met ingang van 1 October a.s., aan ds. H. Kwint, pred. der Ned. Herv. Kerk te Utrecht. Ds. Kwint heeft 40 dienstjaren en diende de gemeenten van Nieuw en St. Joosland, Gorinchem, en Utrecht sedert 6 Maart 1910. Wij hebben bij gelegenheid van zijn 40-jarig ambtsjubileum op 25 April j.l. uitvoeriger over dezen in Utrecht algemeen geachten prediker geschreven.
Dr. H. Schokking.
Dr. H. Schokking, predikant bij de Ned. Herv. Gemeente te 's-Gravenhage, is reeds eenigen tijd ongesteld. Hem is deze maanden absolute rust voorgeschreven.
Synodale benoemingen.
Tot quaestor-generaal is door de Synode benoemd mr. Y. A. Schuller tot Peursum.
Tot secundus-secretaris dr. G. P. van Itterzon te 's-Gravenhage.
Tot predikant-lid van de Synodale Commissie ds. K. H. E. Gravemeyer van Den Haag ; tot ouderling-lid de heer J. W. Bolt, oud-ouderling te Groningen.
Tot bestuursleden van „Valkenheide" dr. H. Th. 's Jacob en mr. Everwijn de Lange te Maarn (vac. de Groot) en verder vanwege de Synode ds. J. W. J. Addink (vac. Tammens).
Zuiderzeefonds der Ned. Hervormde Kerk.
Naar wij vernemen, zal het Zuiderzeefonds der Ned. Herv. Kerk tegen het einde van dit jaar de drie in de Wieringermeer vanwege dit fonds gebouwde kerken overdragen aan de kerkelijke instanties aldaar, waardoor een einde aan dit deel van den arbeid van het fonds gekomen is. Het Fonds zal daarna zich met kracht wijden aan de behartiging van kerkbouw in den nieuw te scheppen Oostpolder. Geschat wordt, dat voor dezen polder noodig zal wezen een bedrag van ongeveer ƒ 200.000.—.
Meer bijbelkennis en geloofsleer.
Op de Conferentie der Kerken te Oxford was belangrijk het betoog, dat de afgevaardigde van Engeland voor den Wereldbond van jonge Christenvrouwen hield en waarin zij er op aandrong, dat de Kerk meer dan tot nu toe een leerende Kerk zou zijn in den zin van het verstrekken van onderwijs in bijbelkenis en geloofsleer, zoowel in de prediking als in onderwijs op schoolleest geschoeid.
Een wensch van dergelijken aard werd uitgesproken door den dichter T. S. Eliot in een vergadering in pleno, waar hij vroeg om meer echte theologie, die zich klaar zou onderscheiden van alle philosophie.
De Oude Kerk te Delfshaven.
De kerkvoogdij van de Ned. Herv. Gem. te Rotterdam-Delfshaven heeft van de wed. J. H. een bedrag van ƒ 500.— ontvangen voor de restauratie van de Oude Kerk, teneinde daarvoor een glas-in-lood-raam met gemetselde traceeringen te dóen aanbrengen.
Het reorganisatie-voorstel wordt in Januari behandeld.
Op voorstel van den President, besloot de Synode op Woensdag 12 Januari a.s. een buitengewone zitting te houden ter behandeling van het reorganisatie-voorstel. Over dit voorstel, dat zal worden gedrukt en verkrijgbaar gesteld, zullen de heeren ds. J. Boonstra, dr. W. H. Weeda, ds. T. G. van Reeuwijk en ouderling Ir. P. Wolfensperger de Commissie van Rapport vormen.
Commissies in en uit de Synode.
Voor de consideration, uitgebracht door de Classicale Vergaderingen enz. inzake de Synodale Voorstellen van verleden jaar : ds. F. Tammens te Oostwold, ds. T. G. van Reeuwijk te Amsterdam, ds. P. de Bruijn te Driebergen, dr. W. H. Weeda te Oosterland en ouderling P. Wolfensperger te Zwolle.
Voor de nieuwe wetsvoorstellen : prof. dr. Th. L. Haitjema te Groningen, ds. J. Boonstra te Gieten, dr. W. H. Weeda te Oosterland, ds. J. Barbas te Hengelo (G.), ds. L. S. van Zwet te Almelo en de ouderlingen F. A. v. d. Bosch te Amsterdam en J. Bolt te Groningen.
Voor de stukken ter behandeling : prof. dr. S. P-H. J. Berkelbach v. d. Sprenkel te Utrecht, ds. P. Bokma te Schiedam, ds. J. Barbas, ds. S. Winkel te Heerenveen, ds. J. W. J. Addink te Heeze, ds. L. S. van Zwet, ds. L. Boer te Scheveningen en de ouderlingen M. ter Stal, Ch. Hondius, Ir. P. Wolfensperger en F. W. C. de Haas te Leeuwarden.
