De Catechismus van Calvijn.
VIII.
Zondag 17.
Waarom is het artikel over de opstanding des vteesches en het eeuwige leven in de belijdenis opgenomen ?
Om met een dubbel doel te laten zien, dat ons geluk niet op aarde ligt. Allereerst, om ons te leeren door de wereld te gaan als door een vreemd land, alle aardsche dingen gering te achten en er nooit het hart op te zetten. En in de tweede plaats, opdat wij, wanneer wij de vrucht der genade, die God ons in Jezus Christus heeft geschonken, nog niet bemerken, toch den moed niet zouden verliezen, maar er met geduld op wachten tot den tijd van haar openbaring.
Hoe zal de opstanding plaats hebben ?
Zij, die te voren gestorven zullen zijn, zullen hun lichamen terug krijgen, maar met andere hoedanigheden ; dat wil zeggen: hun lichamen zullen niet meer aan den dood onderworpen zijn, noch aan het verderf, hoewel zij hetzelfde wezen hebben. En degenen, die zich nog levend op aarde zullen bevinden zal God wonderlijk opwekken door de plotselinge verandering.
Zal die opwekking gelijkelijk het deel zijn van kwaden en goeden ?
Ja, maar op een heel verschillende voorwaarde ; want sommigen zullen opstaan tot de zaligheid en het geluk, maar anderen tot de straf en den dood.
Waarom wordt er alleen over het eeuwige leven gesproken en niet tevens over de hel ?
Omdat er in dit korte overzicht niets is, dat niet eigenlijk tot troost der geloovigen dient, daarom wordt er slechts gesproken over de goederen, die God bereid heeft voor degenen, die Hem dienen, en zoo wordt er geen melding gemaakt van de goddeloozen, die van Zijn Koninkrijk zijn uitgesloten.
Zondag 18.
Kunnen wij uit hel fundament, waarop hei geloof rust, gemakkelijk nu besluiten, dat dit het ware geloof is ?
Ja, namelijk, dat het ware geloof een vaste en welverzekerde kennis is van de liefde Gods, die Hij jegens ons heeft, zooals Hij Zich in Zijn Evangelie verklaart als onze Vader en Zaligmaker door middel van Jezus Christus.
Kunnen wij dit geloof uit ons zelven hebben, of komt het van God ?
De Schrift leert ons, dat het een bijzondere gave des Heiligen Geestes is en de ervaring toont het ons ook.
Hoe komt dat zoo ?
Omdat ons verstand te zwak is om de geestelijke wijsheid Gods te begrijpen, die ons door het geloof wordt geopenbaard en onze harten al te geneigd zijn om Gods goedheid te wantrouwen en ons vertrouwen op onszelven of op de schepselen te stellen ; maar de Heilige Geest verlicht en beschijnt ons, om ons in staat te stellen te verstaan wat anders voor ons onbegrijpelijk zou zijn ; Hij, versterkt ook ons vertrouwen op God door de beloften der zaligheid in onze harten te verzegelen en in te drukken.
Wat is het nut, dat wij aan dit geloof ontleenen, als het in ons woont ?
Het rechtvaardigt ons voor God, om ons het eeuwige leven te doen verkrijgen.
Hoe dan ? Wordt de mensch dan niet door de goede werken gerechtvaardigd, als hij heilig leeft en naar Gods wil wandelt ?
Indien er een volmaakt mensch gevonden werd, zou men hem rechtvaardig kunnen noemen ; maar, daar wij allen ellendige zondaren zijn, moeten wij onze rechtvaardigheid elders dan in onszelven zoeken, om in het oordeel van God te kunnen bestaan.
(Wordt voortgezet.)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 augustus 1937
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 augustus 1937
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's