RONDOM DE LEESTAFEL
DE BRIEF VAN DEN APOSTEL PAULUS AAN DE COLOSSENZEN, met de gemeente gelezen, door ds. J Jonker, Geref. pred. te Zuidbroek. Uitgave van Firma S. Kleefsman & Co. te Sappemeer.
Niet lang nog geleden hebben we aangekondigd en aanbevolen (met breede citaten) een klein boekje van ds. J. van (Dijk, Geref. pred. te Schildwolde, uitgegeven bij den zelfden Uitgever: (De eerste brief van den Apostel Paulus aan de Thessalonicenzen, met de gemeente gelezen. En nu ligt als no. 2 voor ons eenzelfde boekje, om den brief aan de Colossenzen met de gemeente te lezen, 't Is heel iets anders dan de deeltjes van „Tekst en Uitleg" of „Korte Verklaring". 't Is nu alleen om populair, bevattelijk, eenvoudig de tekst van den brief te geven, zóó dat alles gemakkelijker te lezen en te begrijpen is. Maar dat wil volstrekt niet zeggen, dat er maar wat van gemaakt is. Want het is Schriftgetrouw èn — men voelt aan alles dat er studie en veel, veel arbeid achter zoo'n klein boekje zit. Commentaren zijn nageplozen en andere teksten (Nederlandsche, Duitsche, Engelsche) zijn vergeleken en Schriftgetrouw is nu een zéér bevattelijke lezing gegeven van den brief aan de Colossenzen zóó dat men het geheel gemakkelijker kan overzien en begrijpen. Vollediger dan het boekje van ds. Jonker is dit nu, in zooverre dat aan de rand de officieele tekst van de Staten-Vertaling is afgedrukt; zóó heeft men dus tegelijk de officieele gangbare tekst én de „volkslezing".
De laatste begint zóó (met „Groet en Dankzegging!") : „Ge zult er vreemd van opzien, waarde Colossenzen, van ons, Paulus en Timotheüs, die u persoonlijk onbekend zijn, een brief te ontvangen. Maar, aangezien wij u mogen erkennen als heiligen, wijl trouwgeloovige broeders in Christus, draag ik, Paulus, verantwoording voor u (hoewel ik u het Evangelie niet met eigen mond verkondigd heb) daar ik door den wil van God tot Apostel van Jezus Christus gesteld ben.
Timotheüs, mijn broeder in de Evangeliebedieninig, gaat ook volkomen accoord met wat ik u te schrijven heb. Wij mogen dan beginnen met u niet slechts „het beste" toe te wenschen, zooals de heidenen in hun brieven gewoon zijn, doch de genade en vrede van God onzen Vader.
Steeds danken wij God, die de Vader is van onzen Heere Jezus, en tot Wien wij buiten Christus niet kunnen naderen, wegens de zegeningen, die Hij u geschonken heeft, telkens wanneer wij voorbidding voor u doen."
In vers 14 en 15 leezen we (hier gaat het over „de beteekenis en de waarde van den Zoon") : „Dit mag dan ook voor ons vaststaan, dat wij de volle gave van Gods genade n.l. de verlossing, bezitten in Christus, doordat Hij den losprijs heeft betaald. Zoo is onze verhouding tot God weer goed geworden, daar Zijn betaling bewerkte, dat God ons de zonden vergeven heeft.
Vindt het nu toch niet vreemd, geliefde Colossenzen, dat dit alles in Christus alleen besloten is, want Hij, de Zoon van Gods liefde is niets minder dan beeld van God, die Zelf onzichtbaar is. In Hem' alleen openbaart God Zich aan ons, daar wij God niet kunnen zien met onze oogen en evenmin ons kunnen voorstellen met ons verstand.
Daardoor heeft Christus ook den rang en plaats van „eerstgeborene" ten opzichte van alle schepsel.
Verstaat mij goed, hiermede bedoel ik niet, dat Christus als menseh reeds zou bestaan hebben van vóór de grondlegging der wereld en evenmin, dat Hij naar Zijn wezen geen God doch alleen mensch zou zijn. Neen, ik heb hiermede niet op het oog, wat Hij als de Zoon in Zichzelf is, maar wat Hij, dien wij onzen Middelaar noemen, beteekent voor het geschapene".
Men ziet dat de verzen 14 en 15 (die mee bekend zijn geworden, doordat de dwaalleeraar Arius in de 4de eeuw zich hierop beriep, om daarmee te bewijzen dat Jezus niet van eeuwigheid Gods Zoon is, éénswezens met den Vader, maar het eerste en voornaamste schepsel, van voor de grondlegging der wereld) hier nog al breed omschreven zijn, om ze recht te doen verstaan door de lezers.
Hoofdstuk 3, dat, zooals we weten, aldus luidt in de Staten-Vertaling: „Indien gij dan met Christus opgewekt zijt, zoo zoekt de dingen die boven zijn, waar Christus is, zittende aan de rechterhand des Vaders" — wordt aldus omschreven : „Indien gij dus als gedoopte geloovigen niet slechts met Christus gestorven zijt, doch tevens met Hem opgewekt tot een nieuw leven, dan moét gij ook niet achteruit zien om te vertrouwen op aardsche dingen, maar vooruit zien naar de hemelsche. Op de opstanding volgt immers de hemelvaart! Gij moet dan ook hierin met Christus één zijn en met uwe harten en gedachten ten hemel varen. Zoekt dan de volheid van uw leven en kennis in wat boven is, waar Christus is, gezeten aan de Rechterhand Gods".
En Hoofdst. 3 VS. 12 : daar gij dus menschen zijt, die uw geestelijken stand niet door eigen inspanning bereikt hebt, maar die door God daartoe zijt uitgelezen, moet ook uw levensopenbaring daarmede in overeenstemming worden gebracht. Gij zijt heiligen, leden der gemeente van Jezus Christus en voorwerpen van de liefde Gods, daarom moet gij niet in hoogmoed op anderen neerzien, maar u ontfermend van hart betoonen, mild in uw oordeel, met een nederigen dunk van u zelf, omzichtig in uw optreden, met veel geduld".
Hoofdst. 4 VS. 1 : „Daarentegen, gij, heeren, moogt niet naar believen met uw slaven doen. Gij van uw kant moet den naar de eischen van recht en billijkheid behandelen en er op deze wijze rekening mee houden, dat gij geen eigen baas zijt In uw leven, want ook gij hebt een Heer, al is het dan niet op aarde, dan toch zeker wel in den hemel".
Wij vinden deze twee boekjes van ds. Van Dijk en nu van ds. Jonker uitermate practische, populaire boekjes — niet in den zin van „dat er maar wat van gemaakt is", maar omdat ze bedoelen het Woord Gods zoo duidelijk mogelijk te maken voor de lezers, zonder van het Woord des Heeren af te doen; waarbij met veel studie gezocht is naar de meest bevattelijke omschrijving.
Wij verwachten, dat er nog wel méér van deze boekjes zullen komen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 1937
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 1937
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's