Voor de afschriften en staten van kosten : ds. P. Tammens te Oostwold (Wk.) en ds. J. W. J. Addink.
Voor de eindredactie : prof. dr. Th. L. Haitjema en ds. J. Boonstra.
Voor de schriftelijke kerkvisitatie : ds. J. Barbas en ouderling F. A. v. d. Bosch.
Voor de persoonlijke kerkvisitatie : ds. S. Winkel, ds. T. G. van Reeuwijk, ds. P. de Bruijn, ds. L. Boer, ds. R. Blommsert en ouderling F. W. C. de Haas.
Voor de samenspreking met den Raad van Beheer voor de predikantstractementen : ds. J. W. J. Addink en ds. S. Winkel.
Het Fonds voor Noodlijdende Kerken en Personen,
Van H. M. de Koningin. kwam de belangrijke gift in voor bovengenoemd fonds, groot ƒ 2000.—. De Synode keerde een bedrag aan groote toelagen uit groot ƒ 21.7S0.—. Nu is nog een bedrag van ƒ 20.790.— beschikbaar.
Het Fonds voor de schraalste tractementen.
Voor het fonds tot verbetering van de schraalste predikantstractementen werd van ,, Aanpakken" weer ƒ 24:000.— ontvangen, terwijl uit de Generale Kas werd gevoteerd ƒ 18.448.— en uit den Vervolgbundel ƒ 500.—. Het minimum der laagste tractementen op ƒ 1700.— en het maximum op ƒ l90O.—. De voordrachten beloopen ƒ 53.093.—, zoodat uit de Generale. Kas ƒ 20.568.— moet gesuppleerd worden.
De Algem. Weezen- en Weduwenbeurs.
Voor de Alg. Weezen-en Weduwenbeurs werd een legaat van ƒ 1500.— ontvangen. De inkomsten verminderden met ƒ 6931.17. 398 weduwen, 2 minderjarigen en 2 erven ontvingen een uitkeering.
De Generale Kas.
De ontvangsten van de Generale Kas bedroegen ƒ 67.161.22, w.o. ƒ 2954:60 gekweekte rente en ƒ 120 rente van een leening aan een gemeente. Voor uitkeering is beschikbaar na de suppletie aan het fonds tot verbetering van de schraalste predikantstractementen en aan het Fonds Geestelijke Behoeften ƒ 41.771.13.
Het Hulppensioenfonds.
Wat het Hulppensioenfonds voor emeriti predikanten betreft, bedroeg het aantal deelgerechtigde gemeenten 346 met 513 plaatsen, terwijl 19 gemeenten met 19 plaatsen zich inkochten. Een uitkeering werd gedaan aan 34 emeriti predikanten en 5 erven. De uitkeering werd weder op ƒ 170.— bepaald.
De Schoolraad.
Volgens het pas verschenen 47ste jaarverslag zijn bij den Schoolraad voor de Scholen met den Bijbel op 1 Juli j.l. aangesloten 1672 scholen, waaronder 14 kweekscholen en 24 scholen voor voorbereidend lager onderwijs. Ongeveer al deze scholen zijn ingeschreven in het rechtspersoonlijkheidsregister en toegetreden tot de Borgstellingsorganisatie voor de Scholen met den Bijbel. Van deze 1674 scholen zijn 108 niet aangesloten bij de commissie van beroep van den Schoolraad. Onder de aangesloten scholen zijn er 2 in België, n.l. die te Antwerpen en te Brussel; 1 in Diuitschland, n.l. te Duisburg-iRuhrort en 1 in Suriname, n.l. te Paramaribo. 150 onderwijzeressen en onderwijzers deden met goed gevolg examen Schoolraad, waardoor het aantal van hen, die in den loop der jaren het diploma Schoolraad behaalden, klom tot 3361.
De boodschap van Oxford aan de Duitsche broeders.
De Wereldconferentie, waarop 45 landen zijn , vertegenwoordigd, heeft eenstemmig besloten, een boodschap te zenden aan de Duitsch-Evangelische Kerk.
Men zal een delegatie zenden, om deze boodschap te overhandigen.
De tekst van de boodschap van de Oecumenische Conferentie te Oxford aan de Kerk-onderhet-kruis in Duitschland luidt als volgt:
De leden der Christelijke kerken, die te Oxford vergaderd zijn, aan hun broeders in de Duitsche Evangelische Kerk ;
De vertegenwoordigers der Christelijke kerken, uit alle deelen der wereld te Oxford vergaderd, betreuren de afwezigheid van hun broeders in de Duitsche Evangelische Kerk, met. wie ze in de voorbereiding dezer conferentie, alsook in de groote aan de universeele Kerk van Christus toevertrouwde taak, nauw verbonden waren.
