RONDOM DE LEESTAFEL
HET STERILISATIEVRAAGSTUK door dr. A. C. Drogendijk. Uitgave : J. H. Kok, Kampen.
Het sexueele vraagstuk is aan de orde. Het sexueele leven laat zich gelden ten goede en ten kwade, tot een zegen en tot een vloek. We leven er midden in. En dan zijn er zooveel kanten, hier en in 't buitenland. Waarbij ook het sterilisatievraagstuk, met vragen die raken de eugenetiek en erfelijkheid. De gezondheid van een volk, de gezondheid van het ras — men heeft er de mond vol van. En terwijl er nu allerlei wegen bewandeld worden die niet naar Gods Woord zijn en allerlei middelen worden gegeven en geprezen, die tot een vloek zijn, is het goed. dat „onze" medici zich ook met deze dingen bemoeien en naar hun beste weten, overeenkomstig ons christelijk beginsel, hun oordeel geven. Daarom ook is dit boek verschenen en bevelen wij het voor degenen, die zich voor deze dingen interesseeren, hier aan. Voor zoover wij er over oordeelen kunnen is hier een knap stuk werk gegeven door een medicus, die bij het Woord leeft.
WISSELINGEN IN HET WERELDVERKEER, door dr. S.. Colijn. Uitgave Libellen-serie, bij Bosch en Keuning te Baarn
Wat hebben we in dr. Colijn, onzen ministerpresident, een econoom eerste klas, een man van wereldreputatie. Dat heeft God ons juist in deze tijden gegeven in Zijn gunst en goedheid. Want juist nu hebben we zoo'n man noodig. Een man, waarvan het buitenland om strijd getuigt, dat het een van de knapste en flinkste mannen is, die we hebben.
16 April van dit jaar vergaderde de Kamer van Koophandel en Industrie in onze Maasstad. DT. Colijn was ook uitgenoodigd en hij kwam. Waar hy altijd de tijd vandaan haalt om overal heen te gaan weten we niet. En het is ons te meer wonder, dat hij het doet, omdat hij te voren weet, dat men ook altijd van hem verwacht, dat hij spreken zal. Al is het maar een „toespraak" of een „tafelspeech". Maar dan komt er wat! Waaraan gewerkt is. Waar reusachtig veel materiaal zit. Gelijk nu hier in de rede door dr. Colijn gehouden te Rotterdam. Een historisch overzicht dat reusachtig bij is, veelzijdig, zakelijk, bewonderenswaardig, degelijk. En al de problemen worden dan onder de oogen gezien en behandeld.
Een wónder-dokter ? Neen. Wel een wonder gezegend man, van God ons gegeven tot zegen voor héél het volk.
God zegene hem ook nu, bij den voortgang van de vervulling van zijn taak.
ZIJN DAT UWE KINDEREN? door D. v. d. Stoep. Uitgave Bosch en Keuning. Baarn.
Men schijnt er lust in te hebben de schande van de Kerk, de schande van de christenen naar buiten uit te dragen in romanvorm. Dit boek is niet 't eenige. En wij betreuren dat. Of wij willen bedekken, dat er zooveel tekortkoming, zooveel zonde en schuld in deze is ? Neen. Maar doe het niet zóó ! Wij hebben ons geërgerd aan de manier, waarop over zoo'n stelletje menschen geschreven wordt; zóó banaal, zóó stuitend, dat wij het betreuren, dat de schrijver z'n knappe en vaardige pen voor zulke dingen gegeven heeft. Laat men toch niet zóó over de heilige dingen, die we zoo lief hebben, schrijven, ook al is 't waar, dat er wel over heilige dingen te schrijven is, in onheiligheid neergetrokken. Ruw zijn de dingen behandeld. Misschien tegen den zin van den schrijver zelf. Het spijt ons.
DE VROOLIJKE WETENSCHAP, Keur uit de preeken van ds. H. J. de Groot, gekozen en ingeleid door dr. K. H. Miskotte. Uitg. Mij. „Holland", Amsterdam.
Wij kennen ds. de Groot al zoo lang. We hebben hem b.v. in Leerdam gekend. Maar toen kenden we hem al jaren. Ook later hadden we relaties met hem door z'n krantje, We vonden hem, die een man van veel gaven is, al komt het bij anderen wellicht meer uit dan bij hem — wij hebben hem altijd een beetje „eigenaardig" gevonden — in z'n schrijven dikwijls buitengewoon geestig. En in z'n spreken kon hij er ook „van langs geven". We herinneren ons b.v. een lezing, te Utrecht gehouden.
Aan deze dingen dachten we, toen we dit boek, zoo mooi, typografisch zoo buitengewoon fijn uitgegeven, in handen namen en hier en daar begonnen te lezen, en toen hier en daar bleven lezen. Wat origineel, wat geestig, wat mooi, wat waar — en tegelijk zeiden we, wat „eigenaardig" ; we zeiden : „heelemaal de Groot". Dat is een verdienste, 't Is ook een schaduwzijde. Groote verdienste — met groote schaduwzijde.
Dr. Miskotte geeft, een zeer uitvoerige en interessante inleiding. Wie deze inleiding leest en dan de Keurcollectie leest uit preeken van ds. de Groot, die zegt „wat mooi" — óók „wat eigenaardig". En het goede en mooie houdt voor ons een schaduw, de schaduw van het eigenaardige.
„Die fröhliche moois ! Wissenschaft" heeft toch veel moois!