We begroeten met blijdschap het feit, dat een overeenkomst bereikt was, volgens welke een gemeenschappelijke delegatie der Duitsche Evangelische Kerk naar Oxford gezonden zou worden. We missen daarom temeer de groote hulp, die haar leden gegeven zouden hebben bij het behandelen van de fundamenteele vragen van onzen tijd. Maar ofschoon uw vertegenwoordigers afwezig zijn, hebben juist de omstandigheden, die tot deze afwezigheid geleid hebben, een nog sterker bewustzijn der gemeenschap geschapen dan tevoren.
We zijn diep bewogen door het leed van vele predikanten en gemeenteleden, die van het begin af in de belijdende kerk opgekomen zijn voor de heerschappij van Christus en voor de vrijheid van de Kerk van Jezus Christus om zijn evangelie te verkondigen.
We kennen den ernst van den strijd, waarin niet alleen uw Kerk, maar ook de Roomsch-Katholieke gewikkeld is, tegen verdraaiing en onderdrukking van het Christelijk getuigenis, en voor de opvoeding der jeugd in een levend geloof in Jezus Christus, als Zoon van God, Koning der koningen en Heer der heeren.
Wij denken aan de woorden van de Schrift: één lichaam en één geest, zooals ook gij geroepen zijt tot één hoop uwer roeping", en „als één lid lijdt, dan lijden alle leden ; en als één lid verheerlijkt wordt, zoo verblijden zich alle leden mede". Zoo zijn wij, uw broeders in andere kerken, één met onze lijdende broeders in de Duitsche Evangelische Kerk in liefde en gebed. Uw Heer is onze Heer, uw geloof is ons geloof, uw doop is onze doop. Uw standvastig getuigenis van Christus roept ons zelf tot een meer levend vertrouwen en wij bidden, dat ons in al onze kerken de genade gegeven moge worden hetzelfde klare getuigenis van onzen Heer af te leggen.
Wij bidden God, u te zegenen en te leiden en u in uw leed te troosten ; en wij doen een beroep op de kerken in de geheele wereld u in voorbede bij onzen hemelschen Vader te gedenken en zich te verheugen, dat weer opnieuw gebleken is, dat een geloof, geboren uit het offer, op zijn beurt het offer waardig gerekend wordt.
Dr. Colijn en de Zondag.
In „De Rotterdammer" lazen we : »Van verschillende zijden maakte men ons opmerkingen óp een foto met onderschrift in het veelhoofdige geïllustreerde weekblad „'s-Gravenhage in Beeld", waarin te lezen stond, dat dr. Colijn en minister Van Dijk op Zondag een demonstratie van het Roode Kruis op Ypenburg bijwoonden, en ook met bizondere interesse een zweeftoestel van een beroemde vliegenierster bewonderden.
Dit bezoek op Zondag gaf aanstoot — zei men ons.
Het kan zijn nut hebben, even mee te deelen, dat het bezoek der ministers plaats vond op Zaterdag 3 Juli en dat het onderschrift in het weekblad van 8 Juli dus op een misverstand berust. Wij hebben de redactie daarop attent gemaakt en vertrouwen, dat zij dezer dagen wel een rectificatie zal plaatsen. Maar ter informatie onzer lezers, die er in gesprekken met anderen winst mee kunnen doen, deelen we een en ander even mee«.
De Socialisten en het Huis van Oranje.
De Bond van Ned. Christelijke Oranjevereenigingen heeft z'n jaarlijksche algemeene vergadering dit jaar gehouden in het „roode" Zaandam.
De burgemeester, mr. In 't Veld, tot voor kort te Rotterdam ten stadhuize werkzaam, is een S.D.A.P.-er, en heeft nu een Oranjerede gehouden, die klinkt als een klok. Zelf noemde hij dat een verblijdend verschijnsel.
»Van weerszijden zijn" — zoo sprak hij — „in de laatste jaren de scherpe puntjes er wat afgegaan. Bij de S.D.A.P. kwam meer begrip voor de plaats, die het Huis van Oranje in het Nederlandsche volksleven inneemt, en van de men, dat wij allen dezen ontwikkelingsgang makkelijker gemaakt, doordat niet langer de strijd tegen de sociaal democratische beweging gevoerd werd in het teeken van Oranje.
De burgemeester meende te mogen aannemen, dat wij allen dezen ontwikkeilngsgang in de verhouding met vreugde begroeten, daar vrijheid en verdraagzaamheid niet alleen de grondpeilers van de democratie vormen, maar ook moeten worden gezien als de groote geestelijke goederen, door Willem den Zwijger als erfenis aan het Nederlandsche volk achtergelaten.
Door verdraagzaamheid te betrachten, handelen wij dus — aldus besloot burgemeester In 't Veld zijn toespraak — in zijn geest en handhaven wij een van de edelste Nederlandsche tradities*.
't Is mooi. Maar we zijn nog niet, waar we wezen moeten. Prins Willem kende nog iets anders dan „vrijheid en verdraagzaamheid".
En wat de Socialisten daaronder verstaan, is helaas ook nog zoo anders dan we in Nederland hebben moeten !
Van één gevoelen zijn.
Paulus schrijft (Filipp. 3 vers 15) : „Zoovelen dan als wij volmaakt zijn, laat ons dit gevoelen; en indien gij iets anderszins gevoelt, ook dat zal u God openbaren".
Calvijn teekent daarbij aan : „Alle artikelen van de ware leer zijn niet van dezelfde soort. Er zijn er, die zóó nadrukkelijk zijn om te weten, dat niemand er meer aan twijfelen mag.
Er zijn andere, waarover tusschen de Kerken verschil' is en die toch daarom hun éénheid niet verbreken. Het zijn de eigen woorden van den Apostel, die zegt dat, wanneer wij volmaakt willen zijn, wij van één gevoelen moeten zijn. Overigens, indien wij eenig verschil hebben, dan zal God ons wel openbaren hoe het is".
Geen scheuring. Geen afscheiding.
Van de Afscheiding van 1834 zegt dr. H. Kaajan o.a. in de Christelijke Encyclopaedie, Deel I, blz. 60 : „Aanleiding tot de Afscheiding was o.m. de bekeering van den Hervormden predikant Hendrik.de Cock. Daardoor is zij boven alles een werk Gods". Dit is wel een héél zonderlinge redeneering. Alsof de bekeering van een dominee de Afscheiding van een Kerk wettig maakt! Wat zijn er reeds tal van afscheidingen door bekeerde menschen in 't leven geroepen !
Calvijn schrijft in De Institutie, IV, 1, 10 : ,,Hoe het ook zij, waar de prediking van het Evangelie met eerbied wordt gehoord en de Sacramenten niet veronachtzaamd worden, daar vertoont zich voor dien tijd een geenszins bedriegelijke noch twijfelachtige gedaante der Kerk; en het staat niemand ongestraft vrij, baar gezag te verachten, haar vermaningen te verwerpen, haar raadslagen te weerstreven of kastijdingen te bespotten ; veel minder van haar af te wijken of haar éénheid te verbreken".
En toen, na zijn verbanning uit Geneve, de ellende der Kerk aldaar groot was, schreef Calvijn aan Farel en Couraut, die meenden dat het nu de tijd was om zich af te scheiden, het volgende : „Ik zie niet in, waarom wij zullen loochenen, dat daar feitelijk ook nu nog, een soort Kerk bestaat, zoodat de Sacramenten des Heeren geheel juist kunnen gevierd worden. Daarbij geef ik weliswaar toe, dat een Kerk aan een zeer zware ziekte lijdt, wanneer de goddeloozen en de geloovigen zóó vermengd zijn. (Doch daaruit volgt niet, dat voor de vromen 't Avondmaal des Heeren, dat zij naar Zijn inzetting (dus niet als Mis) houden, onrein is. Het is volkomen waar, ze hebben geen wettige predikanten, die het hun uitdeelen. Meer nog, er is gevaar, dat zij als hun wettige leeraars erkennen diegenen, wier Avondmaalsuitreiking zij niet verachten. (Daartegenover zeg ik duidelijk dat daarmee geen getuigenis afgelegd wordt tot billijking van de ambtsbediening dier predikanten, alleen raad ik hen, zich niet in een strijd te wikkelen, die volkomen onnut is. Want ook Christus en de Apostelen erkenden de ambtsvervulling van Kajafas niet, hoewel zij aan de ceremoniën (van dit ambt) met hem en het geheel verdorven volk, deelnamen. Maar zij lieten het terwille van de openbare orde passeeren, en lieten hem, die nu eenmaal de plaats van een kerkelijken beambte bekleedde, zijn gewone priesterambt verrichten. Gij weet toch ook, met welke middelen hij in zijn eervolle post was ingedrongen. Wat meer ? Wanneer wij ook niet zulk een matiging betrachten, zal de een van den ander in ontelbare scheuringen zich afscheiden en nooit zullen schoone woorden voor de afscheiding ontbreken". [Brief van Calvijn aan Farel 28 December 1538.]
Zeven dagen na den brief aan Farel schreef Calvijn een brief aan Pignet, waarin we lezen : „Mij aangaande, ik zal nooit besluiten scheuring te maken, als ik niet zie, dat de Kerk geheel van den dienst van God en van 't Woord der prediking afgevallen is". [Brief van 5 Januari 1639.]
Aan Farel schreef Calvijn : „Er moet onder de Christenen zulk een afkeer van scheuring zijn, dat zij die altijd, zoo Immer mogelijk, vermijden". [Brief aan Farel, 24 October 1538.]
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 juli 1937
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 juli 1937
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's