HOBBEMA-STATE, door K. Norel. uitgave G. F. Callenbach, Nijkerk.
Dit is een mooi jongensboek, met een diepgaande crisis in een jong leven, maar zóó beschreven, dat uit de moeilijkheden geleerd wordt en geleerd kan worden, 't Gaat over een boerenzoon, die gaven heeft ontvangen om te studeeren en er ook geld voor heeft. Z'n weg ligt open. Maar zooals er zoovelen gedupeerd zijn geworden in dezen geweldigen tijd, zoo gaat het ook den( vader, en daardoor den zoon. En de open weg wordt een gesloten, een afgebroken weg, wat ontzaglijk veel verdriet, moeite en strijd geeft. De boerenzoon wordt boer, waar hij meende ingenieur te zullen wórden. Dat is het conflict. En dat verhaal is pittig, mooi beschreven. Ein zoo is Hobbema—State een echt goed jongensboek ; waarbij aan jongens van 12 tot 16 jaar gedacht is.
HET EVANGELIE VAN MARCUS, door dr. S. F. H. J. Berkelbach van der Sprenkel. Uitg. M. Holland", Amsterdam.
Ais Holland wat geeft, is het typografisch af. Ook dit boek. En de schrijver is, zooals hij er uit ziet. Stevig, kloek, helder, beslist, wetend wat hij wil. En dan denken we aan dominé Berkelbach van der Sprenkel. Omdat dit een boek is, dat hij als dominé geschreven heeft. Of misschien geschreven en persklaar gemaakt, toen hij al professor was. Maar dan was het toch al geboren in 2? n domlné'stijd. Want het zijn bijbellezingen. Dat wil zeggen, het is een boek geworden door de bijbellezingen. Eh zóó wil prof. Berkelbach, dat het boek gelezen en beoordeeld zal worden. Niet als een professorale-commentaar. Maar als de verhandeling uit den pastoralen tijd. Wat het boek niet minder doet zijn. En dan is het, zooals de schrijver is. Het is vol korte, rake opmerkingen. Wakker, kloek, scherp, beteekenisvol. Om de zaak, die hij onder handen heeft, vooruit te helpen. Om 't duidelijk te maken, zoó, dat het spreekt.
Of men het dan in alles met dr. Berkelbach moet eens zijn ? Natuurlijk niet. Dat wil hij zelf ook niet. Hij zoekt geen slaapmutsen, die, ja knikkebollen. Hij wil wakkere menschen. En het boek is om wakker te maken en wakker te houden. Het is vol mooie, heldere, rake, typische, sprekende opmerkingen en toelichtingen en verklaringen. Het boek is, zooals de schrijver is ; zooals de dominé was, zooals de professor is.
Uitgever en schrijver harmonieeren om iets goeds te geven.
REFORMATIE EN FORMALISME, van Zerubbabel tot het einde van het Perzenrijk, door D. J. Baarslag Dzn., Uitgave Bosch & Keuning, Baarn. Libellenserie nos. 189—191.
Dit is het laatste deel van de lange reeks van boeken over de Bijbelsche Geschiedenis—Oud-Testament, door den heer Baarslag geschreven. Het is het 12de deel, afsluitend met een prachtig geheel. Telkens bij 't verschijnen van een nieuw deel, hebben wij er gaarne de aandacht op gevestigd, dat doen we nu niet 't minst, nu het laatste, het 12de deel, voor ons ligt. Wat een boek, een werk dat af is, doet zoo prettig aan. Vooral als men voelt en weet, dat het een belangrijk werk is. En dat is het, dat de heer Baarslag ons gaf, groot, omvangrijk en van buitengewone beteekenis. De heer Baarslag is geen theoloog van professie, maar hij zou 't nu honoris causa kunnen worden.
Wij willen volstrekt niet beweren, dat de figuren, de personen, de profeten — ook nu — in alles juist geteekend zijn. Maar wij hebben den indruk, dat dit laatste deel volstrekt niet het minste in de rij is. En nu we alles overzien, die lange reeks van keurig gebonden deelen, willen we gaarne hier neerschrijven, dat we den schrijver niet genoeg dankbaar kunnen zijn, dat hij lust gehad heeft en in staat gesteld is, om dit reuzen-werk ons te geven, zoó, dat het nu af is.
En is het nu uit met de geschiedbeschrijving van den heer Baarslag ? We hopen het niet. We verwachten het ook niet. Een man, als deze schrijver is, kan niet rusten voor hij alles gegeven heeft wat er in deze te geven is. En daarom zien we uit naar meer. Hij zal velen, zéér velen aan zich verplachten. Wat hij trouwens reeds gedaan heeft, met het vele dat hij ons gaf.
De Uitgevers hebben buitengewoon groote zorg gedragen, dat dit standaardwerk er perfect zou uitzien. Hulde !
GIJ, VROUWEN VAN STRAKS. Uitgave
J. H. Kok, Kampen.
Dat velen, vooral onder de meisjes, dit boek wilden lezen en in bezit hebben, bewijst het feit, dat er reeds zoo spoedig na de verschijning een 2de druk moest worden gegeven. Het boek ziet er ook zoo keurig uit en het verdient ten volle, onze hartelijke aanbeveling.
Meisjes — gij „vrouwen van straks", neemt en leest dit boek. Het zal u niet berouwen. Het is een kostelijk bezit, zoo'n boek. Dat langer duurt dan het leven van een één-dags-vlieg.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 oktober 1937
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 oktober 1937
De Waarheidsvriend | 10 Pagina's